Britpop documentaire Live Forever gemiste kans Britpop documentaire Live Forever gemiste kans

Kopstukken laten niet het achterste van hun tong zien

Britpop documentaire Live Forever gemiste kans

Kopstukken laten niet het achterste van hun tong zien

Aanstaande zaterdag is natuurlijk de 3VOOR12 IDFA avond. Maar er gaan nog meer pop documentaires op het festival in première. Eén daarvan is de Britpop documentaire van John Downer. Helaas valt hij tegen, omdat de kopstukken niet het achterste van hun tong laten zien.

Kopstukken laten niet het achterste van hun tong zien

Op het internationaal documentairefestival IDFA gaan dit jaar naast de 3DOC12-avond nog meer documentaires over popmuziek in première. Eén daarvan is Live Forever van regisseur John Downer en producer John Battsek (bekend van de Olympische documentaire One Day In September). Het gaat over Cool Brittanica, dat regeerde van 1994 tot 1997. De hoogtijdagen van de Britpop worden afgebakend door Oasis. Hun single Live Forever wordt een grote hit in augustus 1994. Zij vullen het muzikale vacuüm dat overblijft na de zelfmoord van Nirvana’s Kurt Cobain in april 1994. Oasis sluit ook het tijdperk weer af met de release van hun tegenvallende album Be Here Now in augustus 1997, dagen voor de dood van prinses Diana. Tot zover het geleverde inzicht in deze documentaire. De documentaire begint veelbelovend: wat heeft Oasis coverband Wonderwall te melden? Niet veel, ze lijken eigenlijk ook qua herseninhoud verdacht veel op hun illustere voorbeelden. Zeker, het is een verdienste om alle Britpop-kopstukken met een biertje in de hand pratend voor de camera te krijgen: de beide Gallagher broertjes, Damon Albarn van Blur en Jarvis Cocker van Pulp. Bij vlagen ook behoorlijk amusant, bijvoorbeeld als Noel vertelt dat Oasis beter is dan Blur, omdat hij tenminste in de bouw heeft gewerkt. Hoe zeer de regisseur ook in Live Forever het geheel in een breder kader probeert te trekken, nergens ontstijgt de documentaire het nivo van pratende hoofden versneden met clipfragmenten en tijdsbeelden. Daar kan geen haaienhakkende kunstenaar Damien Hirst of lagerhuis lid Peter Mandelson aan helpen. Jarvis geeft het fiasco van zijn album This Is Hardcore toe, Noel verdedigt zijn bezoek aan Tony Blair’s cocktail party en Liam bekent dat hij grasmaaiers jatte voor wiet. Maar bijvoorbeeld de vraag over de dieperliggende redenen achter de number one battle tussen Blur en Oasis in 1995 wordt niet beantwoord door Damon. En wat Massive Attack’s Robert Del Naja nu ineens in een Britpop documentaire moet is onduidelijk. Wat dat betreft is het opdraven van een voetnoot als Sleeper’s Louise Wener eerder te verdedigen. Live Forever is hoogstens een prettig feest der herkenning. Maar als je op de klanken van kinderbandje S Club Juniors (waarom die kwelling in godsnaam?) de bioscoop verlaat, ben je evenveel wijzer als de vertaler, die getuige zijn storende foute(‘indiband’, ‘Pop Idle’, ‘extasy’ om maar wat te noemen) waarschijnlijk net zo veel van Britpop snapt als de regisseur. Live Forever gaat 21 november in première tijdens de IDFA en draait daarna vanaf 4 december in enkele bioscopen.

Nu op 3voor12