Nieuw album New Order: Geen introspectieve shit Nieuw album New Order: Geen introspectieve shit

Zanger Bernard Sumner over Joy Division, dance en de negende plaat van de band

, Robert Lagendijk

Nieuw album New Order: Geen introspectieve shit

Zanger Bernard Sumner over Joy Division, dance en de negende plaat van de band

Robert Lagendijk ,

‘Ik hou van mijn muziek als ik het schrijf. Ik hou ook van mijn muziek als ik het opneem en mix. Daarna begint bij mij de paranoia, dan denk ik dat alles slecht is wat ik doe. Aan de telefoon hangt Bernard Sumner, zanger, muzikale veelvraat en multi-instrumentalist van New Order, de band die al 35 jaar cultuurdrager is van Manchesters post-punk scene van eind jaren zeventig. Deze week verschijnt Music Complete, hun negende album. ‘Toen het album klaar was, heb ik mij zes weken lang van alle muziek afgesloten. Ik heb mezelf bij wijze van spreken uitgehongerd. Toen kon ik met frisse oren naar het album luisteren en dacht ik: ja, dit is goed. Ik ben voor het eerst trots op een album.’

Music Complete telt elf nummers die stuk voor stuk de vertrouwde New Order-sfeer uitademen: melancholieke, haast gammele zang over een swingend fundament dat op stadionformaat is neergelegd. De gitaren hebben grotendeels plaats gemaakt voor synthesizers. Chemical Brother Tom Rowlands produceerde twee tracks voor het album en verder zijn er helpende handen van La Roux’ Elly Jackson, Iggy Pop en Killers-frontman Brandon Flowers. Kenmerkend voor het album is dat Sumner en de rest voortborduren op het eigen dansgeluid waardoor we de band ooit leerden kennen. ‘Blue Monday’, de floorfiller uit 1983 die altijd aan de band is blijven kleven, zorgde toen juist voor een breuk met het eigen gitaarverleden.  

Blue Monday
Aanvankelijk, in 1980, gingen zanger-gitarist Bernard Sumner, drummer Stephen Morris en bassist Peter Hook na de zelfmoord van zanger Ian Curtis eigenlijk gewoon verder waar ze gebleven waren. ‘Volgende week gewoon weer oefenen?’ had Hook gevraagd toen hij hoorde dat Curtis zich aan de vooravond van de eerste Amerikaanse tournee van Joy Division had opgehangen aan het wasrek in zijn huisje in Macclesfield. Er werd gewoon geoefend. Gillian Gilbert, de vriendin van Morris kwam erbij als toetsenist en de liedjes die nog in de pen zaten, werden afgemaakt. Pas later viel het kwartje bij Hook, toen hij doorkreeg waar de zwartgallige teksten van hun band Joy Division eigenlijk over gingen. Maar Joy Division zonder Curtis werd direct New Order.

Het roer ging om toen New Order wel op tour naar New York ging. De kennismaking daar met hiphop en elektronische muziek zorgde ervoor dat ‘Blue Monday’ een swingend en stuiterend jasje kreeg en de vier gingen verder op dat ingeslagen pad. Pas aan het einde van de jaren negentig kwamen de gitaren weer uit de koffers. Sumner: ‘Ik wilde toen bewust breken met de dance-scene. Alles werd ineens in hokjes gestopt. Als je een idee voor een liedje had, vroegen mensen meteen: is het house, of is het techno, jungle of drum ’n bass? Ik vond dat saai. Ik ben niet muzikant geworden om mij netjes aan de regeltjes te houden. Daarnaast had ik de hele jaren negentig in clubs doorgebracht, in Londen en op Ibiza en natuurlijk de Haçienda in Manchester. Ik zocht een andere sfeer.’
 

Honderd oude synthesizers
Maar er speelde nog iets. Het succes van ‘Blue Monday’ werd een hang-up voor Sumner en begon zich te wreken. ‘Het was zo’n uniek nummer en zo succesvol, dat het altijd voelde alsof we constant met onszelf aan het wedijveren waren. We probeerden steeds opnieuw het wiel uit te vinden en iets te maken dat net zo innovatief was en net zo succesvol als “Blue Monday”,’ vertelt Sumner. ‘Het is natuurlijk onmogelijk om het wiel opnieuw uit te vinden. Maar als je liedjes schrijft op een gitaar, hoef je je ineens niet meer bezig te houden met innovatie. Ik ben ooit begonnen als gitarist in Joy Division en het werd aantrekkelijk om de gitaar eind jaren negentig weer op te pakken. De afgelopen tijd is het voor mij weer aantrekkelijk geworden om de keyboards aan te zetten en dance-muziek te schrijven. Goddank!’

De oude apparatuur bleek het nog prima te doen, maar Sumner had door de jaren heen afscheid genomen van een flink deel van zijn synthesizers. ‘Ik ben niet zoals Stephen. Hij heeft honderd oude synthesizers en bewaart alles wat hij koopt. Hij woont met Gillian in een grote boerderij in Macclesfield, waar wij ook oefenen. Hij is bewaarziek, ik ben een weggooier. Als ik iets koop en het bevalt mij niet, verpats ik het weer of verstop het zodat ik het nooit meer kan vinden. Ik heb nu vier goede, oude keyboards. Op een daarvan heb ik de baslijn voor “Blue Monday” geschreven. Ik heb mij natuurlijk ook nog wel verdiept in nieuwe techniek en enkele software-synthesizers gekocht. Verder volg ik de huidige dance-scene niet echt. Af en toe hoor ik iets opwindends en dan koop ik de track in iTunes. De dance-tracks op Music Complete komen echt vanuit onszelf, niet door iets van buitenaf.’

Enorme drive
Music Complete klinkt bij vlagen commercieel, zelfs plat, maar elke track heeft toch het scherpe randje dat kenmerkend is voor de band. Sumner: ‘We hebben de nummers niet ontworpen om goed op de radio te klinken. We hebben ze ontworpen om live goed te klinken. Vooraf hebben we afgesproken dat alle tracks opwindend moesten zijn en een enorme drive moesten hebben – geen introspectieve shit.’ En dat bleek een hele opgave, omdat nieuwkomer Tom Chapman (de vervanger van bassist Hook die in 2007 wegens ruzie de band verliet om zich samen met zijn zoon te storten op het oude Joy Division-materiaal) er een handje van heeft om rustige nummers te schrijven. ‘We hanteren daarom nog altijd de gouden Joy Division-regel: je mag pas een langzaam nummer schrijven, als er twee opwindende dance-tracks zijn geschreven. Het is namelijk een stuk moeilijker om een dance-track te schrijven dan een langzaam liedje. Pas toen we genoeg nummers met een drive hadden voor Music Complete, schreven we de introspectieve, maar die zijn niet op het album terecht gekomen.’

nu op 3voor12