Tien jaar Noah’s Ark: Jiggy Djé bespreekt zijn idealen Tien jaar Noah’s Ark: Jiggy Djé bespreekt zijn idealen

Hoe Michael Jordan hem de sleutel tot geluk toonde

, Tekst: Arnout de Vries

In 2006 richtte Vincent Patty, beter bekend als de rapper Jiggy Djé, het platenlabel Noah’s Ark op om zijn gelijknamige debuutalbum uit te brengen. Tien jaar later scoort het platenlabel zijn eerste nummer 1-album: Blessed van Jonna Fraser. In de tussenliggende jaren heeft het label tal van successen geboekt met artiesten als Kraantje Pappie, Hef en Murda. We gingen bij de labelbaas langs om terug te blikken op de afgelopen tien jaar.

Over het algemeen is een goede voorbereiding het halve werk, en een interview over het tienjarig bestaan van een platenlabel is bij uitstek iets dat je tot in de puntjes kan voorbereiden. Bijvoorbeeld door je te verdiepen in de releases, en zorgvuldig een lijstje mijlpalen samen te stellen om gestructureerd af te gaan tijdens het vragenvuur. Maar dat werkt niet altijd. Zo blijkt dat je voor een interview met Vincent Patty de voorbereiding wel kan laten zitten: de feiten en cijfertjes zijn voor hem van secundair belang. Ze gaan voorbij aan de essentie van Noah's Ark. En dus gaat halverwege het interview het lijstje opzij om dieper te duiken in datgene waar Noah’s Ark écht om draait.

Maar voor de context eerst nog wat feiten op een rijtje. Vincent Patty breekt in de eerste helft van de jaren ’00 door als lid van de gewaardeerde Amersfoortse hiphopgroep D.A.C. Na het tweede album uit 2005 besluiten de mannen een pauze in te lassen, om zo allen hun eigen weg te kunnen bewandelen. Zo ook Patty, die een jaar later Noah’s Ark opricht en daarop zijn gelijknamige debuutalbum uitbrengt. Een paar jaar later volgen ook releases van Turk en SpaceKees, en begint het label van de grond te komen. In 2012 scoort Noah’s Ark plotseling een hitsingle met Kraantje Pappies 'Waar is Kraan?' en het bijbehorende debuutalbum. Op dit moment bestaat het label officieel tien jaar en het lijkt ook meteen een magisch jaar. Jonna Fraser scoort het eerste nummer 1-album voor het label. Ook andere recent getekende artiesten, waaronder Diggy Dex en Bizzey, scoren grote successen. Een mooi moment om daarop te reflecteren.

Laten we bij het begin beginnen. Tien jaar geleden begon je met Noah’s Ark, wat tegelijkertijd het afstudeerproject voor je studie Media & Entertainment was. Had je toen al verdere ambities of was het puur om je eigen album uit te brengen? En waarom wilde je dat op een eigen label uitbrengen?
"Ik zal eerlijk zijn: ik dacht daar toen helemaal niet zo over na. Het was inderdaad puur bedoeld om mijn eigen plaat op uit te brengen, een verder plan was er niet. Er is ook nooit een plan geweest. Zo werk ik niet. Ik wilde mijn album gewoon zelf uitbrengen, omdat het tof is om het zelf te doen. Achter de naam van mijn label zit niet zo’n diepe betekenis, ik vind Bijbelse verwijzingen gewoon vet klinken."

Twee jaar later verschijnt er toch de eerste release van een andere act, namelijk De Turkse Pizza EP van Turk (ook bekend als Önder en tegenwoordig Murda). Hoe kwam je op het idee om toch andere artiesten te tekenen en platen te gaan releasen?
"Tsja, ook daar was niet echt een duidelijk plan. Mensen zeiden tegen me: in principe ben je nu gesitueerd om andere dingen te gaan doen, dus misschien kan je dat gewoon gaan doen. Dat leek me toen wel een goed idee, en bovendien had ik al wat jongens om me heen die muziek maakten. Spacekees was en is één van mijn beste vrienden, en Turk was een goede vriend van hem. Het was gewoon een logische samenloop."

Ik kan me voorstellen dat je uit die EP het allerbeste wilde halen als één van de eerste visitekaartjes van Noah’s Ark.
"Natuurlijk wil je dat! Ik vond het toen ook belangrijk dat het heel vet was, maar eerlijk gezegd was ik er niet zo mee bezig of mensen het zouden accepteren. Nu nog steeds niet. Ik redeneer vanuit wat ik zelf denk dat goed is voor het label. Wat me bijvoorbeeld in Turk aantrok was zijn energie en hoe hij zich opstelde. Ik benader mensen meer op hoe ze zijn dan op hoe ze rappen of wat voor muziek ze maken. Het is een combinatie van factoren. Als je erg geïnteresseerd bent in mensen, krijg je op er een gegeven moment een redelijk helder beeld van hoe iemand als artiest gaat zijn en of je met die persoon samen kan werken. Het is niet alleen belangrijk hoe en wat hij rapt, maar ook hoe hij praat, wat hij heeft meegemaakt, wie zijn ouders zijn, wie zijn idolen zijn, wat hij graag eet, wat voor school en werk hij heeft gedaan. Overigens betekent het niet dat dat allemaal goed moet zijn. Misschien juist niet. Soms vind ik het interessant als iemand een slechte achtergrond heeft en een aantal dingen tegen zich heeft, maar toch enorm overtuigd van zichzelf is. Stel dat je superlelijk bent, maar je blaakt van het zelfvertrouwen: ja, dat vind ik interessant."

