Experimenteel
Er zijn veel stoelen neergezet, maar er is maar weinig publiek op komen dagen om het spektakel te aanschouwen. Hoogstwaarschijnlijk komt dat door de vrieskou, temperaturen bungelen namelijk tussen de –3 à -4 graden Celsius. Al snel begint de band met spelen, en hoor je hoe experimenteel de muziek is. Staccato saxofoon, onheilspellende pianonoten die dwars door intense bas- en drumpartijen gespeeld worden vullen de zaal. De muziek is vrij desoriënterend, en toch klopt het geheel. Je voeten en hoofd beginnen spontaan mee te bewegen op de toon van de muziek, en er is een duidelijke rode draad die je als luisteraar kan horen.
Een groot deel van de stukken staat op het tweede album van de band ''Ambrosia II'' dat gebaseerd is op het tweede boek van Dante's Goddelijke Komedie, Purgatorio. Hierin lopen Dante en zijn favoriete dichter, de Romein Vergilius, over de louteringsberg in het hiernamaals, waar zeven types zondaars verblijven. Door de muziek krijg je erg het gevoel alsof je met het duo mee op reis gaat, alsof je de pijn die de zondaars voelen van de straffen die ze opgelegd krijgen met eigen ogen ziet.
''Jullie maken het warm''
De band gaat verder met hun muzikale tocht over de berg. Altsaxofonist Mo van der Does deint met zijn lichaam mee op het ritme. Zijn oorbelletje in zijn linkeroor glinstert in het podiumlicht. Contrabassist Alessandro Fungaro, die niet vast onderdeel van de band is, zwaait daarentegen alle richting in met zijn lichaam, en headbangt mee op de muziek. Hij speelt erg gedreven, en hier en daar kan je hem horen steunen en kreunen wanneer hij zijn instrument bespeelt. De rest van de band doet er ook een schepje bovenop, Koen Schalkwijk slingert de ene pianonoot na de andere de zaal in, Ruud Voesten bijt zo nu en dan op zijn onderlip tijdens het drummen, en Wietse Voermans soleert zo energiek op zijn saxofoon dat zijn gezicht er rood van ziet.
Intussen is er wat meer publiek binnen komen druppelen. ''Bedankt dat jullie ondanks de kou naar ons zijn komen kijken'', zegt Ruud tegen het publiek. Een man roept terug; ''Jullie maken het warm!'' Een glimlach verschijnt op Ruud zijn gezicht. Kort daarna spelen ze verder. Het wordt inderdaad erg warm voor bassist Alessandro, die tussen de stukken door zijn grijs gestreepte colbert uitdoet, en daarmee een arm vol grote tatoeages laat zien. ''Wel een lekker bandje zeg'', zegt dezelfde man die eerder een compliment naar de band riep. Hij is kennelijk snel een fan geworden.
Naarmate de set vordert wordt de muziek steeds onheilspellender en mysterieuzer: een nieuwe plek in Purgatorio is bereikt. Een mooi stukje synth klinkt, maar wanneer de piano en zachte, maar hoge noten van de saxofoon daar dwars doorheen komen krioelen, krijg je kippenvel op je armen. Je oorschelpen vragen om rust, maar je wilt meer horen, meer ervaren, meer voelen.
Hof van Eden
Er volgen nog een aantal stukken, waaronder over wraakzucht en hebzucht. ''Over hebzucht gesproken'' zegt Ruud, ''we hebben Cd's meegenomen!'' Een synth-loop klinkt tijdens het stuk. Wie had gedacht dat Purgatorio futuristisch kon klinken? God works in mysterious ways. Na het einde van het stuk vertelt Ruud dat hij door een stichting in Florence, de geboortestad van Dante, uitgenodigd is om daar tien dagen lang aan zijn muziek te werken.
Uiteindelijk komt er een einde aan de reis van Dante en Vergilius door Purgatorio. ze komen uit bij Paradiso, of het Hof van Eden. ''Hier moet Dante Vergilius achterlaten,'' vertelt Ruud aan het publiek, ''Hij was namelijk van vóór de tijd van Jezus, en mag het hof niet in.'' Hij vertelt verder dat Dante's overleden muse, Beatrice Portinari, hem in de tuin opwacht. Zij is echter niet blij om hem te zien, omdat hij haar vergeten zou zijn door met een ander te trouwen en kinderen te krijgen. Hier moet hij zijn zonden opbiechten en opnieuw gedoopt worden als het ware. Het laatste stuk heet dan ook toepasselijk ''Tuin''.
De muziek is opbouwend, kippenvel komt terug, en hier en daar voel je alsof je achterna gezeten wordt door iets wat jij niet ziet, maar datgene jou wel. Plotseling klinkt er schoonheid. Beeldschone, harmonieuze saxofoon en pianoklanken vullen de ruimte. Je hebt het Hof van Eden eindelijk bereikt, en langzaam maar zeker komt het stuk, en daarmee ook de gehele show, tot een mooi, rond einde.