REC. zaterdag: Joey Bada$$ vlamt en Moses Sumney fluistert REC. zaterdag: Joey Bada$$ vlamt en Moses Sumney fluistert

Wie had gedacht dat een intieme folkie het hoogtepunt kon worden?

, Timo Pisart

Het gaat bij het Rotterdamse REC. festival toch om dansen tot diep in de nacht? Meeblèren met die crossover-electropophit van morgen, in een kolkende pit staan bij de vlammende hiphopshows en je aan je heupen te laten trekken door obscure platen uit alle kiertjes van de wereld? Hoe kan het dan toch dat de meest atypische act van deze tweede dag het hoogtepunt vormt?

Moses Sumney is zijn naam, en zijn show in het kleine bovenzaaltje van Annabel is zijn debuutoptreden in Nederland. Eerder dit jaar verscheen zijn prachtig vrije en jazzy folkplaat Aromanticism, en al daarvoor werd de 25-jarige Amerikaan naar voren geschoven door Sufjan Stevens, Solange, James Blake en Grizzly Bear. ‘Dit nummer gaat erover nog nooit te zijn gekust. Kortom: mijn leven’, zegt hij grinnikend, maar hij meent het wel: in zijn nummers bezingt hij een leven waarin hij geen enkel gevoel van verliefdheid heeft gekend. Waar zijn songs op plaat rijk zijn gearrangeerd met sierlijke strijkers, speelt hij live met twee muzikanten waarvan je je continu afvraagt hoe ze al die geluiden toch produceren: links zit een gitarist die soms een ambient-laag neerlegt, dan weer noisy uithaalt en dan weer zijn handen oprekt voor duizelingwekkende jazzakkoorden. En rechts nog eens een multi-instrumentalist die soms bas speelt, soms toetsen en soms een piepklein saxofoontje ter hand neemt, die hij continu vervormt en pitcht. 

Ja, en dan Sumney zelf, die zijn stem telkens weer samplet en zijn looppedaal vooral gebruikt om een spookachtig nevel over zijn liedjes te draperen, zo organisch dat je het af en toe nauwelijks doorhebt. Met zijn kopstem klimt hij soepel jazzy toonladders op en af, en schiet hij duizelingwekkende hoogtes in. Hij speelt intieme liedjes die langzaam maar zeker opbloeien als je ze de aandacht geeft die ze verdienen. Maar goed: het publiek van REC is er ook om te dansen, en hoewel de mensen vooraan met natte oogjes aan zijn lippen hangen, wordt er achterin aardig doorheen geouwehoerd. Totdat Sumney ze krachtig tot stilte maant. ‘Ik heb hier een mes…’, zegt hij nadat hij een liedje stillegt, ‘als je iemand ziet die praat? Steek ‘m neer!’

Moses Sumney

Geflipte Arabische melodieën die aan de heupen trekken

Goed, gelukkig valt er ook nog genoeg te dansen op de tweede dag van REC. Bij Acid Arab in BAR bijvoorbeeld. Het Franse trio staat op het sleutelmoment tussen de avond en de nacht en doet precies wat de naam belooft: acid house spelen, maar dan met Arabische elementen. De toetsenist speelt met z’n ene hand Oosterse motiefjes, om met z’n andere hand continu de pitch wheel heen en weer te wiebelen zodat het allemaal nog nerveuzer wordt. Er knallen ondertussen opruiende trommels uit de samplers, de stroboscoop vlamt non-stop en BAR wordt aardig platgespeeld. 

Alleen: eigenlijk voelt de muziek van Acid Arab nogal bedacht en geforceerd, zeker voor de paar mensen die al vroeg in de avond op dezelfde plek Islam Chipsy en zijn band EEK hebben gezien. Chipsy is een Egyptische toetsenist die ooit op een bruiloft eens met twee drummers optrad, en besloot in die bezetting te blijven optreden. Hij is een virtuoze muzikant die speelt zoals je nog nooit iemand hebt zien spelen: soms laat hij zijn Yamaha keyboard janken als een valse doedelzak, dan weer als een overstuurde en hysterische Gameboy. Af en toe speelt hij razendsnelle melodieën, maar net zo vaak slaat hij als een bezetene met een vlakke hand op zijn toetsen, terwijl zijn drummers loeiharde samba-breaks spelen. Op onder andere Lowlands en Le Guess Who brak hij er de tent al mee af, nu staat er maximaal 25 man voor zijn neus. Een beetje sneu, als een huwelijksfeestje waar niemand kwam opdagen, maar nog altijd een heerlijk optreden.

Islam Chipsy

Sowieso komt deze dag nogal traag op gang: de futuristische jazzfunk van Dorian Concept komt niet helemaal over in de grote zaal van Annabel – en het is sowieso een beetje een gekke boeking, aangezien zijn laatste plaat uit 2014 komt. De positie van Little Dragon als sub-headliner vandaag is bovendien wat teveel eer: het Zweedse viertal heeft zijn beste tijd alweer zes jaar achter zich liggen en het materiaal van het meest recente album Season High hadden ze ook best kunnen overslaan – op die coole slowjam ‘High’ na dan. Maar het ziet er allemaal wel weer fantastisch uit: zangeres Yukimi Nagano in een weirde plastic jurk en haar baardige bandleden met fluorescerende outfits, en bij oudjes ‘Ritual Union’ en ‘Klapp Klapp’ komt heel Annabel in beweging.

