Tripel-interview: Modeselektor, Richie Hawtin en SOPHIE bundelen de krachten Tripel-interview: Modeselektor, Richie Hawtin en SOPHIE bundelen de krachten

‘De technowereld is super boring en vol met idioten’

, Atze de Vrieze

Elke keer weer met je vaste vrienden op je eigen labelavond, dat kan natuurlijk wel, maar eigenlijk is het een beetje saai. En dus staan op ADE Modeselektor en Richie Hawtin eens samen op een poster, met ook nog eens pop-ontwrichter SOPHIE als opener. ‘Amsterdam Dance Event is te gek, maar de line-ups zijn te normaal geworden.’

De eerste keer dat Gernot Bronsert van Modeselektor en Richie Hawtin elkaar ontmoetten? Hij hoeft er niet lang over na te denken, al kan ie zich niet voorstellen dat Hawtin het nog weet. Gernot werkte als jongste bediende in Hardwax, de belangrijkste platenzaak van Berlijn. Hij was net begonnen en stond gretig zijn mannetje in het walhalla van de Berlijnse techno. Let wel, we spreken nu over de tijd waarin vinyl nog van levensbelang was voor elke dj. Op zekere dag ziet Gernot hoe een of andere dude met een permanent marker op de labels van platen zit te schrijven. ‘Ik ging er natuurlijk op af, om te vertellen dat dat niet kon, maar ik werd terug gefloten door mijn baas. Laat maar, dat is Richie Hawtin.’

Toen al gold Richie Hawtin als een van de groten van de techno, afkomstig uit de bakermat van het genre: Detroit. Nou ja, technisch gezien werd hij geboren in Engeland en woonde ie in Windsor, Canada. Maar een blik op de kaart vertelt je al dat dat op hetzelfde neerkomt. ‘Mijn vader werkte in de autoindustrie’, zegt Hawtin. ‘Hij werkte in aan de Canadese kant van de rivier, maar je moet het zo zien: de grote drie - General Motors, Ford en Chrysler - waren de grootste werkgevers van de regio. Windsor en Detroit, dat was eigenlijk als noord en zuid Londen. Er zijn zelfs buitenwijken van Detroit die verder van de stad liggen dan Windsor. Detroit was de krankzinnige stad aan de overkant, de plek waar niet iedereen van zijn ouders heen mocht. Maar ook de plek waar muzikale geschiedenis werd geschreven, precies in de vormende jaren van mijn leven.’

Maarre, hij kan zich dat moment nog wel herinneren, die keer dat hij terecht werd gewezen door een snotaap in de Hardwax. ‘Ik wist alleen niet meer dat het Gernot was, grappig. Ik deed dat inderdaad heel vaak, schrijven op platen, maar natuurlijk wel alleen op degene die ik wilde kopen. Ik ben altijd heel obsessief op zoek geweest naar de nieuwste muziek voor in mijn sets. In die tijd deed ik wel 150, soms wel 180 optredens in een jaar. Mijn favoriete tracks draaide ik misschien wel tien, twintig keer, maar daarna werden ze onherroepelijk ingeruild voor nieuwe muziek. Ik hou ervan om gewoon iets nieuws op de draaitafel te knallen, midden in de flow van een set. Voor dat soort momenten maakte ik altijd kleine aantekeningen op de plaat. Of je een track niet helemaal uit je hoofd moet kennen om hem te kunnen draaien? Nee hoor, vind ik niet. Ik hou van de spontaniteit.’

Modeselektor en Richie Hawtin dus, twee grote namen, maar uit twee heel verschillende werelden. Parallele universums die eens in de zoveel tijd dichtbij genoeg langs elkaar scheerden om even te kunnen zwaaien. Maar tot een samenwerking kwam het niet eerder. Richie Hawtin is dertig jaar onderweg in zijn carrière nog altijd trouw aan de beginselen van de techno, terwijl Modeselektor doelbewust iets heel anders toevoegde aan wat er al was. Eerst als Modeselektor, waarin sporen van hiphop, dubstep en indierock terug te vinden waren, later met Apparat als het iets subtielere Moderat. ‘Aan techno waagden we ons niet’, zegt Gernot. ‘Toen wij begonnen als producers was er al een enorme legacy van technopioniers als Richie, Jeff Mills en Derrick May. Intimiderende muziek. Wij waren daar niet goed genoeg voor.’

