Waarom Rotterdam (g)een groot poppodium nodig heeft

"Er ligt een dik rapport over waarom het met WATT mislukte"

Ingmar Griffioen ,

Eens in de zoveel maanden steekt in Rotterdam de roep om een groot poppodium op. Logisch, de Maasstad ontbeert sinds het faillissement van WATT, medio 2010, immers een popzaal voor zo'n 1000 bezoekers. Bijzonder is dat de roep ditmaal van de gemeente komt, minder nieuw is dat het stadsbestuur de hoop op ondernemers vestigt: tot 19 december mogen die een plan indienen. "Nergens in Nederland draait een poppodium op particulier initiatief, in Rotterdam is het twee keer eerder geprobeerd en het resultaat mag bekend zijn", reageert Dick Pakkert (ex-Nighttown/Rotown). "Het is geen gemeentelijk poppodium", benadrukt de verantwoordelijke wethouder. "Als de plannen niet realistisch zijn is het simpel; dan komt er geen poppodium. 'De gemeente is geen flappentap'."

HET PLAN
De gemeente Rotterdam vindt dat 'een poppodium met een (boven-)regionale uitstraling ontbreekt' en zoekt een 'plaats waar lokale, nationale en internationale acts hun volgende stap kunnen zetten als ze de bestaande Rotterdamse podia zijn ontgroeid'. Rotterdam heeft daarom een oproep geplaatst voor plannen voor een middelgroot poppodium.
 - Indienen kan van woensdag 1 oktober tot en met vrijdag 19 december 2014 12.00 uur
- De gemeente stelt voor de exploitatie van het podium voor de komende zes jaar subsidie beschikbaar (tot en met het eind van het volgende cultuurplan 2017-2020)
- De gemeente denkt aan een zaal voor circa 700 tot 1.200 bezoekers (geen harde voorwaarde. "Het beste plan kan ook een podium zijn voor bijvoorbeeld maximaal 900 bezoekers")
- 'Van belang is een gezonde exploitatie in relatie tot een aansprekend programma en publieksbereik en -beleving'
- De plannen worden getoetst op inhoudelijke kwaliteit, financiële en organisatorische stabiliteit en haalbaarheid
- Uiterlijk 1 februari 2015 kiest de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) de drie beste plannen,
- 'Eventueel geluidstechnisch en ander onderzoek zou dan moeten plaatsvinden'
-  Rond 1 juni 2015 moet de RRKC het definitieve advies uitbrengen. Daarna is het aan het college en de gemeenteraad.

WAAROM LOOPT HET NU ANDERS DAN BIJ WATT?
Met de fatale afloop van vooral de poppodia Nighttown en WATT (door ondernemers gerund) en WaterFront (door de gemeente met WATT gefuseerd en daarmee kopje onder gegaan) nog vers op het netvlies, is de vraag waarom het ditmaal anders zou verlopen? "Dat was voor mijn tijd, ik heb daar als Rotterdammer wel met enige interesse naar gekeken", reageert wethouder Adriaan Visser. "Bij WATT was het pand niet gelukkig, de rol van de ondernemers niet gelukkig en ongetwijfeld kon de rol van de gemeente ook beter. Maar ik wil dat voorbeeld niet gebruiken, we kunnen beter." Visser (D66) is sinds 16 mei wethouder (Financiën, Binnenstad, Cultuur en Sport) en is met frisse moed begonnen, zo valt ook Pakkert op. "Wel verfrissend, de vorige wethouders wilden alleen maar snijden en weghalen, deze wil iets beginnen. Daar kun je alleen maar respect en waardering voor hebben."

Niettemin is Pakkert, die jarenlang directeur was bij Nighttown en Rotown, kritisch over de insteek en vooral het beroep op de gemeenschap. "De Stadsschouwburg en het museum moeten het toch ook niet van particulier initiatief hebben. In Nederland kan alleen de HMH zichzelf zo bedruipen. Maar dat is met die capacititeit van 5000 man en die hebben al een ingang bij bands en Mojo." De gemeente mikt op een poppodium voor 700 tot 1200 bezoekers. "We willen een poppodium waar onze acts een stap kunnen zetten, dat groter is dan wat er nu is. Wij verdienen dat als stad, maar het moet ook een toevoeging zijn ten opzichte van de bestaande infrastructuur." Daarmee doelt Visser op "projecten en festivals als Metropolis en Motel Mozaique en podia als Rotown, Bird die al mooie dingen doen. Daarboven zou een poppodium thuishoren."