Ik denk sowieso dat Noah’s Ark…
"…veel lelijke mensen op het label heeft? Met zelfvertrouwen. Dat is de kop voor je interview: lelijke artiesten met zelfvertrouwen."

En dat Noah’s Ark zijn artiesten veel ruimte biedt om zich te ontwikkelen. Neem iemand als Turk: hij zoekt continu nieuwe richtingen in zijn muziek.
"Dat beschouw ik als een compliment, maar ik denk niet dat het bij andere labels zoveel anders is. Het enige verschil is wellicht dat ik relatief veel tijd steek in de filosofie van het bedrijf en de relatie met de artiesten. Turk en ik hebben bijvoorbeeld heel veel met elkaar gepraat, als je het bij elkaar optelt misschien wel maanden of jaren. Daar geloof ik ook in. Ik heb nooit tegen hem gezegd dat hij de vrijheid heeft om de liedjes te maken die hij wil, maar waarschijnlijk heeft hij wel dat gevoel door de manier waarop wij met elkaar praten. Waar ik erg blij mee ben: op Noah’s Ark hebben we best een aantal rappers van 30 jaar of ouder. Turk is 30+, Diggy Dex is 30+, Bizzey is 30+, ik ben zelf 30+, Kraantje Pappie is 30, Hef is bijna 30. Het vette daaraan is dat er geen enkel ander label dat geduid kan worden als jeugdcultuur, zoveel relatief oude artiesten heeft en toch statistisch gezien kan meedraaien in het hoogste segment van het genre. Daar ben ik trots op en ik denk dat dat te maken heeft met een geloof dat wij allemaal hebben binnen het label. Namelijk: als jij je honderd procent toewijdt aan je doel, kan het niet anders dan dat je het bereikt."

Het doet me denken aan iets dat je een kleine vijf jaar geleden zei in een interview met Hef, namelijk dat je wel een pagina in de hiphopgeschiedenis zou willen. Heb je ondertussen het gevoel dat dit is gelukt?
"Eén pagina? Ja, dat denk ik zeker. Maar vijf jaar geleden was ik een heel andere persoon dan ik nu ben. Een pagina in een boek kan me nu niet meer zoveel schelen. Als ik weg ben, wat heb ik dan aan een pagina in een boek?"

Wat is er dan wel belangrijk geworden?
"Dat mijn manier van denken op een of andere manier een plek vindt in de levende wereld. Ik denk dat andere mensen ook iets kunnen hebben aan datgene waar ik in geloof en wat mij helpt om te zijn wie ik ben. Daarom wil ik dat het een plek vindt in het grotere geheel, en dat bedoel ik op de minst megalomane manier die je je kunt voorstellen. Iemand als Michael Jordan (een Amerikaanse basketballer, red.), een grote held van me toen ik opgroeide, inspireerde mij om precies dit te gaan doen. Soms heb ik het gevoel alsof het er gewoon bij hoort om idolen of inspiraties op te noemen, alsof het geen praktische werking heeft. Maar dat heeft het wél."

Wat heb je voor idealen gehaald uit het leven van iemand als Michael Jordan?
"Ik heb eens gezien dat neurowetenschappers destijds in zijn hersenen hebben gemeten dat hij zóveel geloof had, en zó weinig twijfel in zijn handelingen, dat het bijna praktisch onmogelijk voor hem werd om te missen. Hij was zó overtuigd van zijn eigen kunnen dat falen geen optie meer was. En dan gaat het me er niet om dat het hem allemaal geld en prijzen heeft opgeleverd, maar wel dat dat hem heel gelukkig maakte. Ik denk dat er veel onzekere kinderen zijn die middels dat geloof tot heel veel in staat zijn en heel gelukkig kunnen worden. Misschien is het omdat ik het zelf nooit heb gekund, maar ik voel een drang om daarin te faciliteren voor een grote groep mensen. Dat overstijgt voor mij ieder aards doel."

Hoe probeer je dat met Noah’s Ark over te brengen?
"Door inspirerende dingen te doen! Iemand als Jonna Fraser werkte anderhalf jaar geleden nog bij Foot Locker. Niets ten nadele van Foot Locker, maar ik denk dat er een goed aantal mensen werkt dat twijfels heeft over zijn of haar eigen toekomst. Rond de tijd dat we aan het onderhandelen waren over Jonna Fraser’s contract, belde hij me en zei hij: 'Ik heb ontslag genomen en ga me honderd procent toeleggen op de muziek. Ik ga élke dag naar de studio.' En hij had écht niet veel geld, maar hij geloofde er volledig in. Anderhalf jaar later is hij de derde in de geschiedenis van de Nederlandse hiphop met een album op één. En dan gaat het me niet eens om de cijfers en het geld dat hij eraan verdient; wat er aan ten grondslag ligt is way bigger."

Is dat hetgeen dat je met Noah’s Ark wil uitdragen? Dat het altijd belangrijk is om in jezelf te geloven.
"Ja, in jezelf en in een groter geheel. Noah’s Ark is gewoon een naam die ik bedacht heb en een inschrijving bij de Kamer van Koophandel. Het is een rechtsvorm en als dusdanig beheert het muziekrechten. Maar wat er aan ten grondslag ligt is veel meer dan een inschrijving bij de Kamer van Koophandel. Het heeft alles te maken met de idealen die ik en de jongens hebben en die willen we uitdragen."

nu op 3voor12