De kunst van de dj met The Flexican De kunst van de dj met The Flexican

‘Ik heb zeker 3.000 nummers zelf thuis zitten editten’

, Atze de Vrieze

In deze editie van 'de kunst van de dj' krijg je een spoedcursus 'hot cues' van een van de snelste eclectische dj's van Nederland. En hij vertelt je ook waarom hij toch maar een koptelefoon gebruikt, ondanks dat je die als dj tegenwoordig helemaal niet meer nodig hebt.

Met meer dan vijfentwintig jaar historie is house tegenwoordig een muziekgenre met historie. Maar de geschiedenis van de dj-cultuur in de hiphop is nog veel langer. Traditionele hiphop skills worden nog steeds hoog gehouden, ook nu de cultuur in een digitale overdrive geraakt is. Daarover gaat het in deze aflevering van ‘de kunst van de dj’ met een van de meest prominente hiphop-dj’s van Nederland, The Flexican.

Dat is hij al jaren, van Jimmy Woo tot Latin Village tot grote en kleine feesten in het hele land. En toen had Thomás Goethals aka The Flexican vier jaar geleden ineens een wereldhit te pakken. Ok ok, je moest er de kleine lettertjes voor lezen, maar het was echt zo: Major Lazer’s ‘Watch Of For This’ was namelijk gebaseerd op een productie die The Flexican en FS Green maakten met Typhoon, en hij kreeg er volop de credits voor. Lekker, als dj, om zo’n eigen knaller te hebben waarmee je gegarandeerd de zaal op zijn kop kan draaien. Maar The Flexican weet dat het bestaan een een dj verder gaat dan het draaien van hits. Hij maakte deel uit van Flinke Namen, stond met hen en The Opposities in de Alpha-tent op Lowlands en wordt al jaren gezien als een van de beste eclectische dj’s van Nederland. ‘Ik ben een dj, maar ook een engineer. Ik begon met draaien, maar ik maakte ook beats en wilde al snel weten hoe ik al die rappende vrienden van me die goed kon opnemen. Daarom heb ik de Sound Engineering Academy gedaan, een particuliere opleiding waarvoor ik van mijn oma 7.000 euro moest lenen. Ik leerde er de basistechnieken van de studio.’

Hoe vertaalde zich dat terug naar het dj-vak?
‘Ik maakte thuis mixtapes, die perfect moesten klinken. Dat ging in het begin - zo rond 2004 - natuurlijk nog niet met de computer, maar ik maakte wel een intro, met een soort welkomstekst en de nodige scratches. Of iemand ripte een show van Ali B voor me, die ik op minidisc klaar zette. Muziek draaide ik nog op vinyl en alles moest strak. Je was fucking veel tijd kwijt aan de voorbereiding en dan nam ik het op met mijn multitrack recorder.’

De hiphop cultuur begon natuurlijk met dj’s als Grandmaster Flash, die stickertjes op hun platen plakten om aan te geven waar de break zat. Ben jij ook nog zo begonnen?
‘Wel met die techniek, ja. En ook met het draaien van twee dezelfde platen, de een instrumentaal, de ander het hele nummer, of heen en weer in break. Ja, zo is het freestylen met rappers ontstaan. Een dj pakte een instrumentale break, waar de rapper meer ruimte had om te improviseren, en door twee dezelfde platen te gebruiken kon de dj dat deel van de track loopen. Die historie kende ik toen nog niet zo goed, ik leerde het vak in eerste instantie van andere dj’s in Nederland. Jongens als SP, de hele Fat Beats crew, TLM, Wix natuurlijk. En Real El Canario, een dj van de Canarische Eilanden die een tijdje hier woonde en werkte en alle dj’s aangestoken heeft. Hij liet mensen zien hoe je op een hele snelle manier kunt mixen, en hij heeft de veelzijdigheid in de hiphop gebracht. Dan mixte ie in een hiphop-set een funkplaat, om vervolgens in tien minuten alle hits van Michael Jackson er doorheen te jagen, en daarna een salsaplaat. Wij stonden te kijken: wat doet hij nou! Hij werkte in een typische New York stijl, sommige tracks hoorde je maar 40 seconden, alleen om te hypen. Aan het eind van een set had hij hele stapels vinyl naast zijn draaitafels liggen, omdat hij simpelweg geen tijd had om ze op te ruimen. Zo is de eclectische sound in Nederland ontstaan.’

