Archie Bronson Outfit is het gepiel zat Archie Bronson Outfit is het gepiel zat

Britse geluidsnerds gaan er snel weer een album uit knallen

, Erik Zwennes

Archie Bronson Outfit is het gepiel zat

Britse geluidsnerds gaan er snel weer een album uit knallen

Erik Zwennes ,

Archie Bronson Outfit bracht dit jaar het derde album Coconut uit. Het is voor hun begrippen een dansbare plaat geworden, vol verwijzingen naar de oervaders van de synthrock. Een gesprek over vinyl, beeld en de lokale danskampioen van Gambia.

Britse geluidsnerds gaan er snel weer een album uit knallen

Dinsdagavond 4 mei speelt de Britse psychrockband Archie Bronson Outfit in de Paradiso Bovenzaal. Twee maanden eerder zitten zanger Sam Windett en Mark Cleveland (bassist Dorian Hobday is thuis gebleven) in de tuin van de poptempel. Het is een van de eerste mooie dagen van het jaar en de heren stallen hun zojuist gekochte LP's uit op tafel. In platenzaak Record Place schuin tegenover Paradiso hebben ze zich tegoed gedaan aan wereldmuziek, Afrobeat en meerdere Hawaïaanse vinylpareltjes. Wie het nieuwe album Coconut luistert en de bijbehorende dvd met video's bekijkt, hoort en ziet dergelijke invloeden terug. De heren spelen op hun derde album met bonga's, atypische drumritmes, melodieuze gitaarriffs en 'goedkope' synthlijntjes.

"De lokale danskampioen van Gambia speelt de hoofdrol in de video bij het nummer Chunk," zanger Windett glimlacht er niet eens bij. Elk nummer van de nieuwe plaat heeft een bijpassende clip gekregen. "De liedjes gaan zoveel kanten op en zijn soms zo vaag dat we ons hebben uitgeleefd op een visuele uitleg. Deze video is door een vriend geschoten en is eigenlijk net zo simpel als het nummer. De track Chunk is gebouwd op een beat die iedereen na kan maken. De bevriende regisseur is vierentwintig uur met deze danser op stap geweest. Binnenkort willen we naar Gambia en gaan we de danser zeker ontmoeten."

De twee muzikanten grappen niet als ze het over een Afrikaanse tour hebben. Cleveland en Windett zijn hoogstens wat excentriek te noemen. Beiden staan even op om de lentewind door hun weelderige baarden te laten waaien. Beiden zijn ze verslingerd aan sciencefiction films, oude keyboards en jazzlegende Sun Ra. In voormalig DFA labeleigenaar en producer Tim Goldsworthy vond de band de ideale geluidsfreak om een nieuwe weg in te slaan. Hij kwam met obscure Suicide opnamen aanzetten en platen van innovatieve synthveteranen als Hawkwind en Silver Apples. Het uitgangspunt van Coconut was dansmuziek. Drums en creatieve ritmes zijn belangrijker dan de psychgeluiden van de eerste twee platen. Cleveland wijst op het spacey droomliedje Hunt You Down. "Dat was voor ons het bewijs dat we ook luchtige en lichte nummers kunnen maken. We willen nogal snel een muur van geluid en fuzz bouwen, maar dat staat vernieuwing soms wel in de weg."

Dan lijkt het gesprek te verzanden in namedropping. Platen van Sandy Bull, gitarist Robbie Basho en gitaarminimalist John Fahey vliegen over tafel. Cleveland begint over zijn passie voor psy-fi-trash, exotic punk en films van de geëngageerde Franse filmmaker Chris Marker. Dan merkt Windett op dat ze blijkbaar nog veel te veel ideeën hebben liggen. "Dit is echt een mierenneukalbum geworden. Heerlijk om eens te maken, maar voor mij hoeft het niet nog eens vier jaar te duren. Je hoort wel dat onze hoofden nog vol inspiratie en ideeen zitten. We gaan gewoon weer heel snel de studio in. Op onze oude vertrouwde wijze een album eruit knallen, dat zorgt volgens mij toch voor meer geestesrust."

Nu op 3voor12