En dan is er nog SOPHIE, de enigmatische artiest uit Glasgow, tegenwoordig werkend vanuit Los Angeles. Jarenlang was onduidelijk wie precies achter de naam schuil ging. Interviews gaf ze zelden, maar optreden deed SOPHIE wel, met haar vervreemdende, vervormde popmuziek. Soms cheesy melodieus, dan weer spijkerhard, vaak binnen een liedje. Het voelde nieuw en fris, en trok de aandacht van mainstream popartiesten als Madonna en Charli XCX, die graag met SOPHIE wilden werken. Maar intussen wisten we nog altijd weinig over haar. We zagen dat achter die vrouwelijke artiestennaam een roodharige man schuil ging, en dat vond niet iedereen gepast in een wereld waarin vrouwen nogal slecht vertegenwoordigd zijn. Een paar jaar later viel die naam weer op zijn plek, toen SOPHIE onthulde transgender te zijn. Ze deed dat rond de lancering van haar langverwachte debuutalbum, en dat markeerde een transformatie in haar presence: SOPHIE was ineens volop zichtbaar, ze zong zelf. De onzichtbaarheidsmantel mocht eindelijk af. 
Gernot Bronsert: ‘Het was Richie’s idee om SOPHIE er bij te betrekken.’
Richie Hawtin: ‘Ik vind haar volstrekt uniek. Haar muziek is zo vervreemdend. Het ene moment is het heel mooi, het volgende geeft ze je totaal onverwacht een klap op je bek.’

Wat heb je met techno, SOPHIE? Jouw werk lijkt het verst weg te staan bij de oervorm die Richie vertegenwoordigt.
SOPHIE: ‘Ook ik ben opgegroeid met clubs waar Richie Hawtin optrad, toen ik een jaar of vijftien was. Sterker nog: ik zag hem voor het eerst optreden toen ik negen was, op een festival in Frankrijk. Ik had een halfbroer die toen achttien was, en die zat helemaal in de elektronische muziek. Ik ben met hem en mijn vader naar dat festival gegaan. Hij was de tijd van Decks, EFX & 909. Of ik het begreep? Op een hele pure manier, ja. Niet al die academische onzin die je er later bij leert. Geen context, geen geschiedenis, geen drugs. Ik vond het te gek, en daar is mijn interesse voor elektronische muziek begonnen. Vanaf toen wilde ik alleen nog maar muziek maken met keyboards.’

Je debuutalbum is vooral song-gericht, maar deze zomer heb je het geremixt. Het was meer dan een verzameling remixes, het was echt een set. Wat is het idee achter dat project?
SOPHIE:
‘Ik luisterde in die eerste jaren veel naar rave-tapes, psytrance enzo. Heel vaak kwam als er een album uitkwam, ging dat gepaard met zo’n remixplaat, die op mij eigenlijk nog meer invloed had dan de albums zelf. Daar hoorde je hoe dj’s mixten, welke trends op de dansvloer golden, het was een snapshot van hoe het moest zijn om in een club te staan.’

Jullie zijn ook weer meer gericht op de dansvloer, Gernot. Na een paar jaar elegante muziek gemaakt te hebben met Moderat hebben jullie echt weer zin om lekker te knallen als Modeselektor. Althans, zo leek het op Lowlands.
Gernot Bronsert: ‘Absoluut! We hebben er echt lol in. Ik las gisteren op Facebook dat Sascha - Apparat - een show stil had gelegd omdat mensen keihard door zijn subtiele liedjes heen stonden te kletsen. Hij heeft het eerst twee keer heel beleefd gevraagd, en toen is ie maar gestopt met spelen. Ik heb hem meteen maar geappt: het wordt tijd voor nieuwe Moderat muziek. Hij antwoordde: "ik kan het niet in mijn eentje, harde muziek maken." Bij ons in de zaal kunnen mensen niet eens praten. Zodra ze hun mond open doen duwt de bass alle lucht terug naar binnen!’

Op Lowlands stond in de tent naast jullie een novelty artiest genaamd Marc Rebillet in zijn onderbroek achter een tafel vol apparatuur. Hij verklaarde jullie en je bassen de oorlog.
Gernot Bronsert: ‘Ah, ik ken hem, hij is cool, hij speelt funky shit. Ik ben blij dat hij het was die het tegen ons opnam. We hebben ook wel eens tegelijk met Sigur Rós gespeeld. Wat moeten die ons gehaat hebben. Onze zomer is heel cool geweest, en daarna zijn we nieuwe muziek gaan maken. Het idee was om dit jaar nog een tweede album uit te brengen, maar dat wordt 2020.’