'Aan het eind van een set had Real El Canario altijd hele stapels vinyl naast zijn draaitafels liggen, omdat hij simpelweg geen tijd had om ze op te ruimen'

Er staat hier een platenspeler met een gouden arm.
‘Ja, dat is een limited edition Technics SL-1200. De klassieke draaitafel, maar dan een limited edition waarvan er maar 10.000 van gemaakt zijn. Hij heeft niet alleen een gouden arm, maar ook pianolak. Die wilde ik altijd al hebben, afgelopen zomer heb ik er een tweedehands op de kop kunnen tikken. Ik vind vinyl draaien nog steeds heel leuk. Het is haast meditatief, omdat je op de CDJ’s zoveel meer kunt. Er zijn zoveel functies dat je soms denkt: wat zal ik eens gaan doen?’

Ok, dus vinyl is wat naar de achtergrond gedrongen, CDJ’s met usb-sticks zijn de standaard geworden. Hoeveel CDJ’s gebruik je?
‘Op mijn rider staan er vier. In principe eentje als back-up, de andere drie gebruik in non-stop. Een loopt, op de andere staat iets klaar, of ik heb een a cappella of een sample lopen. Wat ook fijn is: vier CDJ’s betekent vier schermen. Zo kun je vier verschillende playlists tegelijk open zetten. Ik heb mijn muziek ingedeeld in Hit, Hype, Build-up en Warm-up, onafhankelijk van genre of BPM. Draai ik vroeg, dan put ik vooral uit Build-Up en Warm-Up, maar ook bij een primetime set is het handig om te schakelen. Dan ben ik te hype bezig en moet ik wat gas terug nemen, of ik merk dat mensen niet mee komen en grijp naar mijn Hits.’

Vroeger plakten dj’s hun labels wel eens af om geheim te houden wat ze draaiden. Dat hoeft nu niet meer nu iedereen Shazam heeft. 
‘Klopt, al druk ik de info op mijn CDJ nog wel eens weg als iemand te nieuwsgierig is. Sommige dj’s vragen het netjes als ze een track ID willen weten, anderen niet. Een vriend van me tourt veel met Loco Dice, de techno-dj. Hij vertelde dat die van onuitgebrachte tracks de titels verandert. Zo ver ga ik niet hoor, want dan kan ik straks niks meer terug vinden.’

Dan die onbegrensde mogelijkheden van de moderne techniek. Wat gebruik jij veel?
‘Ik werk veel met hot cues. Dat zijn markers, startpunten in een track die je zelf kunt aangeven. Zo kunnen je skippen binnen de track, bijvoorbeeld op een door jou gekozen moment naar het refrein, of de break opnieuw. Zo kun je precies aangeven wat jij belangrijk vindt aan een track. Vroeger, toen CDJ’s nog gewoon echt cd-spelers waren, kon je die hot cues alleen live aanmaken. Dan maakte ik vaak edits thuis. Ik heb zeker 3.000 nummers eigenhandig zitten bewerken op de computer. Soms kleine veranderingen, soms ingrijpende. Een housetrack van 32 bars bracht ik bijvoorbeeld vaak terug tot 16 bars, zodat ik niet zo lang hoef te wachten. Hoe korter de track, hoe meer vrijheid je hebt om zelf te beslissen wanneer de track echt begint. De introductie van het softwareprogramma Rekordbox - waarmee je hot cues al thuis kunt aanmaken - is voor mij een uitkomst. Wat ik vaak deed en nog steeds doe: een edit van een instrumental, een a cappella en de hele track na elkaar, zodat je makkelijk kunt skippen. Het is echt heel belangrijk voor me geworden. Vandaar ook mijn irritatie dat die hot cue knoppen nog steeds van hard plastic zijn. Ze gaan veel te snel kapot. Ze zien niet in dat die cue points een creatief ding geworden zijn, als een soort drumpads. Soms sla je met een kick en een snare live een beat.'

Mensen weten toch hoe een nummer klinkt? Krijg je er geen commentaar op dat je hun favoriete liedje ‘sloopt’?
‘Je moet daar natuurlijk wel rekening mee houden. Wat is het key moment, welk deel van de track doet echt iets met mensen. En je moet oefenen. Als je geen ritmegevoel hebt en je gooit hem er helemaal verkeerd in, denken mensen dat er iets mis is. Het moet klinken alsof de track zo hoort. Met de verwachtingen van je publiek kun je natuurlijk ook juist spelen. Een instrumental van een track herkennen mensen wel, maar ze missen ook iets. Met hot cues kun jij kiezen wanneer je ze geeft wat ze willen.’