INVESTEREN IN BESTAANDE POPINFRASTRUCTUUR
Pakkert ziet juist meer in versterking van die bestaande infrastructuur. Hij ontving voor zijn verdiensten voor de Rotterdamse popsector recent de Cultuurpenning uit handen van Visser en verwees toen in magazine Vers Beton naar de aanpak van Paradiso, dat ook in de kleinere Tolhuistuin en Bitterzoet programmeert. De Stichting Live At Rotown en Motel Mozaique doen dat ook in onder meer de Maassilo, de Lightvessel, De Gouverne, de Schouwburg en de Doelen. "Dat is volgens mij de oplossing voor de popsector, er zijn zalen genoeg. De gemeente zou meer moeten investeren in de bestaande podia." Pakkert vreest ook dat het geld voor een nieuw podium ten koste zal gaan van andere culturele organisaties, maar Visser verzekert dat dat niet het geval is. Hij wil niet vertellen hoeveel de jaarlijkse exploitatiesubsidie mogelijk gaat bedragen. "De een zal in zijn plan zeggen dat hij 100.000 euro nodig heeft en de ander zoveel miljoen. Ik ga niet vooraf vertellen hoeveel er beschikbaar is, want dan ben je dat vast kwijt. Waar we het vandaan halen zal de sector op z'n Rotterdams gezegd worst wezen, maar er is geld beschikbaar en dat gaat niet ten koste van bestaande instellingen." De wethouder voegt toe dat een constructie met op locatie programmeren naar het voorbeeld van Paradiso "ook denkbaar is, zolang het plan maar aan de criteria voldoet".

ROTTERDAMMER ZOEKT HEIL AL VIER JAAR ELDERS
Nu de Rotterdammer al ruim vier jaar gewend is om voor grote popconcerten zijn heil bij andere podia te zoeken, kun je je afvragen of de stad dat tij wel kan keren. Binnen een uur zit je in Amsterdam, Den Haag of Utrecht, waar de gevestigde poppodia al jarenlang grote popshows opdienen. Pakkert pakt ook de trein voor concerten. "Bijna alles vindt in Amsterdam plaats. Je kunt je hier beter richten op kleine podia. Bird, Roodkapje, Worm; ze doen het allemaal goed en voor het eerst sinds twee jaar is het rustig op popgebied." Visser heeft de indruk dat Rotterdam wel behoefte heeft aan een dergelijk podium. "Sinds 16 mei hebben mij al een groot aantal signalen vanuit de stad bereikt. Dit college vindt popmuziek van groot belang voor de stad en is bereid middelen daarvoor vrij te maken. Dat is afhankelijk van de vraag ja. Het allerbelangrijkste is dat we vertrouwen op de kracht van de sector. Wij hebben het gevoel dat Rotterdam er aan toe is, de oproep moet bewijzen of dat ook zo is. Een aantal partijen is al langer bezig met nieuwe gebouwen en er zijn partijen die bestaande gebouwen ombouwen. Daartussen zitten mensen die niet precies in de pop zitten, maar iets willen bouwen waar pop ook een plek kan krijgen. Je ziet dat mensen met plannen komen, dus er is wel iets aan de hand in de stad."

NIEUWE PARTYLOCATIE UIT NOW&WOW-HOEK
Een van die mensen is organisator/ondernemer Koos Hanenberg, die jarenlang met Ted Langenbach de Rotterdamse danceclub Now&Wow uitbaatte. Het duo schermt met private investeerders die het pakhuis Katoenveem in Delfshaven voor 3 miljoen euro zouden willen verbouwen. Moet de gemeente de enorme loods wel voor een symbolisch bedrag overdragen aan een vennootschap, waarin Hanenberg en Langenbach met enkele aandeelhouders van evenementenorganisator ID&T zitten, zo meldt AD. Het duo heeft daartoe een voorstel ingediend. Het betreft bepaald niet het eerste plan uit de voormalige Now&Wow-koker en Pakkert liet zich op Vers Beton duidelijk uit: "Je kent dat spreekwoord over de ezel toch wel? Dit plan is natuurlijk ontzettend dom." Steen des aanstoots is de beoogde grootte van de zaal (3000 man) en de vermoede bestemming: dancefeesten. Pakkert snapt wel dat ondernemers happen nu de gemeente een zak geld voor ze neerlegt. "Maar die jongens willen een zaal voor 3000 mensen doen. Bands van die grootte krijg je niet, of maximaal zes per jaar en daar kan je dus niet van leven. Dus ik denk dat het gewoon een danceclub wordt, daar hoeft de gemeente geen geld in te stoppen."