Richie, jij hebt ook net een nieuw project uit: CLOSE Combined, een hybride live-album, waarbij je werkt met tracks van anderen en zelf dingen toevoegt. Vraagt dat ook samenwerking met artiesten wiens tracks je goed vindt? 
Richie Hawtin:
‘Was het maar zo, ik heb daar helaas geen tijd voor. In het digitale tijdperk komt de muziek in zo’n ongelofelijk tempo op me af, dat is amper bij te houden. Ik kan er van alles mee in mijn sets: loopen, dubbel afspelen, met mijn modular synth dingen bewerken. Het werkt als een soort stream of consciousness. Het liefst zou ik contact opnemen met producers: kun je me die track zonder vocals sturen? Mag ik de Ableton sessie? Maar ach, het is een dunne lijn van goed voorbereiden naar te veel voorbereiden. Het moet wel spontaan blijven. Maar ook op deze manier kan ik alle kanten op. Voor mij als dj draait het om een direct feedback loop tussen artiest en publiek. Ik heb de tracks van anderen tot mijn beschikking, maar ik heb ook mijn eigen apparatuur bij me, een modular systeem, drumcomputers. Zo maak ik iets dat fris en nieuw klinkt.’

In die technologische uitdaging zoek je de vernieuwing voor het dj vak. Het gekke is: de muziek zelf was eigen al in de jaren negentig perfect. Is de muziek voor jou veranderd sinds die tijd?
Richie Hawtin:
’Ik merk dat er een steeds sterkere nostalgie naar de jaren negentig is, terug naar de rauwe drumtracks, acid energie. Ik hou van die sound, ik ben ermee opgegroeid, maar tegelijk krab ik me soms op mijn hoofd. Hoe kan een futuristisch geluid nostalgie worden?’
Gernot Bronsert: ‘De essentie van techno is dat het je in een andere tijdzone brengt. Een goede technoclub verkoopt je tijd. Ga je naar de Berghain, dan kun je daar twaalf uur in een parallel universum verkeren, en dat kan een levensveranderende ervaring zijn. Dit is geen lsd-praat hoor, ik doe geen drugs, maar ik weet dat deze muziek dat mensen mensen doet.’
Richie Hawtin: ‘Misschien is ‘futuristisch’ wel niet de juiste term. ‘Tijdloos’ is beter als je het zo beschouwt. Het gaat erom jezelf te verliezen, alles achter te laten wat in je leven gebeurt en hopelijk met een positief gevoel weer naar buiten te komen. De beste techno - zeker het soort dat ik draai - is heel introvert, het is muziek diie je dwingt in jezelf te kijken.’
SOPHIE: ‘De technowereld is super boring en vol met idioten. Het heet techno, het zou om technologie moeten draaien. Maar de apparatuur die veel producers gebruiken is veertig jaar oud. Mensen zouden veel meer moeten focussen op nieuwe ontwikkelingen.’

Jouw muziek wordt ook vaak als ‘futuristisch’ omschreven. Is dat iets waar je naar streeft?
SOPHIE:
‘Nee, ik wil graag muziek voor het heden maken. Zo ‘nu’ als ik maar zijn kan. Dat is een combinatie van technologie en muzikale visie. Het gaat erom dat je je bewust bent van de technologische mogelijkheden, en die vervolgens misbruikt. Gebruik technologieën op een manier waarop ze niet bedoeld zijn, en je ontdekt iets nieuws. In feite ben je dan geen muzikant meer, maar een hacker.’

Hoe werkt dat, dat hacken van technologie?
SOPHIE:
‘Dat ga ik natuurlijk niet vertellen, dan onthul ik mijn geheimen. Nou ja, ik wil het best onthullen, maar dan op een zinvolle manier, niet in een magazine.’

Toch zit er ook een zweem van nostalgie in je muziek, naar de elektronische hitpop uit de jaren negentig bijvoorbeeld.
SOPHIE:
‘Mensen zijn nu eenmaal nostalgische wezens, maar ik vind nostalgie zelf totaal niet interessant, ik probeer er zo ver mogelijk uit de buurt te blijven.’