'Techno-dj’s hebben vaak meer respect voor wat er voor en na hen gebeurt'

Is het soms niet te veel, al die techniek?
‘Dat vind ik wel. Je moet het zien als tools waarmee je mensen verrassing kunt geven, waarmee je mensen iets geeft dat ze niet net zo goed thuis op kunnen zetten. Maar soms moet je een track gewoon de ruimte geven. Twee minuten wachten tot het juist punt komt om te mixen. Het verschilt ook per publiek. Bij Encore zijn ze gewend dat dj’s heel snel mixen, veel hits. Ik vind ook dat je rekening moet houden met de flow van de avond. Er zijn tegenwoordig veel dj’s die een beetje kunnen draaien - dat is niet meer zo moeilijk - en die op de hoogte zijn van de platen van het moment, maar die weinig voeling hebben van de timing van platen. Soms kijk ik om half twee in de history van de dj voor me en schrik ik: heb je deze al gedraaid, en die? Veel te vroeg! Daar doe je zo’n hit dan geen recht mee. Het komt ook voor dat een primetime dj kort voor zijn set binnenkomt en aftrapt met zo’n grote hit. Het publiek reageert daar dan lauw op, waardoor de dj in de war raakt en in een soort paniek nog meer hits gaat knallen. Techno-dj’s hebben vaak wel meer respect voor wat er voor en na hen gebeurt.’

Je hebt nog een tool tot je beschikking: Sef. Lang niet elke dj heeft een mc, maar voor jou werkt dat blijkbaar?
‘Ja, tot een bepaald punt. We hebben net de keuze gemaakt het minder te gaan doen, omdat ik me op een andere manier wil ontwikkelen. Er zijn op het moment heel veel mensen in Nederland die het doen. En soms heb je het gevoel dat mensen iets verwachten, in plaats van dat de muziek spreekt. Het moet niet zo zijn dat niemand iets doet als je het ze niet expliciet vraagt. Dat neemt niet weg dat wij er ook heel veel aan gehad hebben om het zo te doen. We zijn mega gegroeid, zijn op andere plekken terecht gekomen. Maar nu wil ik terug naar waar ik vandaan kom, langere verhalen vertellen. Zeker als je de hele avond van start tot finish draait - wat ik steeds vaker doe - heb je zelf de controle over alles. Je weet hoe laat mensen binnen waren, wanneer ze dronken werden, wanneer ze ergens op wachten en wanneer je nog even moet inhouden. Ik wil wat dat betreft wat laten zien als dj, ook in het buitenland.’

Je wilt bewijzen dat je een echte dj bent?
‘Ja, ik wil laten zien dat een dj meer doet dan op play drukken. De laatste jaren zijn er regelmatig filmpjes opgedoken van dj’s die dat doen. Het gekke is: ik draaide een tijdlang zonder headphones, omdat ik met die hot cues werk. Ik ken de track, weet hoe ie loopt, heb hem geprepareerd. De titel en BPM kan ik aflezen op de cd-speler, dus eigenlijk leidt een koptelefoon me alleen maar af. Maar dan krijg je dus na afloop commentaar: oh, Flexican draait een pre-mixed set. Ja tering, dat is irritant! Techno-dj’s draaien ook steeds vaker zonder headphones. Alles is retestrak, ze syncen er samples in. Daar is niets mis mee, ze zijn gewoon live iets aan het maken, en daar heb je geen koptelefoon bij nodig. Ik zelf heb dan heel erg de neiging om met bv rewinds heel duidelijk te laten horen dat ik iets doe, dat ik inspeel op het publiek. Maar ik ben ook weer headphones gaan gebruiken. Je moet het beeld van de dj laten zien.’

Is dat je trots?
‘Zo heb ik het nooit bekeken, maar ja, het is wel een beetje trots.’

Flexican draait tijdens Koningsdag op vijf verschillende plekken tegelijk. Volgende week komt zijn nieuwe EP New Moon uit op vinyl, met daarop vier tracks en hun instrumentals. Het vinyl is te koop bij Concerto.

 

 

nu op 3voor12