Club 3VOOR12 drie keer in katzwijm Club 3VOOR12 drie keer in katzwijm

Ozark Henry en Maskesmachine vormen perfecte opmaat voor stinkend goeie Oxes

Club 3VOOR12 drie keer in katzwijm

Ozark Henry en Maskesmachine vormen perfecte opmaat voor stinkend goeie Oxes

We kunnen er wel over liegen, maar het komt gewoon niet elke week voor dat Club 3VOOR12 drie top-acts op rij in huis blijkt te hebben gehaald. Gisteren zag de line-up er op papier misschien een beetje vaag uit, maar de avond kan als uitermate geslaagd de annalen in. Lees het verslag van een nog naijlende Jaap Boots.

Ozark Henry en Maskesmachine vormen perfecte opmaat voor stinkend goeie Oxes

Het is half vier 's nachts en nu zit ik nog na te lullen met die sympathieke Mark van The Oxes. Hij stinkt als een bunzing, of liever gezegd zijn kleren stinken als bunzingen, want hij heeft in een 32 dagen en 30 optredens tellende tour nog geen kans gehad om zijn kleren door een wasserette te jagen, maar dat maakt de conversatie er niet minder op. Hij blijkt een groot fan van de Nederlandse band De Artsen, en dan vooral van Joost Visser. "Hoorde je dan niet dat ik een likje uit een nummer van De Artsen speelde in ons tweede nummer?" Het is mij ontgaan, en velen met mij denk ik, want The Oxes, een driemans instrumetal-gezelschap uit Baltimore gaven in performance en vakmanschap zo'n geweldige show weg dat we even geen tijd hadden om op dat soort details te letten. Geen moment slaat de verveling toe. Wijlen John Peel had het goed ingeschat toen hij deze band roemde in zijn shows en uitnodigde voor zijn beroemde sessies; The Oxes zijn hyper-origineel, strak, hard en, niet onbelangrijk, zeer vermakelijk en grappig. De band draagt hun show op aan de overleden DJ en spelen alsof hun volgende douche er van afhangt. Marc en Nett lopen met hun draadloze gitaren dwars door het publiek, springen op hun Spinal Tap mini-podia, die ze door de zaal sleuren om er op gezette tijden op te gaan staan en te soleren. Ze drinken glazen bier van anderen leeg en spelen ondertussen hun onnavolgbare licks en loops en loopjes. Dan weer subtiel, dan weer knalhard begeleid door ster-drummer Christopher, die de band lijkt te leiden. Lijkt te leiden, want: is dit ingestudeerd? Of is dit improvisatie? Is dit gekte of is dit wiskunde? Hoe dan ook, het werkt. En hoe. In een rechtvaardige wereld zouden The Oxes Paradiso uitverkopen. Nu moeten ze zich tevreden stellen met optredens in kraakpanden en kleine achterafzaaltjes. En hebben ze geen tijd om hun sokken te wassen. Maar wat geeft het, als je zo goed bent? Zo stinkend goed? En de avond was al zo prachtig begonnen met Ozark Henry, oftewel Piet Goddaer. In Vlaanderen allang geen onbekende meer en ook steeds meer Nederlanders weten de weg naar optredens van deze rasperformer te vinden. 1 deel Bowie, 1 deel Brel, 1 deel David Sylvian en een heel groot deel Piet. Op zijn nieuwe album gast-muzikanten als Jaki Liebezeit (Can), Jah Wobble (PIL) en Audrey Riley (wereldberoemde celliste). The Sailor Not The Sea is, hoewel niet helemaal uw gastheers kopje thee, gewoon een goeie plaat. Luister naar Indian Summer. Of luister naar de gloedvolle vertolkingen die Piet gisteren in Club 3VOOR12 gaf. Want de zelfverzekerde Vlaming hield de ruim 200 aanwezigen muisstil. Zonder opsmuk, band of show, en met zijn gewone motorkloffie aan, kwamen Goddaer's sterkste troeven uit de mouw: zijn stem en zijn songs. Mooi begeleid door pianist Didier kwam hij perfect uit de verf. Het publiek lag aan zijn lippen, en her en der moest katzwijm opgedweild worden. Even later kregen we de andere revelatie van de avond, namelijk Het (let op het lidwoord) Maskesmachine, ook al uit Vlaanderen. Drie zingende, dansende, schreeuwende en rappende meisjes en een kerel erbij op contrabas want zoals ze zelf zeggen: "3 maskes en ne gast , want wat is nu een maskesmachine zonder gast, dat is gelijk ne schrift zonder kaft, nen otto zonder naft." Gevraagd naar een omschrijving van hun muziek stelden de bijdehante dansmariekes de tegenvraag: "Hoe zou u onze muziek omschrijven?" Waarop uw gastheer antwoordde "euhm... dadaïstische vlaamstalige hiphop zonder al te veel elektra?". "Voila", antwoordde de meest gevatte van het stel, Barbara, "dadaïstische Vlaams-talige hiphop zonder al te veel elektra, dat is het." Wat het ook was, en hoe je het ook zou willen omschrijven, het was, zij het op een andere manier dan bij Ozark Henry en The Oxes, ook zeer effectief. Vrolijk en tegelijk zeer gedisciplineerd marcheerden de aandoenlijk uitgedoste Maskes door hun repertoire heen, waarbij vooral opviel dat er wel degelijk (en goed) was nagedacht over de act, die slechts door mensen zonder gevoel voor humor en muziek ter zijde werd geschoven als minder dan tussen de schuifdeuren. En uw gastheer was niet de enige met een grijns op zijn gezicht. Een grijns die zo lang bleef staan dat hij er pijn in de kaken van kreeg. Die mening was ook Mark van The Oxes toegedaan. We babbelden nog verder over de avond. Slurpend aan zijn "lunch" (een dubbele whiskey in de ene hand en een fles bier in de andere) verklaarde hij. "I liked them. They reminded me of nothing, and that's always a good sign." Waarvan acte. Tot volgende week met MASS (Engelse grotestadsrock met fatale frontvrouw) Hackensaw Boys (Amerikaanse akoestische bluegrass-bende met punky instelling) en André Manuel (voormalig Krang-voorman nu solo)

Nu op 3voor12