Ramblin' Roots waagt zich niet buiten de gebaande paden Ramblin' Roots waagt zich niet buiten de gebaande paden

Spanning en vlammen zaten vooral in kop en staart

, Tekst: Wouter Bal / Foto's: Rob Sneltjes

Ramblin' Roots waagt zich niet buiten de gebaande paden

Spanning en vlammen zaten vooral in kop en staart

Tekst: Wouter Bal / Foto's: Rob Sneltjes ,

Voor het tweede jaar op rij vond zaterdag in TivoliVredenburg Ramblin' Roots plaats, het zusterfestival van het Utrechtse zomerfestival Roots in ihe Park en min of meer de opvolger van het roemruchte Blue Highways. De organisatie gaf aan op zoek te zijn naar een spannende mix van vlammende blues, intense soul, rauwe roots, alternative country en ronkende americana. Dat klonk veelbelovend. De vraag is dan natuurlijk: maakte Ramblin’ Roots dat ook helemaal waar?

Het festival wordt in de Grote Zaal geopend door het Nederlandse Beans & Fatback, uit de Excelsior Recordings stal, dat is opgeroepen als vervanger voor Sven Hammond. Geen misselijke taak, maar de vuige garageblues van derde album Heroine Lovestruck blijkt precies de juiste appetizer om dit festival op gang te brengen. De band van Onno Smit treedt aan in een opvallende opstelling met twee drumstellen aan de linkerzijde van het podium en bassiste Jet Stevens achteraan. Stevens mag dan helemaal achteraan op het podium staan, in de geluidsmix staat ze dat zeker niet. Jammer genoeg vallen daardoor de gitaar van Paul Willemsen en het hammondorgel van Jeroen Tenty weg. Gedurende het optreden wordt gelukkig niet alleen de zaal snel voller, maar wordt ook het geluid steeds beter. Beans & Fatback speelt een set waarin zo'n beetje alle ingrediënten die Ramblin' Roots voorstaat samenkomen: van het rockende Bombshell via een vijf minuten durend drumintermezzo tot de soulvolle sixties slijper 'Open Your Door'. Een vlammend begin.

De (rol)trappen en liften brengen ons vervolgens negen verdiepingen hoger naar Cloud Nine voor het optreden van Canadees Stephen Fearing. Of toch niet? Wij zijn namelijk niet de enigen die ons moeten haasten. Op het laatste moment stapt Steve Dawson met zijn gitaar in de bomvolle lift. Hij moet zo snel mogelijk naar het podium worden gebracht. Maar Dawson stond toch later op de avond pas geprogrammeerd? Uit het introductiepraatje van Jan Donkers wordt gelukkig al snel duidelijk wat er aan de hand is. Steve Dawson zal zijn landgenoot vergezellen op het podium bij een aantal nummers. Dat is overigens maar goed ook, want de luisterliedjes van Stephen Fearing zijn mooi, maar naar verloop van tijd vooral ook veel van hetzelfde en daardoor nogal saai. Na elk nummer neemt hij daarnaast uitgebreid de tijd voor het vertellen van anekdotes en het stemmen van zijn gitaar, waardoor de set volledig doodslaat. Dawson zorgt uiteindelijk met zijn begeleiding op slidegitaar voor de broodnodige afwisseling.

Jimmy LaFave doet vervolgens in de Grote Zaal waar hij al jaren patent op heeft: het naar zijn hand zetten van covers van onder andere Neil Young en Bob Dylan. Als immer met een platte zwarte pet achterstevoren over de lange grijzende haren speelt hij een set zonder verrassingen. Van opener 'Journey Through the Past' (Neil Young), langs 'Queen Jane Approximately' (Bob Dylan) naar slotstuk 'Have You Ever Seen the Rain' (CCR), het is een setlist die je van te voren al aan kon zien komen. LaFave kleurt nergens buiten de lijntjes en het is tamelijk braaf, maar toch werkt het. Naast zijn bijzondere stem heeft hij namelijk nog een wapen in de strijd en dat is zijn uitstekende band. Ieder nummer wordt opgebouwd volgens een vast recept: LaFave start alleen met akoestische gitaar, waarna de rest van de band invalt en met name pianist Radoslav Lorković en gitarist John Inmon de ruimte krijgen om hun talenten te laten zien.

