3voor12 bespreekt Album van de Week (42): Caribou 3voor12 bespreekt Album van de Week (42): Caribou

Our Love omhelst zowel euforische climaxen als zweem van melancholie

, Timo Pisart

3voor12 bespreekt Album van de Week (42): Caribou

Our Love omhelst zowel euforische climaxen als zweem van melancholie

Timo Pisart ,

Is Can't Do Without You van Caribou hét festivalanthem van het jaar? Het is zo'n langzaam aanwakkerende track - vrijwel geheel gebaseerd rondom warme synths en die alsmaar repeterende titel, gezongen met hese kopstem - waarop de stelletjes elkaar collectief in de armen vallen, feestneuzen hartjes vormen met hun handen en meisjes spontaan tranen van geluk plengen. Can't Do Without You is direct de blauwdruk voor album Our Love, een 'dansbare dertigersplaat' met euforische climaxen, een zweem van melancholie en al evenveel slaapkamerromantiek. En daar kunnen we nooit genoeg van hebben.

Vrijwel het gehele album Our Love is rond diezelfde formule gebouwd: niet te dansbaar, intiem en elegant geconstrueerd met in elkaar vloeiende melodieën, warme synthesizers en een hese kopstem. Ze gaan telkens een huwelijk aan met samples die out-of-place hadden kunnen voelen, maar opmerkelijk goed samen werken. Hoe Our Love (de track!) langzaam maar zeker opbouwt met het scanderen van die titel, om op twee derde plots tot een climax los te barsten met een "Bounce It!"-sample? Luister maar, het werkt fantastisch. En als je midden in die climax zit, vormen die synthesizers langzaam om tot… strijkers van de bevriende violist Owen Pallett? Het valt perfect, en hetzelfde geldt voor die dissonante strijkpartij in All I Ever Need en de exotische fluiten in Mars.

De ontwikkeling van Caribou naar Our Love is een logische. Na een aantal vrij psychedelische kraut- en folkrockalbums vanuit de marge, scoorde Caribou vier jaar geleden plotsklaps een gigantische bloghit met het album Swim (2010). De band (want feitelijk is Caribou een band!) rondom Dan Snaith sloeg daarop een meer dansbare richting in, met analoge synthesizers en bijzonder goed gekozen, gekke sample'tjes (wie wil niet die "Paiaiaia" van Odessa meeneuriën?). Caribou ging op tour met Radiohead, en ondertussen kreeg Snaith dankzij Swim plotsklaps ook dj-aanvragen, die hij gretig aannam onder het alterego Daphni.

Over de jaren heen trok hij Caribou en Daphni verder uit elkaar: met Daphni sloeg Snaith de richting van de bevriende Four Tet in. Abstracter, zwaarder en gesyncopeerde dancetracks met bijzonder exotische samples. Ook de split met Owen Pallett van eerder dit jaar (Julia/Tiberius) is zeer aan te raden, met de diepste bassen die je dit jaar zult horen die onverwacht logisch samengaan met de strijkarrangementen van Pallett.

In die zin is Our Love vooral een logisch vervolg op Swim, maar dan nog een slagje toegankelijker én intiemer. In de laatste paar jaar werd Snaith zelf vader, terwijl hij zag hoe enkele van zijn vrienden juist in een scheiding lagen en mensen uit zijn directe omgeving overleden. Met Our Love wilde hij dat alles vatten in zijn meest persoonlijke plaat tot nu toe. Het grappige is: daar heeft hij helemaal niet veel woorden voor nodig. In die alsmaar repeterende regel Can't Do Without You klinkt meer verlangen en liefde door dan het gehele oeuvre van Ben Howard. De coupletten van All I Ever Need verschillen slechts subtiel, met een melancholisch verhaal over een stukgelopen relatie. Our Love heeft zelfs maar twee woorden nodig om een wereld mee te bouwen. Snaith zingt alles zorgvuldig, breekbaar met een zachte, hese kopstem die direct binnenkomt.

Het grootste gedeelte van het album is het klankenpallet uniform en bijzonder smaakvol gekozen: warme synthesizers die opstuwen naar ingetogen climaxen. De ene keer met langzaam aanzuigende akkoorden (Can't Do Without You en Julia Brightly), de andere keer met meer ritmische, dwingendere melodieën (All I Ever Need, Dive, Back Home, Your Love Will Set You Free).

Er staan twee vreemde eenden in de bijt op Our Love. De eerste lijkt een studieobject dat Snaith al langer laat terugkomen in zijn oeuvre. Een gesyncopeerd patroon dat in drieën beweegt en pas over een veelheid aan maten weer op de 1 valt. Op Sun (2010) was het de zang, op Springs (2012, met Daphni) de kick, en op dit album is het Mars: de meest abstracte track van het album, dat nog het meest aan Daphni doet denken met een diep samba-ritme en een spookachtige melodie. En dan is er nog Second Chance, een wat misplaatste R&B-track zonder enige vorm van beat en wat slickere zang van Jessy Lanza (de enige gastvocalist op het album). Een welkome afwisseling op de wat onzekere stem van Snaith? Mwoah. Het album had het niet nodig.

Verder is Our Love een prachtig, uniform en intiem geheel. "Een dansbare dertigersplaat", zei hij er zelf over. Inderdaad, het is eerder heupwiegen dan fistpumpen en Our Love werkt evenzogoed op de festivalvelden met een hoofd rozig van de MDMA, als stapelverliefd in de slaapkamer met een lichaam suizend van de endorfine. Een plaat met zowel melancholische als extatische momenten. Potdorie, zoals de liefde zelf! Een album om te koesteren.

Nu op 3voor12