“Norah Jones rockt een stuk harder dan Metallica”: een drieluik, Deel 3 “Norah Jones rockt een stuk harder dan Metallica”: een drieluik, Deel 3

In gesprek met Michel van der Woude van Da Capo Records

, Sven Schlijper,

“Norah Jones rockt een stuk harder dan Metallica”: een drieluik, Deel 3

In gesprek met Michel van der Woude van Da Capo Records

Sven Schlijper, ,

Het laatste deel van het drieluikgesprek met Da Capo Records’ Michel Van der Woude. Hij laat zich nog één keer van zijn beste kant zien en vertelt over zijn eigen ‘claim to fame’; waaronder de soundtrack voor de film ‘The Mayor of the Sunset Strip’.

In gesprek met Michel van der Woude van Da Capo Records

Een Jean Nelissen qua wandelende encyclopedie, van de muziek dan in dit geval, gekoppeld aan Johan Cruijffs analyses; Van der Woude ten voeten uit. Misschien geen modelverkoper volgens de ‘kan ik u ergens me helpen’-strategie; wél een muziekliefhebber in hart en nieren. Hij kocht zes jaar voordat ik geboren werd zijn eerste plaatje, maar hij is te jong om een echte generatiekloof te laten zien. Van zo iemand kun je als muziekliefhebber veel leren. Gelukkig steekt Michel van der Woude zijn mening zelden onder stoelen of banken. Natuurlijk verkoopt hij je alles wat je wil, meestal zonder een preek, maar wie meer wil, kan op een leuk gesprek rekenen. Niet alleen voor vinyl is Da Capo Records ‘the place to be’, ook voor wat muzikale opvoedkunde in levende lijve. Mochten zijn uitspraken wat negatievelijk overkomen, weet dan dat Van der Woude het hart écht op de juiste plek heeft, hij leest zijn bladen (waaronder de MOJO: “Ook een blaadje voor ouwe mensen” daar issie weer!) en bedoelt het altijd goed. Of het nu online is op het forum van The Riplets waar hij jonge gastjes wil laten inzien dat Metallica écht niet legendarisch is, of in zijn eigen habitat; Van der Woude hoort, spreekt en leeft muziek. En drinkt zijn pak melk. Dat is Van der Woude in Da Capo Records. Een kleurrijk figuur in een caleidoscopische winkel. Een uitsmijter tot slot? Nog maar eens over imago en uiterlijkheden: “De DAXL’s waren een stuk meer rock-n-roll dan veel bandjes die denken dat ze nu zo stoer zijn. Zuipen totdat je je gitaar kwijtraakt en zo. The Hives; die nieuwe single van ze, viel me nu ook weer zo goor tegen. Hun ‘claim to fame’ is een nummer in een ondergoed commercial waarin Kylie nogal sexy tekeer gaat. Dat vind ik het beste wat ze gedaan hebben, het beste wat Kylie gedaan heeft, natuurlijk. Dan hebben ze een nieuwe plaat en de eerste single is gewoon bagger: een makkelijk nummer. Dat betekent dat die jongens ook gewoon uitgekakt zijn. Met hun grote bek en pakken en image, vallen ze net zo goed door de mand. Als de eerste single van je nieuwe LP al niet goed is, dan ben je denk ik heel gauw uitgekakt. Dan kun je net zo lang leuke praatjes hebben, maar na een tijdje ben ik ook wel uitgekeken op een grote bek en denk ik: laat nu maar eens horen wat je compositorisch kunt. En dus niet dat elke band nu bezig moet zijn met… kijk: The Velvet Underground was ook niet bezig met tijdloos zijn, maar je maakt muziek om de muziek en niet om de rest. En binnen de kortste keren zijn ze nog junkies ook. Nou ga meer eens kijken in Utrecht en je ziet zo wat heroïne of zo met je doet. Hoe rock-n-roll is dat? Als je denkt dat je daar ongeschonden uitkomt, ben je gewoon een lul.” Nee, Van der Woude houdt het liever bij het goede lied. Zo saai als Norah Jones in de Bijlmerse Bierhal op de DVD ook moge lijken, zo was Oasis ook ooit. En toch zat daar op de eerste platen de vonk in. Vuur genoeg om Van der Woude ertoe te bewegen om zelfs plaats te nemen in een eenmalige coverband: O-Jezus. En zo zie je maar. Zelfs de meest verstokte criticaster kent zijn zwakke, of jolige momenten. Als de muziek an sich maar goed is. Zoals in Los Angeles Rodney Bingenheimer – DJ voor KROQ Radio – ook alleen maar ‘in it for the music’ is. Aan die man is een documentairefilm gewijd: ‘Mayor of the Sunset Strip’. Het enige nummer dat in de rolprent helemaal te horen is (tussen bands als The Byrds, The Ramones en andere kanonnen), komt van niemand anders dan Van der Woude en mede-auteur Steve Gregory; ere wie ere toekomt. International Language’s ‘Rodney’s English Disco’ draait onder de end-titles. Een film vol sterren; van Bowie tot Costello en van Jagger tot Beck; met aan het eind een toepasselijke eigen ‘claim to fame’ voor Van der Woude. Al zijn sterallures de man vreemd. Wie weet zien we Michel van der Woude nog eens op een (Utrechts) podium terug. Of lezen we zijn naam ergens in de credits van een Nederpoppunky LP als van The Riplets. De wonderen zijn de wereld niet uit. Zeker niet in het geval van een muzikale allesvreter en –kenner en –criticus als Van der Woude. Tot die tijd is en blijft Da Capo Records gewoon vinylheaven voor Utrecht. En je kunt er altijd terecht als je verlegen ligt om een paar geniale one-liners. Of een lesje muziekgeschiedenis uit de eerste hand. Een zaak apart dus, met een dito verkoper.
Tags

nu op 3voor12