SXSW12: hipsterdub, gedragen folk, weirde pop, Zuid-Afrikaanse rap en meer SXSW12: hipsterdub, gedragen folk, weirde pop, Zuid-Afrikaanse rap en meer

Op zoek naar nieuw talent in de bars van Austin

, Atze de Vrieze en Menno Visser

SXSW12: hipsterdub, gedragen folk, weirde pop, Zuid-Afrikaanse rap en meer

Op zoek naar nieuw talent in de bars van Austin

Atze de Vrieze en Menno Visser ,

Ruim 3000 bands spelen deze week in Austin. Sommige hebben hun sporen verdiend, velen zijn totale nobodies, anderen surfen naar Texas op een klein golfje van hype. 3voor12 loopt en fietst zich een slag in de rondte om zoveel mogelijk nieuwe namen te zien.

Sharon van Etten (Stubb's)

New York singer-songwriter Sharon van Etten is geen newbie. Ze bracht onlangs haar derde album Tramp uit, dat ze vrijwel alleen met Aaron Dessner van The National opnam. Ze heeft maar liefst veertig minuten nodig om haar band in het gareel te krijgen, en dat terwijl het tijdschema toch al behoorlijk overhoop ligt. Gezien de enorme massa fotograferen vooraan wordt met een grote doorbraak rekening gehouden, maar daar overtuigt deze set niet genoeg voor. Van Etten - goedlachs tussen de nummers door - duikt haar nummers in, flegmatiek en introvert, met weinig opvallende melodieën. Veel sfeer, nooit sentiment, heel af en toe wat psychedelische invloeden, maar daardoor maakt ze het zichzelf niet makkelijk om een veld vol mensen in te pakken. De set eindigt met de twee sterkste en meest uitgesproken nummers op haar nieuwe plaat: Leonard en single Serpents. (AdV)

Dan Deacon (Stubb's)

Dan Deacon is meer performance artiest dan muzikant. Dat was hij al in zijn eentje, dat is onveranderd nu hij aantreedt met het Dan Deacon Orchestra. Wat je je daarbij voor moet stellen? Wel, Deacon's bekende tafel vol met rare elektronische apparaten, microfoons en discolampen, maar dan aangevuld met twee drummers. Het is weer een dolle boel met ome Dan, al houdt hij de gekkigheid beperkt. Geen haasje-over of menselijke piramides. Halverwege organiseert hij wel een grote cirkel in het publiek, waar binnen een danswedstrijdje gehouden wordt. Gezellige ongein dus, die haaks staan op de absurde, nerveuze elektronische muziek met vervormde vocalen die de man uit zijn apparatuur tovert. Muzikaal horen we geen nieuwe wegen helaas, en dat terwijl Deacon binnenkort met een nieuw album schijnt te komen.

Milagres (ND Club)

Milagres is een van de buzzbands in de New Yorkse indierock. Ze brachten onlangs hun debuutalbum Glowing Mouth ook in Nederland uit. Wat meteen opvalt is de intensiteit van hun gitaarrock. Zanger/gitarist Kylie Wilson zou nog het liefst een relatie beginnen met zijn gitaar, zo te zien. Hij koestert het instrument als hij er niet op speelt, dat is mooi om te zien. Wat betreft die intensiteit zou de band nog wel eens uit kunnen groeien tot een voorprogramma van Elbow, maar helaas zijn de songs nog niet sterk genoeg. En je moet tegen de falsetto van Wilson kunnen, die af en te uit de bocht vliegt. Toch in de gaten houden, vanwege de intensiteit die je maar zelden tegenkomt. (MV)

Sun Araw (Boiler Room)

"Soms heb je een idee dat precies zo uitpakt als je wilt." De host van internetfeestje Boiler Room is blij met Sun Araw. Het trio uit Los Angeles past uitstekend bij de sfeer van het feestje, dat vanuit Londen langzaam maar zeker de hele wereld over waait. Het idee: webcam, streak, geheime locatie, hippe line-up. Die geheime locatie wordt dit keer toch maar bekend gemaakt. Het is een behoorlijk eindje fietsen aan de andere kant van de snelweg, maar dan kom je wel in een zonovergoten tuintje, met gratis bier en eigenzinnige acts. Het zeer hippe publiek gedraagt zich doorgaans demonstratief koeltjes, alsof de muziek vooral niet gecheckt wordt. Afstandelijkheid past dit trio wel. In het midden staat een zuinig spelende bassiste, die de basis legt voor de spacey hipsterdub. Rechts een man met elektronica, links een zanger met een petje, die het begrip toasten een geheel eigen draai geeft. (Adv)

Spoek Mathambo (Boiler Room)

