Zo ziet 25 jaar Lowlands eruit Zo ziet 25 jaar Lowlands eruit

Fata morgana in de polder

, Robert Lagendijk

Het recept voor popfestivals was sinds de jaren zestig niet veranderd: een open weiland, een overdekt podium en een lineaire programmering. Lowlands ging dat in 1993 heel anders doen en dit jaar bestaat het driedaagse cultuurfestival in Biddinghuizen 25 jaar. Lowlandsdirecteur Eric van Eerdenburg gooide wel het een en ander om, zodat het festival weer tien jaar mee kan.

Een potje zeevissen, een beetje kamperen in de natuur, bootje varen: Eric van Eerdenburg, Lowlandsdirecteur sinds 2000, vindt het allemaal leuk. ‘Maar ik ga ook graag naar New York of Tokio.’ Avontuur – ‘van groots en meeslepend tot klein en truttig’ – is aan Van Eerdenburg wel besteed. Hij kwam bij Mojo, de organisator van het festival, na een burn-out die hij opliep bij zijn vorige werkgever. ‘Daarvan leerde ik dat je eerder weg moet zijn als iets je echt niet bevalt. Ik vind het fijn om te doen wat ik echt leuk vind en laat mijn leven niet vergallen door middelmatigheid.’  

Van Eerdenburg mocht zich bij Mojo richten op de inhoudelijke kant van het festival. In 2000 verkocht Lowlands met 60.000 bezoekers gemakkelijk uit. ‘Toen ik begon, kon het alleen maar slechter gaan.’ De negen voorgaande edities had Lowlands bewezen een gouden formule te zijn. Vanaf de eerste editie is Lowlands het evenement waar altijd iets te doen is en waar de bezoeker mag blijven slapen. Dat was nieuw in het Hollandse festivallandschap: een pop-updorp ter grootte van Roermond dat met liefde werd vormgegeven en aangekleed, midden in de polder. Tegenwoordig kom je de vrolijke, felgekleurde tenten op iedere jaarmarkt tegen, maar in de jaren negentig was dat uniek.

De oude, bestaande festivals, waarbij het podium als een enorme zwarte doodskist op sportveld of parkeerterrein stond en waarop twaalf acts achtereen voorbijkwamen, deden ineens ouderwets aan. De poster van Lowlands telt tegenwoordig minimaal 150 muziekacts, verdeeld over zo’n tien podia. En dan is er nog de film- en theaterprogrammering, er zijn lezingen en is er aandacht voor politiek en literatuur. Lowlands is drie dagen cultuur in de breedste zin van het woord. De politiek had het niet beter kunnen bedenken.

'Tijdens de eerste edities waren de naweeën van de punktijd nog merkbaar'

Krokettengevecht

Maar Lowlands kwam natuurlijk niet uit de hoge hoed van beleidsmakers. Van Eerdenburg: ‘Het idee ontstond in een groepje, begin jaren negentig. Bij festivals was het avontuur geheel verdwenen. Pinkpop boekte louter grote namen en nam geen enkel risico. Festivalterreinen waren ronduit lelijk met overal sponsorvlaggen. En belangrijk: de clubcultuur bloeide als nooit tevoren, maar geen enkele band uit het clubcircuit groeide door naar de festivals.’

Sfeer Lowlands

De boekers van Mojo zagen ruimte voor een nieuw festival waar ook kleinere acts een plek kregen. Er werd nagedacht over betere aankleding. Andere partijen haakten aan met goede ideeën: mensen die mooie objecten konden maken, maar ook mensen die nieuwe kansen zagen voor de horeca. loc7000, de organisator van het failliete Lochem Festival, was vanaf het begin ook bij Lowlands betrokken en iedereen keek met een soort uitvindersblik naar het nieuwe festival. Tijdens de eerste edities waren de naweeën van de punktijd nog  merkbaar. Het publiek was recalcitrant en er werden fikkies gestookt, vooral in prullenbakken. Zelfs het badhuis werd vakkundig gesloopt. Van Eerdenburg: ‘Mojo werd nog als “de autoriteit” gezien: de klootzakken van Mojo. Dat ging zeker nog vijf jaar zo door. Daarna werd de sfeer veel vriendelijker. Waarom zou je je eigen festival in de fik steken? Goeie vraag. Er was af en toe nog hooguit een spontaan sinaasappel- of krokettengevecht.’

