21-jarige Drutenaar lanceert tijdschrift over o.a. 'androgyne popcultuur'

Nulnummer met artikelen over Klaus Nomi, Prince en Bowie

Als er één ding is waar je je anno 2006 beter niet je vingers aan kunt branden, is het een tijdschrift oprichten. Je hebt noodlijdende uitgeverijen, blatende bladendokters en mopperende freelancers die je het allemaal moeilijk kunnen maken. En wat doet de 21-jarige Dennis Schep? Een tijdschrift oprichten: Paperwaste.

Nulnummer met artikelen over Klaus Nomi, Prince en Bowie

Een blad oprichten anno 2006 heeft heel wat voeten in de aarde. Of het is urenlang soebatten met lauwe koffie en kokosmakronen met een paar grijzende broddelaars wiens colbert ernstige vlekken vertoont, of je zit op de canapé met een crossmediale dwaler opgescheept die je van achter zijn moeilijke designbril toewerpt dat er meer geëngageerd bloot of BN-ers in moet. En als dan tot overmaat van ramp duidelijk wordt dat er vooral veel letters in moeten staan, haken de lezers ook nog eens af.

D
ennis Schep was zich van geen onheil bewust en besloot ‘gewoon’ een tijdschrift te maken, Paperwaste, waarbij de ondertitel ‘Platform voor Jonge Schrijvers’ is. En het nulnummer bevat aan de popcultuur gerelateerde artikelen over de erfenis van The Velvet Underground en de entree van de androgyniteit in de popmuziek. Een van de doelstellingen in de begeleidingsbrief van het blad: “We willen mensen slimmer maken. […] Het gros van de artikelen handelt over zelfkantkunstenaars, personen die ten onder gingen aan, of te koop liepen met hun imago van sex, drugs en rock ‘n’ roll. Paperwaste streeft in deze zin een imago na van geraffineerde decadentie en intellectuele opstandigheid.”

En nee, Dennis Schep is geen doorgesnoven randstedelijke veteraan uit de journalistenbranche. Heeft geen vriendjes bij uitgeverijen, kranten en andere media. Dennis Schep is 21, stopte met zijn studie Taal & Cultuurstudies en woont in het Gelderse Druten. Druten ja, nabij Afferden en Deest. En daar zit het Paperwaste headquarter. Al is Druten niet het bloeiende cultuurnest waar je zo’n tijdschrift mee zou associëren. “Druten is een kleine gemeente, maar tot voor kort hadden we hier wel het kleinste theater van Nederland,” verduidelijkt Schep met een knipoog.

Schep: “Ik heb de meeste van mijn contacten via internet gevonden. Ik heb schrijvers opgezocht waarvan ik vond dat ze goed schreven en die bereid zouden zijn om een bijdrage te leveren zonder er geld voor te vragen.” Één van de auteurs is wel degelijk een Drutenaar, namelijk de Drutense theaterdirecteur Thijs Vos. In Vos’ artikel over adrogyniteit in de popmuziek vertelt hij over de moderne antecedenten van de seksuele schemerzone; Brian Molko (Placebo), Marilyn Manson en Peaches. Het artikel is misschien niet opzienbarend of verheffend, maar een leuke constatering. “Ik wil verbanden leggen,” verklaart Schep.

De strakke maar luxe opmaak van het tijdschrift doet evenwel sterk denken aan Passionate, dat ándere literaire tijdschrift dat flirt met popcultuur. “Ik zie wel meer overeenkomsten met andere bladen, maar verder is er nog geen blad als dit, volgens mij. Ik ben er al met al tien maanden mee bezig geweest en ik ben nu bezig met de promotie. Er moet zich wel een uitgever over ontfermen, anders weet ik niet eens of er wel een tweede nummer komt. Voorlopig ben ik nu bezig met de distributie.” Er zijn momenteel duizend nummers gedrukt. Wie het in handen heeft, zou denken dat er een geoliede redactie achter zit met een paar euro’s subsidiegeld. Niets is minder waar. “Ik ben er zelf ook tevreden mee,” besluit Schep.