Wie de afgelopen tijd achter een douane is geweest, is Tamino vast en zeker tegen het lijf gelopen. Als het nieuwe gezicht van modehuis Hermès is zijn beeltenis over de hele wereld in tax-free parfumwinkels te vinden. Hij is haast onherkenbaar vastgelegd, met een mysterieuze schaduw over zijn gezicht. Toch herken je hem meteen: uit het beeld spreekt diezelfde duistere romantiek die zijn muziek zo doordrenkt. En hij is het echt. Die Belgisch-Egyptische liedjesschrijver die met tracks als ‘Habibi’ en ‘Indigo Night’ een paar jaar terug alle harten in de Benelux liet smelten. Die melancholische troubadour met die engelachtige stem die op zijn zeventiende naar Amsterdam kwam om aan het conservatorium te studeren. Verrek, is ‘onze’ Tamino nu een wereldster geworden?
Het begint er aardig op te lijken. Tijdens het maakproces van zijn derde plaat Every Dawn’s A Mountain verruilde Tamino zijn huis in Antwerpen voor een appartement in Manhattan. Ook zijn management is tegenwoordig Amerikaans. Hij is zijn eigen gezicht nog niet tegengekomen op Times Square, vertelt hij glimlachend. Maarja, hij mijdt die plaats als een echte New Yorker sowieso als de pest.
Het lijkt een flinke tegenstelling: die rustige Tamino met zijn contemplatieve muziek, die juist tot bloei komt in zo’n gillende metropool. Maar de zanger voelt zich nergens zo thuis als in de straten van de East Village: ‘Op de beste dagen kan New York voelen als een soort speeltuin vol mogelijke bezigheden en eindeloze wandelingen. De stad nodigt je uit om naar buiten te gaan. Dat is een beetje anders bij ons in België en Nederland. Het leven biedt zich hier meer aan.’
De gestoordheid van de grote stad trekt hem aan. Misschien wel omdat zijn eigen leven als artiest de afgelopen jaren steeds gestoorder werd: ‘Het is hier zo’n concentratie aan gekheid, en de piek van het kapitalisme. Maar het is juist in die extremen dat ik veel waarheid vind. Mijn leven is plotseling best kalm vergeleken met de dynamiek van New York.’ Hij pauzeert even. ‘En het is denk ik fijn om niet constant te voelen dat mijn leven zo abnormaal is.’
De derde plaat van Tamino markeert een transformatieve periode in zijn leven. Hij nam afscheid van een relatie, verruilde Antwerpen voor New York, en schreef daar misschien wel zijn meest volwassen album tot nu toe. Hij bouwde Every Dawn’s A Mountain als een altaar voor wat hij verloor. ‘Dit was de enige manier om het echt af te sluiten.'
Dappere keuzes
Met Every Dawn’s A Mountain schreef Tamino misschien wel zijn eerste échte volwassen plaat. Voor het eerst voelde hij zich heer en meester over het hele maakproces. ‘Ik werk nooit mega conceptueel: het is voor mij meer een werk van onthulling dan het inkleuren van vooraf getekende lijnen. Maar zelfs in die onthulling moet je een sterk kompas hebben.’ Hij denkt weer even na: ‘Het komt neer op verantwoordelijkheid en de capaciteit om die verantwoordelijkheid te nemen. De mentale ruimte. Ik bedoel: voor die vorige en die eerste plaat – en ik ben daar heel dankbaar voor! – hebben PJ en Jo (producers PJ Maertens en Jo Francken) veel meer het heft in handen genomen. Ik was toen vooral overal aan het spelen.’
Voor Every Dawn’s A Mountain zijn dappere keuzes gemaakt, vertelt hij. De galm en effecten van de vorige platen zijn wat teruggeschroefd, wat neerkomt op een meer in your face geluid. ‘We hebben het niet zot gepolijst. Het is nog steeds een werk van precisie, maar ook redelijk droog hier en daar. Er zitten veel lagen in, veel informatie, maar we hebben in de mix veel dingen teruggetrokken. De lyrics staan zo meer op de voorgrond. Ik denk dat het zo eerlijker is.’
De plaat markeert een transformatieve periode in zijn leven. Hij nam afscheid van een relatie, wisselde van continent, en voelde daarbij de behoefte om een ‘altaar te bouwen’ voor wat hij kwijt was geraakt. ‘Dit was de enige manier om het echt af te sluiten. Vaak noemen artiesten het maakproces therapeutisch, maar muziek gaat veel verder dan je met woorden in een gesprek zou kunnen komen. De echte waarheid komt denk ik alleen naar boven in abstractie. Dus de abstractie van muziek is voor mij echt een nood.’