Little Dragon

Little Dragon

Meer spanning zit er in de hiphopacts vandaag: Shabazz Palaces (dat aanstaande weekend een eigen programma op Le Guess Who? cureert) geeft een intrigerende show. Afgelopen zomer bracht het duo een dubbelalbum uit waarop ze het vijandige Amerika beschouwen als buitenaardse wezens (‘we post-language, baby, we talk with guns’). Met de vlag van de VS achter zich brengen ze die nummers, die eerder vervreemdend zijn dan dansbaar, met freeform-raps van Ishmael Butler die alle kanten op stromen, en Palaceer Lazaro voor een tafel vol sambaballen, samplers en duimpiano. 

En dan is Joey Bada$$ er nog: de tweeëntwintigjarige rapper uit New York is de grootste naam van het festival. Zijn debuutalbum stond vol met zonnige nineties boom-bap en oldschool samples waar je zowaar een beetje nostalgisch van zou kunnen worden, zijn licht-politieke tweede album ALL-AMERIKKKAN BADA$$ vertaalt dat geluid al iets meer naar 2017. Live brengt hij dat zo mogelijk nog vuriger: zijn raps zijn spot on en hij hoeft niet op een tape te leunen zoals veel van zijn generatiegenoten. Al vanaf zijn eerste song kolkt de hele Annabel, en tegelijkertijd is het meer bouncen dan de mosh pit in duiken. Des te komischer dat voor zijn eennalaatste song – ‘dit is een nieuwe, maar ik wil dat jullie doen alsof je hem al 8 miljoen keer hebt gehoord’ –  een indrukwekkend stel CO2-kanonnen begint te knallen. Dat had Bada$$ helemaal niet nodig.

Shabazz Palaces

Ramzi

In de nacht ontstaat er op REC eigenlijk een tweede festival, met vier verschillende feesten: het flamboyante Speedfreax in Annabel, een satelliet-editie van Strange Sounds From Beyond in BAR, hiphop en beats in Transportbedrijf en house en techno in Transportbedrijf. Voor ieder wat wils, zou je zeggen, ware het niet dat het op de meeste plekken veel te rustig is om echt te kunnen pieken. 

En dat terwijl het SSFB-programma zo cool was: Ramzi doet al vroeg een weirde liveset, vol new age-trommels, kikkergeluiden en haar stem flink door de mangel gehaald, zoals ze op Amsterdam Dance Event ook al in De School deed. Er staat hooguit vijftien man in de grote zaal van BAR voor de piepende en knarsende techno en industrial van Inga Mauer. Don’t DJ probeert nog meer mensen weg te jagen met een soort anti-dj-set. Er ligt geen plaat op zijn platenspeler, met een elastiekje en balpen houdt hij de naald op zijn plek voor een vervelend krassend geluid. Op zijn CDJ draait hij alleen maar gepiep, en via Ableton laat hij ondertussen de mafste loops vol belletjes, fluitjes en percussie horen. Alleen bij Orpheu The Wizard wordt het echt gezellig, die draait dan ook het minst vreemd en meest vreugdevol.

Hoe anders is het in Perron, waar de drie oprichters van het Britse label Hessle Audio samen draaien: Ben UFO, Pangaea en Pearson Sound. Ze hebben besloten de hele nacht b2b2b te draaien, waar Pangaea de saaiste tracks oplegt. Pearson Sound daarentegen draait telkens weer pesterige platen die alsmaar spanning opbouwen, met fluitjes die steeds hoger gaan piepen en trommelbreaks die doorratelen en doorratelen…. zonder die spanning in te willen lossen, waar je helemaal gek van kunt worden. Ben UFO krijgt vervolgens telkens weer de ruimte om alles open te gooien en wat speelser en meer risicovol te werk te gaan: hier een plaat met een gillende saxofoon, daar opeens alles stilleggen om een geflipte metronoom-track te draaien. De club is er helemaal voor volgelopen en vooral UFO draait te gek, maar het wordt niet zo extatisch als zijn set twee weken geleden in Amsterdam.

Daarmee lijkt REC. zijn perfecte vorm nog niet te hebben gevonden op deze tweede editie. Niets zo verdrietig als lege dansvloeren en tijdschema's die in de soep lopen, maar tegelijkertijd is er niets zo mooi als hiphop-fans die zichzelf laten verrukken met experimentele Arabische elektronica, dance-nerds die zich omver laten blazen door weirde rap. Zeker met het inkrimpen van Pitch in het achterhoofd is er ontzettend veel ruimte en vraag naar een festival zoals dit, en dan is de formule van REC. eigenlijk nog cooler ook.

nu op 3voor12