De stijgende lijn van Arno Krijger De stijgende lijn van Arno Krijger

Zeeuwse jazzman neemt zijn grooves mee de grens over

, Jos Rouw

De stijgende lijn van Arno Krijger

Zeeuwse jazzman neemt zijn grooves mee de grens over

Jos Rouw ,

Jazzmuzikant Arno Krijger is geboren en getogen in Terneuzen en reist nu stad en land af met diverse projecten. De hammondorganist vertelde 3VOOR12/Zeeland over het enthousiaste publiek in Zuid-Amerika, luxeposities in de jazzwereld en de recente ontwikkelingen rond Porgy en Bess.

Zeeuwse jazzman neemt zijn grooves mee de grens over

In Tilburg bezoek ik Arno Krijger, een in de Nederlandse jazzwereld vermaarde hammondorganist. We zitten in zijn repetitie- en opnameruime, tussen de hammonds, drums en stapels CD’s. Na zijn studie aan het Tilburgse conservatorium in de jaren ’90 is hij hier blijven hangen, en woont er nu met zijn vriendin en hun twee kinderen. De van origine Terneuzense muzikant begeeft zich vanuit het hart van Noord-Brabant van hot naar her met verschillende jazzbands.

“In de zomer van 2010 ben ik ermee begonnen, stukken arrangeren, bedenken welke muzikanten ik erbij wou hebben. We hebben hier een demo opgenomen, laag voor laag van drums tot blazers, en nu zijn we alles verder aan ’t uitbouwen.” 

Arno heeft het over LaVerne, zijn nieuwe band met zangeres Stephanie Soffers, drummer Hans van Oosterhout, trombonist Louk Boudesteijn en saxofonist Rolf Delfos. Met LaVerne stond hij dit jaar al op ScheldeJazz. Voorlopig gaat alle aandacht echter naar andere projecten.

Duitsland en Colombia

Hij vertelt namelijk volop bezig te zijn in het buitenland. “Met Nils Wogram, een Zwitser. Daar ben ik een tijdje terug voor het eerst mee op tour geweest in Duitsland en Zwitserland. Hij is een trombonist met bijzondere muziek, ik deed er een tijdje over om zijn repertoire in de vingers te krijgen. Moeilijk, maar wel helemaal te gek.”

“Intussen ben ik ook bezig met Nueva Manteca. Daar zijn we een paar weken geleden mee naar Colombia geweest.” De LatinJazz van die groep slaat daar goed aan. “Het was niet normaal, ik heb dat nog nooit meegemaakt. We spelen nu muziek van Santana. ‘Black magic woman’ en al die andere hits, maar dan in een Cubaans jasje. Zijn muziek schijnt daar  veel populairder te zijn geweest dan hier ooit het geval was. We speelden in een theater voor zes-, zevenhonderd man die al enthousiast waren toen we nog geen noot hadden gespeeld.”

“Hier is het allemaal wat ingetogener, maar daar léven de mensen de muziek echt. ‘t Was dus heel speciaal om voor die mensen te spelen.”

Volle agenda

Arno laat me zijn digitale agenda zien. “Morgen ga ik weer naar Zwitserland om met Wogram op te treden, en dan spelen we volgende week vier keer in… Duitsland, zo te zien.” Verder klikkend komt hij in een drukke oktobermaand, waarin hij jazzpodia verruilt voor theaters. “Dan speel ik met Alziend Oor, een theaterstuk met John Buijsman, een bekend acteur en Rotterdams theaterbeest. Het is gebaseerd op het leven van Roland Kirk, een reeds overleden blinde jazzsaxofonist. John speelt die rol. De teksten zijn van Jules Deelder. Tot aan de kerstdagen spelen we daar zo’n dertig keer mee in de theaters.”

“Ik geef ook keyboard-, orgel- en pianoles op een muziekschool. Dat heb ik nu maar even op ’t tweede plan gezet, want ik had zoiets van nou...” lacht hij. De agenda laat verdere optredens in Duitsland en België zien. “In februari ga ik weer aan de slag met het trio vanToine Thys, een Belgische saxofonist. Dan zitten we twee dagen in Parijs, waarna ik weer naar Duitsland ga om me aan te sluiten bij Nils Wogram. Daarna zijn er een paar weken gewijd aan mijn project met saxofonist Dick de Graaf en drummer Pascal Vermeer. Daarmee spelen we muziek van Oliver Nelson, vroeger een componist en arrangeur van grote orkesten, big bands en dergelijke. Die stukken hebben we vertaald naar arrangementen voor een kleine bezetting. We staan onder andere in de Paradox en in Porgy en Bess.”

De rest van het voorjaar is vervolgens weer gewijd aan Toine Thys en Nils Wogram. “En dán, is het eind mei, en lijk ik even vrij te hebben.” Sleur is er niet bij, met deze diversiteit aan bands en optredens. “Ja, tot volgend jaar mei weet ik wat ik aan het doen ben, en dat zijn dan ook allemaal verschillende projecten. Maar het is ook leuk om bijvoorbeeld een maandlang echt met één band bezig te zijn, zodat zo’n groep de kans krijgt om te groeien.”