"Katoenveem is een pand dat een stuk buiten het centrum ligt", weet Visser. Hoewel de gemeente eigenlijk aan de binnenstad als locatie dacht, vindt hij die afstand niet onoverkomelijk. Wel reageert de wethouder op de manier waarop de ondernemers de publiciteit gekozen hebben: "Het is hun keuze om zo naar buiten te gaan. Dit plan is niet direct wat wij voor ogen hebben, want meer gericht op dance, grote commerciële concerten en 1500-3000 bezoekers. Het is mogelijk op commerciëlere basis gestoeld dan een poppodium, maar ik sluit het niet op voorhand uit. Ze zeggen het meerdere keren per maand als poppodium te willen gebruiken. Je zaal zo aanpassen dat die ook voor 1000 man geschikt is, is een interessante uitdaging." Ook lastig is dat het uit 1920 stammende pand een Rijksmonument blijkt te zijn. "Het is niet onmogelijk, maar ook niet automatisch zomaar aan te passen." Uit dezelfde buurt bereikte Visser een tweede initiatief: "Een stukje verderop op de oude Ferro-locatie. Dat is op dezelfde manier gestoeld: ze willen een oud pand helemaal herontwikkelen. Je moet een beetje aan de Westergasfabriek denken. Maar ook dit is groter opgezet dan wij voor ogen hebben."

'DE VRAAG IS OF JE EEN ZAAL VAN 1200 MAN KUNT VULLEN'
Ook bij een zaal tot 1200 man heeft oud-podiumdirecteur Pakkert zijn bedenkingen. "De vraag is of je zo'n zaal kunt vullen. Bands van die grootte komen maar 10 à 12 keer per jaar naar Rotterdam en die zet Motel Mozaique of Stichting Live at Rotown nu al in Schouwburg of Gouvernestraat neer. Ik vraag me af of er meer willen komen." Critici stellen dat als de gemeente er niet vol voor gaat (geld in stenen stopt in plaats van in exploitatie), het vooral het risico loopt op een herhaling van het WATT-fiasco. In het beste geval hou je dan een instelling over die af en toe een popconcert huisvest, maar vooral op dance en verhuurfeesten draait. Een beetje zoals in WaterFront, waar Social Underground Rotterdam nu het stokje heeft overgenomen. Pakkert was bij de recente opening met een concert van Mothers Finest. "Mooie zaal. Maar dansavonden en verhuren; die combinatie is heel erg moeilijk. Je kunt ook naar het verleden kijken, naar waarom het daar en aan de Kruiskade (WATT/Nighttown, red.) allemaal niet gelukt is. Er ligt namelijk een echt dik rapport over, ergens in een lade."

Rapport Rekenkamer Rotterdam, dat als een van de redenen wijst op "de bestuurlijke complexiteit, die onder meer te wijten is aan de onduidelijke rol van de gemeente". Ook schrijft de Rekenkamer: "De gemeente heeft ervoor gekozen om subsidie ter verlenen aan een stichting die financieel afhankelijk was van een BV. De gemeente had hierbij geen volledig inzicht in de bedrijfsvoering, omdat zij geen inzicht had in de BV."
* Plus
uitgebreide analyse door 3voor12

DE GEMEENTE IS GEEN FLAPPENTAP
Wethouder Visser deelt de visie dat er veel is misgegaan. "Sommigen zeggen: 'joh, er is al voor zoveel geld verspijkerd hier'. 'De gemeente is geen flappentap', las ik ook ergens. Maar ik denk dat zowel de gemeente als de sector veel geleerd heeft. Nu maar hopen dat er niet dezelfde fouten worden gemaakt." Pakkert: "Er is natuurlijk jarenlang gezeik geweest. Wie weet, dat ze daarom mensen plannen laten indienen. Dan kunnen ze zeggen: 'kijk, er zijn geen goede plannen' en zijn ze er vanaf." Visser bekijkt het wat positiever: "Voor ons geldt: dit is geen gemeentelijk poppodium. Niet voor niets dat we het initiatief bij de sector leggen. Wij gaan niet zeggen: 'het moet er komen omdat wij vinden dat het er moet komen'. Het moet wel echt uit de gemeenschap komen. De uitkomst kan zijn dat er geen goede plannen zijn, dan hebben we een goede case gehad en hebben de cynici gelijk gekregen. Maar ik denk het niet."