Toen Van Eerdenburg aantrad als directeur liep het allemaal gesmeerd in Biddinghuizen. Daar kwam al snel de klad in. Bij de tiende editie in 2002 ging het mis. Er was gemor onder de Lowlanders, de harde kern van het publiek. Het festival was zodanig gegroeid dat er meer acts nodig waren. ‘En die konden we niet krijgen,’ vertelt Van Eerdenburg. ‘We zaten, net als Pukkelpop, in hetzelfde weekend als het Leeds and Reading Festival. Het Britse festival kaapte alle acts voor de zaterdag en de zondag voor onze neus weg.’ Lowlands en Pukkelpop verplaatsten vervolgens hun festivals een week naar voren. Een gouden greep, want drie jaar later verkocht Lowlands weer uit. ‘We werden weer een belangrijk festival voor de bands.’

'Waarom zou je je eigen festival in de fik steken?'

‘Lowlands, fuck you!’

Lastig huwelijk

En nu, vijftien jaar later, aan de vooravond van de vijfentwintigste editie is het weer noodzakelijk in te grijpen. Dit jaar zijn er drie nieuwe tenten en er is gekozen voor een nieuwe vormgeving. De oude Lowlandsformule bleek sleets: andere festivals hadden door de jaren heen met succes de aankleding en de voedselcultuur van Lowlands gekopieerd. ‘De laatste twee jaar verkochten we niet meer helemaal uit.’ De Lowlanders trokken weer aan de bel, nu op internet: ‘Lowlands, fuck you!

Het blijft een lastig huwelijk, tussen de echte fans van het festival en de concertorganisator. ‘De loyaliteit van de Lowlanders werkte tegen ons. Jonge aanwas was er nauwelijks, omdat veel jongeren er bij de kaartverkoop niet tussen kwamen of zich niet voelden aangesproken. De bezoekers van het eerste uur zijn nu rond de vijftig. Een deel wilde niet meegaan in de veranderingen van ‘hun’ Lowlands en haakte af. Maar we kunnen ons niet houden aan de conventies van een klein groepje dat zichzelf gekroond heeft tot ultieme muziekkenners met de enige juiste smaak. Ik vind dat je als organisator de muzieksmaak van de jeugd moet toelaten op je festival en die is echt anders dan die van hippe vaders en moeders van rond de vijftig. Iemand van twintig schrijft een ander liedje dan Nick Cave of Iggy Pop.’

Dat iemand een paar jaar geleden op internet schreef dat die klootzakken van Mojo van hun festival moesten afblijven, vindt Van Eerdenburg het grootste compliment. ‘Het festival is van de bezoekers. Het beeld dat Lowlands als een soort fata morgana ineens in de polder staat, is prachtig. Alsof niemand daar iets voor gedaan heeft. Prachtig.'

'Eigenlijk heb ik nooit een ontwerp gemaakt met het festival in m'n achterhoofd'

De vrije hand van Peter te Bos

Om Lowlands klaar voor de toekomst te maken, werd na 23 jaar afscheid genomen van huisstijlontwerper Peter te Bos. Voor de tweede editie ontwierp hij een logo: Moonshine, een halve maan met een lange tong. Vervolgens ontwierp hij ook buttons, drukwerk, polsbandjes, vlaggen, bewegwijzering, de website en nog heel veel meer. Uiteindelijk is Te Bos de man die ons Rapid Razor Bob, De Lowlows en de iconische toegangspoort van het festivalterrein gaf. De bezoekers hebben zijn ontwerpen altijd omarmd. T-shirts met zijn creaties kwam je de rest van het jaar in het clubcircuit tegen. Zijn ontwerpen voor het festival gaf hij jaarlijks een nieuwe draai. Nooit één logo, liever tien of twintig tegelijk. Lowlands mocht geen instituut worden, maar moest altijd jong en rebels blijven.

Naar eigen zeggen misbruikte Te Bos Lowlands om te maken wat hij leuk vond. ‘Eigenlijk heb ik nooit een ontwerp gemaakt met het festival in het achterhoofd. Dat het festival er zo goed bij paste, was pure mazzel.’

Zelf is hij al die jaren een atypische Lowlandsbezoeker geweest. De eerste jaren vierde hij kortstondig zijn eigen feestje in de persruimte. Pas later dook hij echt het festival in en ging het Lowlandsbloed echt stromen. ‘Vooral de verscheidenheid van het festival, alles wat er naast de muziekprogrammering speelde, trok mij altijd aan.’