Al met al heeft Arno Krijger al aardig wat van de wereld gezien dankzij de muziek. “De eerste grote trip was naar New York toen we met 't B&W Quintet in Carnegie Hall stonden. Later speelde ik met drummer Billy Hart op een festival in Kaapstad. Toen ben ik doelbewust een keer gewoon naar de kust gereden, omdat ik dacht dat ik anders helemaal niets zou zien daar. Dat gebeurde ook met Mona Lisa Overdrive in Marokko. Je bent er altijd heel kort, het is ver vliegen en weinig zien.”

Porgy en Bess

“Ik heb nu wel het geluk dat ik veel in het buitenland speel. Als ik het alleen van Nederland zou moeten hebben, zou het misschien moeilijker zijn. In andere landen merk je ook dat het minder gaat, maar hier is het toch een graadje erger.” Dat geldt voor artiesten, maar dus ook voor clubs en podia. “In Utrecht is het SJU-huis er mee gestopt, en nu heeft Porgy en Bess het ook moeilijk. Er moeten wat vernieuwingen worden doorgevoerd, dat kost natuurlijk wat. Heb je het verhaal van Maikel Harte gelezen? Ik vond het wel typisch wat hij zegt, er gaat aardig wat geld naar van alles en nog wat en voor Porgy is er nauwelijks iets te halen. De gemeente laat goed zien dat ze geen flauw benul hebben van de waarde van deze club voor de cultuur binnen Terneuzen, en zelfs ver daarbuiten.”

“Muzikanten worden altijd met open armen onthaald in Porgy en Bess, daar zorgt Maja (Lemmen, de manager) wel voor. Iedereen komt er graag. Het is niet voor niets heel bekend, ik kan ook begrijpen dat mensen uit het buitenland die petitie tekenen.”

Het Terneuzense jazzcafé is een bijzondere plek voor Arno. “Ik ben er begonnen met optreden toen ik een jaar of 14 was, samen met Roel van der Sluys, een drummer uit Terneuzen. Dat was dankzij Maja die toen doordeweeks Porgy opende zodat wij een hele avond konden spelen. Nog steeds treed ik er elk jaar wel een keer op. En zo zijn er wel meer muzikanten die in Porgy en Bess hun eerste stappen maakten. Niet alleen in de jazz, ook andere dingen zoals De Lamaketta’s zijn daar van de grond gekomen.”

“Links en rechts zie je nu muzikanten het verhaal van Porgy en Bess verspreiden, hopelijk komt daar wat uit. Het zou fijn zijn als de gemeente Terneuzen beseft hoe relevant Porgy nog steeds is. Natuurlijk wordt er altijd wel geprotesteerd tegen veranderingen en vernieuwing. In dit geval zou het echter betekenen dat het sluiten van het enige cultuurhonk en jazzcafé, met die waanzinnige historie, een groot gat zou slaan in de cultuur van Zeeland.”

Luxepositie

Persoonlijk gaat het in ieder geval goed met Arno Krijger en zijn hammondorgel. Ik vraag hem naar zijn omgang met de relatieve onzekerheid van een lege agenda na mei 2012. “Het is puur persoonlijk, want er zijn veel muzikanten die er anders mee omgaan, maar ik ben zelf nooit bang voor de toekomst. Vorig jaar stond ik er wel even bij stil toen ik minder werk had dan normaal, en uit die tijd is LaVerne voortgekomen. ‘Het zal niet zo zijn dat ik dadelijk zonder werk zit’, dacht ik. Dat was uiteindelijk dus helemaal niet zo, maar verder denk ik ‘het komt altijd wel’. Dat is best een luxepositie. Enerzijds speel ik een instrument dat je niet heel vaak ziet…” Arno Krijger is één van de weinigen die de hammondtoetsen combineert met pedaalbas. Daarmee onderscheidt hij zich niet alleen in Nederland, maar ook in Europa: “Nils heeft in verschillende landen gezocht naar een hammondorganist en kwam uiteindelijk bij mij terecht. Da’s niet zomaar iets. En anderzijds heb ik het geluk dat ik altijd word benaderd voor projecten die me aanspreken.”

En dat zijn er veel, momenteel variërend van Mona Lisa Overdrive met stevige grooves tot het Toine Thys Trio met veel vrijheid, ‘echte jazz-jazz’. Er zit een positieve ontwikkeling in de muzikale loopbaan van Arno. Op de vraag of hij soms niet denkt ‘ik ga niet weer dát soort muziek maken’ antwoordt hij dat er inderdaad een bepaalde evolutie plaatsvindt. “Ik heb veel bands gehad waarbij het meer traditionele hammondmuziek was, de soulachtige jazzmuziek – en dat is helemaal te gek als je dat goed doet, maar het is wel vaak hetzelfde. En ik wil niet te lang hetzelfde. Uiteindelijk wil ik een volgende stap nemen, zoals ik nu voor Nils Wogram alles uit de kast moet trekken. Er zit dus wel een stijgende lijn in.” 

In maart zal Arno Krijger weer te zien zijn in Zeeland, als hij met zijn eigen trio Porgy en Bess aandoet.

nu op 3voor12