DTRH17: Hoe Spoon een grotere gitaarband wordt door minder gitaar te gebruiken DTRH17: Hoe Spoon een grotere gitaarband wordt door minder gitaar te gebruiken

Britt Daniel over de nieuwe plaat en de muren die hij gaat slopen

, Ralph-Hermen Huiskamp

‘Het was een nieuwe wereld voor me. Opeens was ik enthousiaster over wat Alex op zijn keyboard speelde, dan waar ik zelf mee kwam op mijn gitaar.’ Zo simpel als Britt Daniel – zanger en brein van Spoon – het vertelt, is het. Opvallend is het ook. Spoon, de band die al twintig jaar en acht albums lang zalen uitverkoopt met herkenbare gitaarriffs en hooks, wil op album nummer negen een stap richting een groter publiek zetten door juist dat kenmerkende gitaargeluid naar de achtergrond te verplaatsen. Hoe dit klinkt, laat Spoon komend weekend horen op Down the Rabbit Hole.

Daniel heeft een grauwe kop, warrig haar en twijfelt nog of hij zijn zonnebril ophoudt of niet. Hoe mooi het uitzicht over het IJ ook is, negen uur in de ochtend is vroeg en een jetlag helpt ook al niet. Bril af, bril weer op. Nog even snel een hand door zijn haar om er wat frisser uit te zien voor hij voorover buigt en verzoekt: ‘We vragen je hulp man, we hebben je nodig om dit te laten slagen.’ Mensen uit de omgeving van de band bevestigen het: Spoon zet hoog in met Hot Thoughts. Terug bij Matador, het grote label, dat meer slagkracht heeft dan hun vorige. Een grote marketingcampagne – waarbij de eerste single al stiekem gedraaid werd in vliegtuigen en op de achtergrond in talkshows – en een album waarop de band een nieuwe kant laat horen.

Blijkbaar betekent die grote stap vooruit dat de gitaar een stap terug doet in het geluid van Spoon. Het komt niet uit het niets. ‘Onze drummer, Jim Eno, vertelde me net nog dat er drie solo’s in ‘Inside Out’ zitten, maar dat de toetsen leidend zijn. Iedereen van ons vond dat het beste nummer van het vorige album. En dus was het onbewust het startpunt voor Hot Thoughts.’

De grote kracht van het nieuwe album is nog altijd de nonchalante swing die Daniel  zijn zang meegeeft en het contrast met de hoekige ritmesectie. En nog altijd zijn de strakke popliedjes bij betere beluistering veel minder afgebakend dan de puntige ritmesectie doen vermoeden. Maar doordat de focus naar toetsen verlegd is, blijkt er nog veel meer ruimte te zitten in de Spoonsound dan je zou verwachten. En die gevonden ruimte laat Spoon groot genoeg klinken voor de grotere popzalen en belangrijke festivalspots. Psychedelische intro’s die al ontsporen voor het nummer goed en wel begonnen is, elektronische grooves die zo droog zijn dat ze het best klinken diep in de nacht op een dansvloer, een spacey saxofoonjam als afsluiter. En dit alles zonder dat er ook maar iets van hun swag verloren gaat. Echt waar, zelfs niet bij die knipoog naar ‘I Was Made for Loving You’ van Kiss. Keyboards in de hoofdrol of niet, de zanger spuugt zijn woorden altijd uit alsof ze ter plekke in hem opkomen en de bandleden komen nog steeds over als achteloos coole rockers die nachten doortrekken en zich kapot spelen.

Daniel besluit zijn zonnebril uiteindelijk toch maar af te zetten. ‘We zijn een beetje als Donald Trump,’ lacht hij als het over de carrière van Spoon gaat. ‘Bij elk schandaal denk je: nu trappen ze hem eruit. En toch blijft hij maar. Zo lijkt er bij ons op elk nieuw album van alles te gaan gebeuren, en het blijft toch telkens hetzelfde.’



Tekst gaat door onder de video

Het brengt het gesprek op de valkuil van popjournalistiek in deze tijd. Alles lijkt al snel een politiek statement. Helemaal bij een band die instagramt over de Women’s March en in Austin woont, een plaats die gezien wordt als een liberale enclave in het dieprode Texas. In ‘Tear It Down’ gaat het bijvoorbeeld over een mislukte ontmoeting en Daniel zingt in het refrein romantisch over een muur die hij gaat slopen. Dat gaat toch niet over…? ‘Het gaat absoluut over de muur van Trump. Laat daar geen misverstand over bestaan. Ik wist dat mensen het zouden gaan denken en ik ging ervoor. Het enige wat me tegenhield, was dat het vast al achterhaald zou zijn als het album uit kwam. Ik nam het nummer op toen Trump nog niet eens genomineerd was als presidentskandidaat. Het zou wel overwaaien, dacht ik.' 

‘Het is allemaal zo urgent, wat er nu gebeurt. Je kan het niet maken om je mond erover te houden. Ondertussen zijn er bijvoorbeeld grote gebieden in de Verenigde Staten, waar vooral arme mensen wonen, die niet eens goed drinkwater hebben. En Trump is maar bezig de pers de grootste vijand van de burger te noemen. Zijn ego gaat altijd voor het landsbelang. Ik verwacht dat er nog een hele golf muziek zal verschijnen over dit soort zaken. Het kan alleen heel lang duren voor die muziek uitkomt, zo gaat het tegenwoordig. Dat is een probleem, maar als de muziek er eenmaal is, heeft iedereen het erover.’

Zo lang onderweg, en Spoon wordt alleen maar feller. Zowel in hun teksten als in optredens. Op SXSW, het belangrijkste showcase­festival ter wereld, bleek dat ook al. Spoon gaf er niet alleen een van de beste shows van het festival, maar klonk ook gretiger dan ooit. Op Down the Rabbit Hole zullen ze nog wat verder ingespeeld proberen er een schep bovenop te doen. Nu alleen nog ­hopen dat iedereen meewerkt aan het meesterplan, zodat Spoon na twintig jaar en alweer een goede plaat de volgende stap kan maken.

nu op 3voor12