Abstractie als nood
Abstractie: het is een terugkerend thema tijdens ons videogesprek. Tamino is een zelfbewuste spreker, die zijn woorden zorgvuldig uitkiest. Hij staart al pratend naar plekken op de muur, laat korte stiltes vallen, en volgt zijn eigen gedachten richting het abstracte en weer terug. Het ene moment noemt hij ‘romantiek de grote vraag van onze generatie’, het andere gaat hij grote duidingen juist bewust uit de weg. Hij glimlacht meermaals verontschuldigend in de camera: ‘Sorry, het is misschien wat omslachtig allemaal’.
Dat valt allemaal wel mee. Maar hij is altijd een overdenker geweest, vooral met een camera of een microfoon in zijn gezicht. Misschien heeft hij daarom ook een dubbel gevoel bij interviews: ‘Ik snap het vanuit mijn eigen fandom: je wilt weten waar zo’n artiest mee worstelt, hoe die op dingen komt. Niet iedereen is Bob Dylan die in 15 minuutjes achterin een taxi een song schrijft, ik zeker niet. Daar kun je je aan relateren. Maar ik vraag me soms ook af of het iets toevoegt.’ Want: ‘Uiteindelijk onthul ik in mijn songs de dingen waar ik met woorden geen vat op heb. Ik krijg er zelf ook dan pas grip op.’
‘Een normale vorm van communicatie werkt gewoon niet helemaal voor mij. Ik kan uiteraard wel genieten van in groepen zijn, ik ben geen asociaal mens. Maar laatst was er een goede vriend die me nog nooit had zien optreden, die na de eerste keer tegen me zei: "De manier waarop je communiceert op het podium en in je muziek, voegt zo veel lagen toe aan wie jij bent”. Ik denk eigenlijk dat ik dan pas volledig tot uiting kom.’
Daarom kijkt Tamino soms op naar mensen die geen abstractie nodig hebben om te functioneren. ‘Sommige mensen komen zo vrij over, ook in interviews. Ik benijd het soms een beetje, maar ik vind het ook juist heel mooi. Om los van de kunst zo op je gemak te zijn en in zo’n flow te kunnen raken. Ik vind het een mooie practise om daar meer mee bezig te zijn. Want dat is uiteindelijk het grootste deel van het leven.’
Dienstbaar opstellen
In de tracklist van Every Dawn’s A Mountain valt één naam meteen op: de track ‘Sanctuary’ is een duet met de Amerikaanse zangeres Mitski. ‘We hebben vorig jaar samen getourd, en toen heb ik heel veel geleerd van de discipline en orde die zij om zich heen creëert. Touren is zeer routineus, en dan kan het voorkomen dat je de songs een avond niet voelt. Toen ze dat bij mij opmerkte, zei ze: “Het is belangrijk om te onthouden dat het niet om jou gaat.” Dat is gewoon mega professioneel. Sindsdien stel ik me veel dienstbaarder op.’
Toen hij voor het eerst hoorde dat Mitski zijn muziek waardeerde, was hij opgelucht. ‘Ik heb een immense onzekerheid wat andere artiesten hun meningen over mij betreft. Ik ga er altijd vanuit dat iemand mijn werk niet mooi vindt. Dat zit diep in mij geworteld. Dus wanneer het tegendeel bewezen wordt, betekent dat echt iets voor mij.’
Tamino kan dus nog wel wat opsteken van de Amerikaanse aanleg voor zelfvertrouwen. ‘Mensen verleggen hier echt hun grenzen, en leggen de lat zo veel hoger. Het is dubbel: in Europa hebben we een collectief oordeel over dit land – op politiek vlak meer dan terecht – maar als het gaat over films en muziek appreciëren we dat tegelijkertijd juist enorm. Grotere budgetten, grotere ambitie en grotere dromen. We zweren het af, maar consumeren het heel graag. We zijn er alleen niet aan gewend wanneer een van ons het doet. Dat is voelbaar, maar wordt hier meteen geneutraliseerd. Want: no one cares!’
Tamino is inmiddels vertrokken op een solotour door de Verenigde Staten. Zal hij nu zelf ook langzaam in een Amerikaan veranderen? Lachend: ‘We gaan het zien. Maar het mooie is dat je hier juist voor altijd een alien kunt blijven!’
Tamino en Mitski