Careless Talk Costs Lives helpt NME niet om zeep Careless Talk Costs Lives helpt NME niet om zeep

'Veel muziekjournalisten denken niet na over wat ze schrijven'

Careless Talk Costs Lives helpt NME niet om zeep

'Veel muziekjournalisten denken niet na over wat ze schrijven'

Steve Gullick en Everrett True waren het Britse blad NME zat. Ze besloten zelf een blad te beginnen met maar één doel: de NME ten gronde richten. In 12 issues moest het gebeurd zijn. Na twee jaar aftellen verscheen deze week het laatste nummer van Careless Talk Costs Life. Volgende week komt de nieuwe NME weer uit...

'Veel muziekjournalisten denken niet na over wat ze schrijven'

Het is al jaren hetzelfde liedje. De Britse muziekbladenmarkt wordt geleid door reus NME. Voor kleinere bladen is weinig ruimte. Tijd dus voor actie. Journalisten Everrett True en Steve Gullick stelden zichzelf een hoog doel: “We beginnen zelf een tijdschrift en binnen twaalf issues is de NME failliet. Alle lezers stappen immers over op ons frisse blad Careless Talk Costs Lives.” Er werd afgeteld van nummer 12 tot nummer 1. Op 1 November kwam het laatste nummer uit. Twee jaar lang waren True en Gullick onveranderd serieus over hun actie. Nu NME de 'aanslag' heeft overleefd, moet ook True bekennen: “Het was natuurlijk een gimmick. We zijn een low budget tijdschrift en kunnen nooit zo’n reus uit de markt werken.” True werkte begin jaren 90 voor het Britse blad Melody Maker, ooit net zo groot als de NME maar ter ziele gegaan in 1999. Als één van de eersten begon hij te schrijven over de Seatlle-scene. Hij nam steeds dezelfde fotograaf en drinkerbroeder mee: Steve Gullick. Beiden deelden een grote afkeer van de Britse muziekpers. Tien jaar later besloten ze bij wijze van grap Careless Talk Costs Lives op te richten. De titel van het blad dateert uit de Tweede Wereldoorlog. “Het slaat op waakzaamheid voor spionnen in orlogstijd. Loslippigheid kon de dood betekenen. Dat gaat ook op voor de muziekpers. Veel muziekjournalisten denken niet na over wat ze schrijven. Vaak helpen ze een band om zeep.” De taak die een popjournalist heeft is, volgens True, dat hij geweldige muziek ontdekt en die onder de aandacht van het publiek brengt. “Mensen klagen er vaak over dat er geen goeie muziek wordt gemaakt. Ik beweer dat de pers, die alleen nog voor het geld lijkt te werken, goeie muziek niet bij het grote publiek onder de aandacht brengt. Er is altijd goeie muziek.” Gimmick of niet, True en Gullick zijn sportieve verliezers. Nu NME niet uit de markt is gedrukt, heffen beide heren hun blad op. Careless Talk verscheen uiteindelijk in een oplage van 10.000. “Dat is best goed. Het blad Bang, waar een miljoen pond achterzit, verkoopt evenveel.” De strijd is overigens nog niet gestreden. Trues mening is namelijk onveranderd: “Bladen zijn slecht voor frisse, beginnende bands. In feite worden de tijdschriften geleid door de platenmaatschappijen en die zorgen ervoor dat er alleen aandacht is voor de grote namen.” Het volgende journalistieke offensief staat al in de steigers: een nieuw satirisch blad met de naam Plan-B. Ook Gullick kruipt weer de loopgraven in met Loose Lips Sink Ships, een blad dat eens per kwartaal zal verschijnen en veel kunstzinniger zal zijn.

nu op 3voor12