In Pandora is het dan tijd voor de Special Guest van de avond, maar om te zeggen dat die gast nou écht zo speciaal is: nee. Gregory Page stond vorig jaar immers ook al op Ramblin' Roots en hoewel over zijn komst dit jaar door de organisatie lange tijd geheimzinnig werd gedaan, stond op zijn eigen site allang dat hij deze zaterdag in Utrecht zou optreden. Vanavond doet hij ook niets speciaals. Met zijn zoetgevooisde liedjes tracht hij een nachtclubsfeer te benaderen, wat nauwelijks lukt. Wanneer het publiek dan ook nog 'When Your Smiling (The Whole World Smiles With You)' mee gaat zingen, krijgen wij eerder het gevoel op een bejaardensoos terecht te zijn gekomen. Gezellig samen zingen in de recreatieruimte.

Wellicht wordt het bovenstaande beeld versterkt door de grijze haren die ons omringen. De gemiddelde leeftijd van zowel artiesten als publiek op Ramblin' Roots ligt bijzonder hoog. Sonny Landreth is mastodont nummer vier op rij vanavond. Aan oudgedienden duidelijk geen gebrek, maar waar zijn de jonge honden? De stevige blues van de King of Slydeco en zijn band zorgen er dan wel voor dat we weer enigszins wakker worden geschud, echt opwindend of relevant is het echter niet. De zaal is dan ook matig gevuld. Wellicht kan de organisatie dit signaal aangrijpen om voor een volgende editie eens op zoek te gaan naar vernieuwing. Een dergelijke impuls kan het festival wel gebruiken.

Een festival betekent voor bezoekers dat er keuzes gemaakt moeten worden. Hele moeilijke keuzes zelfs als goede artiesten tegelijkertijd staan geprogrammeerd. Binnen een kwartier hoorden we Sam Baker samen met Carrie Elkin het mooiste liedje van de dag zingen: een gewaagde cover van 'Love Hurts'. Onderweg naar Pandora doen Small Time Crooks op Plein 5 een spetterende vertolking van Ramses Shaffys 'Laat me', waarna we ons laten overrompelen door de charme van Eilen Jewell. Waar het Gregory Page niet lukte, slaagt Jewell er met glans in om de suggestie van een nachtclub te creëren. Haar liedjes over het zuiden van Amerika leiden ons door woestijnen, langs Santa Fe naar de Rio Grande. Liedjes vol onderhuidse spanning die Jewell met haar warme stem diepte geeft.

Wanneer Pokey Lafarge en zijn band vervolgens het podium van de Grote Zaal betreden, blijkt de vloer te zijn overgenomen door de jongere generatie. Wat volgt is een uitgekiende set waarin Lafarge een showman van de eerste orde blijkt te zijn. Zijn bezieling blijkt bijzonder aanstekelijk, waardoor een sfeer ontstaat die van een goed optreden een extra mooie herinnering maakt. Er wordt volop gedanst op zijn mix van retro country blues, dixieland en jazz. Hoofdrollen zijn er voor de trompettist en saxofoniste/klarinettiste die telkens weer het vuurtje blijven aanwakkeren. Het publiek kan er geen genoeg van krijgen. Het enthousiasme blijkt zelfs zo groot dat er (buiten de geraamde speeltijd) een toegift vanaf kan.

Wanneer een festival termen als spannend, ronkend, vlammend en rauw gebruikt om zichzelf aan te prijzen, schep je hoge verwachtingen. De spanning en vlammen zaten hem nu vooral in kop en staart, het middendeel werd vooral bevolkt door de mastodonten van het vak en was ook wel heel erg middle of the road. Een beetje meer lef in de programmering en afwijken van de gebaande paden zou het festival dan ook goed doen.
 

Gezien: Ramblin' Roots met o.a. Pokey LaFarge, Eilen Jewell, Jimmy LaFave, Sonny Landreth, Gregory Page, Stephen Fearing en Beans & Fatback, zaterdag 24 oktober 2015 @ TivoliVredenburg, Utrecht

nu op 3voor12