Gernot, wat me opviel bij de Modeselektor show op Lowlands was de tirade van je partner Szary tegen ‘haters en racisten’. Jullie spraken je heel nadrukkelijk uit tegen bepaalde ontwikkelingen in de maatschappij. Is dat ook een van de redenen dat jullie liveset nu zo stevig is? Is het een soort call to action?
Gernot Bronsert:
‘Absoluut. Overal in de wereld zien we hoe populisten de boel overnemen, zelfs in Nederland. Als er een land is dat exact weet hoe erg dat is, dan is het Duitsland. Szary en ik komen allebei uit Oost Berlijn, waar we na de val van de muur veel problemen hadden met nazi skinheads en hooligans. Het was wel een verklaarbare reactie: de mensen in het oosten hadden hun hele leven gehoord dat communisme goed was, Rusland onze redder, het Derde Rijk het ultieme kwaad. En hoewel dat laatste natuurlijk helemaal waar is, was het hele systeem natuurlijk ook een brainwash. Geen wonder dat sommige mensen zich afzetten en toen de mogelijkheid daar was precies het tegenovergestelde vond. Wij kwamen die lui veel tegen in het nachtleven, het was altijd knokken. Szary en ik zaten in de straatkunst, graffiti, kraakpanden. Dat is waar de technoscene ontsprong. Ze zijn destijds verdwenen, die nazi’s, weet je hoe? Op een gegeven moment begonnen die ook zij xtc te nemen, en toen verdween hun boosheid. Uiteindelijk bleken het toch ook maar gewoon jonge mensen die het naar hun zin wilden hebben. Ze vonden hun eigen vormen van muziek uit, hun eigen subcultuur. Techno is een slang die heel vaak van huid verandert. Maar in al die verschillende vormen is er een constante: er zijn altijd homo’s bij betrokken. Homo’s houden deze wereld levend.’

Het viel me al op dat jullie een Pride vlaggetje in jullie Twitter bio hebben staan. Je bent zelf geen homo toch? 
Gernot Bronsert:
‘Diep van binnen is iedereen gay. Maar nee, ik heb twee kinderen, ik houd van meisjes. Ik heb het natuurlijk wel geprobeerd maar ik ben niet zo goed met andere piemels.’

Met welke visie op de wereld ben je zelf opgevoed?
Gernot Bronsert:
‘Mijn vader werkte aan de universiteit, mijn moeder was ook lerares. Ze hadden altijd problemen met de overheid, met name omdat mijn vader uitgesproken was. Hij was een van de weinigen die latijn als gesproken taal beheerste, zeg maar het latijn waarmee je op de markt een brood kon bestellen. Daarom konden ze niet van hem af, maar we werden wel altijd gemonitord door de geheime dienst. Mijn ouders hebben me altijd geleerd dingen zelf uit te zoeken, niets zomaar aan te nemen. Er waren veel mensen zoals wij, maar zeker in de arbeidersklasse ging het anders.’

Richie, de pioniers van de techno verwijzen ook altijd naar de maatschappelijke achtergrond waarin ze leefden en werkten, Detroit als fabrieksstad in verval. Hoe heb jij dat ervaren?
Richie Hawtin:
‘Vanuit mijn perspectief was techno inderdaad een ontsnapping uit de situatie waarin de stad zich bevond. De economische omstandigheden - Detroit was de eerste echte postindustriele stad - het racisme. De technoscene was zwart en wit, homo, hetero, alles door elkaar. Ik groeide op als wit jochie aan de andere kant van de rivier, aan de andere kant van de grens ook. Veel ouders lieten hun kinderen niet naar de stad gaan omdat het te gevaarlijk was. De stad was grotendeels Afro-Amerikaans. Het was te gek dat mensen die verder dan dat keken elkaar vonden in de muziek.’

Kostte het jou als witte jongen moeite om gerespecteerd te worden? De belangrijke mensen in de techno toen waren eigenlijk allemaal Afro-Amerikanen.
Richie Hawtin:
‘Er waren twee levels van gesprek. Iedereen die net als ik op de muziek afkwam, kreeg respect. Als je hier terecht bent gekomen, ben je een van ons. Het tweede level was toen ik zelf ging draaien en produceren. Ik heb heel hard moeten werken om te bewijzen dat ik dedicated was en dat ik de juiste motivatie had. Dat is wat Detroit altijd sterk heeft gemaakt: een sterke kern van muzikanten, die de muziek ademen en uitdragen, al dertig jaar lang. Ik probeer ook altijd open te staan voor nieuwe mensen die met de juiste intenties toe willen treden tot de techno community.’

Er zijn duidelijk overeenkomsten tussen jullie, maar voor mij voelt het toch alsof Modeselektor en Richie Hawtin twee heel verschillende werelden zijn, die samen komen. Om over SOPHIE nog maar te zwijgen. Ervaren jullie dat ook zo? 
Richie Hawtin:
‘ADE draait om alle stijlen van elektronische muziek, house, techno, alles er tussenin. Het jammere is alleen dat die stijlen heel sterk van elkaar gescheiden zijn. Elke avond met je vrienden of met je label op een avond staan is natuurlijk gezellig, maar het is ook saai. Elke keer hetzelfde programma. Amsterdam Dance Event is te gek, maar het is wel te normaal geworden. We mogen de boel wel eens een beetje opschudden.’

SOPHIE, Modeselektor en Richie Hawtin staan samen in de Scheepsbouwloods op woensdag 16 oktober 2019.

#nieuws
Laatste nieuws en artikelen van 3voor12