Te Bos, ook nog zanger van Claw Boys Claw – momenteel bezig met een nieuw album – blikt terug op enkele hoogtepunten uit zijn Lowlandsgeschiedenis.

Moonshine

1997: Tourbus in tweeën

'De Claw Boys speelden op zondag in de bloedhete Foxtrot. Een kwartier voor aanvang konden we gitarist John nergens meer vinden. Uiteindelijk hoorden we gebonk uit onze tourbus komen. We huurden altijd de goedkoopste bus zonder ramen. Het bleek dat iemand John per ongeluk had opgesloten in de laadruimte. Met een slijptol hebben we hem ontzet. We moesten de deur in tweeën zagen. Uiteindelijk ging onze hele gage naar het verhuurbedrijf. Het leukste van het verhaal: de baas van het verhuurbedrijf zag live op televisie dat zijn deur vakkundig in tweeën werd gezaagd.’

1999: 'Hoeba hoeba hop'

‘In de Foxtrot stelde mede-Lowlandsbedenker Willem Venema jaarlijks een programma vol briljante meligheid samen. Van Miss Aubergine tot Eddy Wally, en van de plaatselijke blaaskapel tot Dennie Christian. De zaal was altijd afgeladen en backstage was het een chaos van jewelste. Dennie Christian zong ‘Hoeba hoeba hop’. Tegelijkertijd speelden de waanzinnigste bands op andere podia, maar veel mensen kozen ervoor om ‘Hoeba hoeba hop’ mee te komen zingen. Dennie had niet door dat hij ondertussen werd omringd door naakte Marsipulamidames. Hilarisch! Hij keek niet op of om. Voor mij is dit een mooi voorbeeld van de breedte van het festival.’

2004: Rapid Razor Bob

‘Het geboortejaar van Rapid Razor Bob, de mascotte van Lowlands. Ik geef graag een naam aan mijn ontwerpen. Zo ontstaat er een sterkere band tussen ontwerp en publiek. Het duurde lang voordat ik op het idee van een scheermes kwam, met daarop de LLowhat, een petje met voelsprieten. Ik wilde aanvankelijk de LLowhat ook op andere voorwerpen monteren, zodat meerdere logo’s ontstonden. Uiteindelijk werkte de versie met het scheermes zo goed dat we het gehouden hebben. Het mes staat voor edgy programmering, de voelsprieten voor alert blijven en onderzoeken. Wat mij betreft altijd de kernwaarden van het festival.’ 

Rapid Razor Bob

2005: Cum Grano Salis

‘Het begin van Lowlands University. Ik vind het geweldig dat op zondagochtend, elf uur een volle tent aandachtig bleek te kunnen luisteren naar Wubbo Ockels of Ronald Plasterk. Op de achtergrond hoorde je bands die op andere podia speelden. Het idee om op een festivalochtend college te geven over politiek, seks of duurzaamheid vind ik fantastisch. Het is eigenlijk enorm brutaal. Ik maakte er een logo voor waarin te lezen stond: cum grano salis, met een korreltje zout.’

2010: The Daily Hell

‘De levensduur van veel dingen op Lowlands is ongeveer vijf jaar. Daarna mag er wel weer iets veranderen. The Daily Hell was mijn alternatieve versie van de festivalkrant The Daily Paradise, waarvan ik ook de vormgeving deed. Knap natuurlijk om iedere dag backstage met een team een krant te maken. Maar ik vond het te braaf geworden. De krant was voorspelbaar. Toen ben ik met een klein clubje en een kopieerapparaat The Daily Hell gaan maken. Zestien pagina’s in een oplage van 666 exemplaren, drie edities. Vijf jaar lang was daarin alle ranzigheid – seks, drugs en rock-’n-roll op het festivalterrein – te lezen. Het was meer dan een magazine, onze knip-en-plakgraffiti publiceerden we ook op schuttingen en objecten. De vrije hand die ik van de organisatie kreeg om dit soort dingen te doen, was groot. Daar ben ik ze nog altijd dankbaar voor!’

Prijsvraag

Lowlands is uitverkocht, maar wij hebben nog kaarten voor je. Winnen? Geef antwoord op deze prijsvraag:

Wat was het rampjaar van Lowlands?

Mail je antwoord uiterlijk om 20:00 uur naar 3voor12-prijsvraag@vpro.nl ovv 'lowlands winactie' en de titel van het stuk. Vergeet niet je adres en telefoonnummer in de mail te zetten.

nu op 3voor12