Zuid-Afrikaan Spoek Mathambo is niet zo'n lolbroek als zijn landgenoten Die Antwoord en Jack Parow. Rapper is hij wel, met band. Prominente rol is er voor de Roland AX, zo'n synthesizer die je om je net draagt en die thuis is in digitale 80s funk. Hij staat jammer genoeg een beetje hard, en ook de drummer ramt wel erg enthousiast op zijn kisten. En toch heeft het wel wat, wat deze jongen doet. Soms klinkt het retro of zelfs wat ouderwets, soms ook ineens heel erg hip en van morgen. Meest opvallend is een cover van Joy Division's She's Lost Control, zo'n nummer waar je lef voor moet hebben om het aan te pakken. Het pakt redelijk goed uit. Het laatste - eigen - nummer is het hoogtepunt van de korte set. (AdV)

Shigeto (Barcelona)

Klokslag acht uur gaat de deur van Barcelona open, een donkere kelderclub midden op 6th Street. Japanner Shigeto begint zijn set intussen voor een volstrekt lege zaal, die zich gaandeweg vult. Hij staat in zo'n typische streekdiscotheken dj-booth, waar de artiest niet geacht wordt al te veel shine te pakken. Gelukkig is Shigeto niet het type artiest dat graag alle spotlights op zich gericht ziet. Onlangs bracht hij een nieuw album uit op kwaliteitslabel Ghostly. Hij begint zijn set diep en experimenteel, met licht wobbelende bassen en zeer gevarieerde ritmes, waarbij hij beats en baslijnen steeds (letterlijk) wegsleept, waardoor je het gevoel hebt dat het alle kanten op kan gaan. In de loop van zijn set komt er steeds meer hiphop in, met scherpe snares en raps die echt in dienst van het geluid staan. Meeslepende set, spannend van de eerste tot de laatste seconde. Enige minpunt: twitterberichten vertelden dat hij een dag eerder ook met live percussie in de weer was, dat zat er vanavond niet in. (AdV)

Polica (IFC House At Vice)

Een van de meest veelbesproken acts vorig jaar op SXSW was Gayngs, een project van een producer genaamd Ryan Olson uit Minneapolis. Hij verzamelde zo'n twintig muzikanten uit zijn omgeving (waaronder Justin Vernon alias Bon Iver) om zich heen en maakte een ode aan de 80s soft pop van Godley & Cream. Een bijzonder gezelschap en een behoorlijk indrukwekkende live act, die Europa nooit haalde. Dat zal vast anders gaan met Polica, het nieuwe project van Olson, dat binnenkort debuteert op Memphis Industries. Polica is een kwartet, met zangeres, bassist en twee drummers. Opvallende keuze, want die tweede drummer had ook de elektronica kunnen bespelen, die nu uit een doosje komt. Toch is het een goede keuze, want die tweede drummer maakt de sound van Polica net wat pittiger. De zangeres doet zowel in uiterlijk als sound denken aan Tracy Thorn van Everything But The Girl, en de sfeer die de band neerzet refereert ook wel aan 90s triphop. Iets meer variatie zou de band goed doen, maar een single als Lay Your Cards Down is gewoon erg goed en aan het slot wacht een fraaie climax. (AdV)

We Are Augustines (Maggie Mae's Rooftop)

Billy McCarthy van We Are Augstines verloor in korte tijd zijn moeder aan een ziekte en zijn broertje aan zelfmoord. Genoeg basis voor geladen popmuziek dus, en die is We Are Augustines vastbesloten te maken. Met van pijn vertrokken gezichten, maar ook met veel adrenaline. Want muziek maken is de uitvlucht, de catharsis. Jammer dat We Are Augustines al die intensiteit om probeert te zetten in volstrekt fantasieloze Kings Of Leon gitaarrock. Bedoeld voor grote menigtes, maar daarvoor veel te weinig onderscheidend. Ja, ook de bassisten van grote bands als Kings Of Leon en U2 beperken zich vaak tot eenvoud, maar daar staat dan vaak wel een gouden gitaarriff of een zangstem met veel karakter tegenover. Die mist deze band volkomen. Kansloos. (AdV)

Grimes (Central Presbyterian Church)

De Canadese Claire Boucher alias Grimes heeft haar hele optreden lang moeite haar geluid onder controle te krijgen in de statige Central Presbyterian Church. Maar haar idee is duidelijk en goed: zeer poppy vocalen worden live vervormd en geloopt zodat ze haast samenvloeien met de ongemakkelijk aanvoelende synthesizers. Zo horen we een bizarre ontmoeting tussen Madonna, La Roux en Crystal Castles, die ook nog eens twee uitstekende singles oplevert. Uiterlijk zit Grimes overigens nadrukkelijk in de art hoek dan de gelikte pop. Ze wordt bijgestaan door een wat androgyne jongen met een zeemanspetje op, die zomaar het broertje van de CocoRosie zusjes had kunnen zijn. Single Oblivion zit al vroeg in de set, afsluiter Genesis is een van de beste liedjes van het jaar, en een paar meisjes vooraan staan op uit de kerkbanken om te dansen. We zien veel van dit soort acts op SXSW dit jaar - synthesizers, arty presentatie, een of twee muzikanten - maar Grimes is een van de besten in het genre. Binnenkort te zien op London Calling. (AdV)

Nu op 3voor12