5 Days Off, dag 1: Dixon heeft de meest verslavende dosis 5 Days Off, dag 1: Dixon heeft de meest verslavende dosis

Openingsavond Melkweg scheef geprogrammeerd én bezocht

, Ingmar Griffioen

5 Days Off, dag 1: Dixon heeft de meest verslavende dosis

Openingsavond Melkweg scheef geprogrammeerd én bezocht

Ingmar Griffioen ,

Gemengde gevoelens in de Melkweg, waar de openingsavond van 5 Days Off moeizaam op gang kwam en waar hele goede sets van Dixon, San Proper en Four Tet in de Max werden afgewisseld met luchtiger en soms carnavalesk vermaak in de Oude Zaal. Wellicht was de sterkere programmering in Paradiso debet aan de matige opkomst, feit is dat alleen bij Dixon de zaal goed gevuld was én ontplofte.

Openingsavond Melkweg scheef geprogrammeerd én bezocht

Gemengde gevoelens in de Melkweg, waar de openingsavond van 5 Days Off moeizaam op gang kwam en waar hele goede sets van Dixon, San Proper en Four Tet in de Max werden afgewisseld met luchtiger en soms carnavalesk vermaak in de Oude Zaal. Wellicht was de sterkere programmering in Paradiso debet aan de matige opkomst, feit is dat alleen bij Dixon de zaal goed gevuld was én ontplofte.

Dat het nog niet druk is als San Proper om 22.00 uur 5 Days Off 2010 in de Melkweg aftrapt, is niet zo gek. Jammer is het wel, want de Amsterdammer bouwt aan een mooie set met funky en soms old school house. Helemaal spijtig is dat er halverwege, als San Propers set een stuk avontuurlijker en opzwepender is, toch al gauw elf man in de zaal zitten. Twee meisjes spelen tikkertje en de artiest haalt op zijn gemak een paar drankjes aan de bar. Meer urgentie gaat uit van zijn pompende groovy techno, die later door een kleine tweehonderd man op waarde wordt geschat, maar een vollere vloer verdient.

Four Tet pakt na zijn live-show in Paradiso het stokje in de Max over voor een dj-set van twee uur. Afbreken is zijn devies. Na een freaky intro gooit Kieran Hebden fragmentarisch de beuk erin en reikt bij vlagen, met bezwerende hypnotische tracks en bizarre samples, tot grote hoogten. Het publiek negeert hem aanvankelijk, want lullen is zoveel makkelijker dan hierop dansen. Hebdens dj-set heeft zijn momenten, maar is vooral van alles wat: het ene moment legt hij een drum 'n bass-knaller op, schakelt dan doodleuk terug naar bijna kabbelende clubhouse en door naar een vocal track met een minimal ritme en diep dreunende bassen.

Verraderlijk; je zou zomaar kunnen denken dat de Britse producer dat lukraak aaneenplakt, maar die gekke ingevingen maken zijn intuïtieve set uniek. Niet makkelijk, wel bij vlagen fascinerend en bovendien nuttig: tenslotte vinden veel Four Tet-tracks hun oorsprong tijdens zijn dj-sets.

Het Noorse Mungolian Jet Set, gestoken in ridicule (Mongoolse?) kledij, is in de Oude Zaal makkelijker te behappen. Het vijftal maakt live de beloofde muziekmix waar: met psychedelica doordrenkte dance, en ook enige disco. Anders geformuleerd is het uitermate stuwende spy-fi jazzdance, die als een malle van het podium stuitert en vrolijkmakend is. Wel wat eenvormig, totdat de frontman de microfoon pakt en we steeds nadrukkelijker aan Kula Shaker on speed en - god verhoede - een trippy Jamiroquai moeten denken.

Voor Dixon is de Max dan toch goed gevuld en snel wordt duidelijk waarom. Duitser Steffen Berkhahn is behalve producer, eigenaar en creatief brein van Innervisions Recordings namelijk een zeer verdienstelijk artiest. Hij serveert warme house met technoïde stukken, bescheiden vocalen en slimme geluidjes. Veel tempowisselingen, veel scoormomenten, erg crowdpleasing maar niet té. Niet constant knallen.

Daar kan Matt Didemus' dj-set niet tegenop. De beatmaker van Junior Boys draait toch stevig door, maar slordiger en eentoniger. Didemus heeft er voor die paar bezoekers zichtbaar weinig zin in. Als de ene naald dan ook nog flink stof hapt, "krrrrrrrr", maakt hij hulpeloze handgebaren en gaat nog chagrijniger kijken.

We proberen het nog eenmaal in de Oude Zaal met de laatste live-act: FM Belfast uit Reykjavik. Denk aan gekostumeerde electropop met Abba-zangeres, dito samenzang en veel gekrijs, live 'versterkt' door koebel en gitaar. De IJslanders zorgen voor een vrolijke noot, met ook een lachwekkend slechte Rage Against The Machine-cover, maar vallen duidelijk in de categorie 'Leuk voor één festivalseizoen'. Daarna horen we er nooit meer wat van, wat dat betreft zal de crisis voor IJsland duurzamer blijken.

Terug naar Dixon. De Duitser levert genoeg warme house om de mensen behaaglijk in te pakken, een portie vocal tracks om de twijfelaar te overreden en voldoende techno om de rest de dansvloer op te dwingen. Met zachte hand dan, want de man die werd aangekondigd als "die held", heeft eerder de uitstraling van een anti-held. Hij oogt als een zeer timide man en een bescheiden artiest, die opgaat in zijn muziek en haast sensueel bewegend, dromerig voor zich uit kijkt. Iemand die zelfs als hij het publiek naar een euforisch moment stuwt, niet verder komt dan een handje in de lucht of voorzichtig handgeklap. In de bescheidenheid toont zich de ware meester zullen we maar zeggen.

Nu op 3voor12