Het is inmiddels alweer twee weken geleden dat Roadburn onze stad in haar houdgreep hield. Het festival organiseerde dit jaar voor het eerst een gratis te bezoeken aanvullend programma onder de noemer OFFROAD, bedoeld om de mensen in Tilburg en omstreken op een laagdrempelige manier kennis te laten maken met Roadburn en de heavy muziekscene, en om een nieuwe garde publiek aan te trekken. Niet alleen met muziek, ook met een expositie, speciale bierproeverijen en menu’s. En dat op een aantal unieke plekjes die onze stad rijk is: onder andere de nieuwe Loc Brewery, Steck, The Cat’s Back en het, voor Roadburn-gangers oude vertrouwde, Little Devil.

De aftrap op de vrijdag is aan de Tilburgse postpunkformatie Docile Bodies, ze brachten in 2022 hun debuut-ep Arc uit en tekende datzelfde jaar bij het Amerikaanse label Á La Carte. Op deze vroege middag mogen ze de vrijdag van Offroad aftrappen in lunchroom Steck, een vrij unieke setting voor deze toch wat grimmig klinkende band. Toch lukt het Docile Bodies om de mensen mee te slepen in een onheilspellende sfeer met een lange opbouw van hypnotiserende gitaarlijnen en bijkomende sinistere drumbeats tijdens setopener ‘Collapse’. De galmende, gepredikte vocalen van frontman Sjoerd Aarden past de muziek als gegoten, denk aan Joe Talbot (Idles), maar dan minder rauw en meer filmisch. En hoewel de band een wat terughoudende en ingetogen houding inneemt, missen ze niet de zwaarmoedige en tikkeltje agressieve sound die je verwacht bij postpunk. Dat horen we vooral terug in de laatst uitgebrachte singles ‘Voyeurism’, ‘Monolith’ en het nog onuitgebrachte ‘Tactile Poetics’, waarin de spacey sound plaatsmaakt voor een wat ruiger en oldschool punkgeluid met opzwepende gitaar en dikke baslijnen. Een debuutalbum van Docile Bodies is er nog niet en dus kijken we daar reikhalzend naar uit.

Docile Bodies

In de avond trekken we naar The Cat's Back, de thuisbasis van de punk- en garage-avonden onder de naam Cat's Cult en daarmee bij uitstek de plek voor de bands uit dit genre op het Offroad-programma. Om 21.30 uur wordt er afgetrapt door het Utrechtse powertrio Rats and Daggers, vorig jaar maakte de band al indruk met hun heavy punk tijdens de Popronde en in november volgde hun debuut-ep. Hun rauwe, ongepolijste sound en energieke uitstraling sluiten perfect aan bij de punk-ethos van DIY en anti-establishment. Verrassen doen ze met hun heavy shoegaze en noise invloeden, maar vooral de vocalen van zangeres en gitariste Imara Speek doet het soms klinken alsof we hier staan te kijken naar een sludge-metalband. De combinatie van Speeks opgefokte rauwe vocalen en extatische ritmesectie in de naam van bassist Camilo Ulloa en drummer Sander Koene staat als een huis en vormt in zijn geheel een explosie van geluid en expressie. De teksten zijn soms luchtig, zoals het nummer over Speeks kat Kees, maar vaak wat donkerder geladen over onderwerpen als dealen met slechte relaties en manipulatieve persoonlijkheden. Tijdens het laatste nummer, dat gericht is aan “people that complain too much”, daagt de band het publiek uit om een circlepit te vormen op de paar vierkante meter van de kroeg. We hebben nog nooit zo'n knusse en intieme circlepit gezien, maar met succes en overgave uitgevoerd.

Rats and Daggers

Na een korte pauze is het tijd voor nog een Utrechts powerhouse trio in The Cat’s Back. De heren van SULTAN. won begin dit jaar nog de finale Clash of the Titans tegen onder andere Rats and Daggers en deed wederom mee aan de Popronde, maar dan in 2021. Deze band is niet te vangen in één genre, het ene moment combineren ze rock met ska- en disco-invloeden waar vrolijk op gedanst wordt en enkele minuten later staat het publiek mee te deinzen op groovy surfrock. Maar ook nummers waar een potje stevig op gemosht kan worden, ontbreken vanavond niet. De heren mixen genres vlekkeloos in elkaar over, zonder dat je als toeschouwer de rode draad kwijtraakt. Teksten zijn vaak politiek geladen over het klimaat en belasting betalen, maar ze schuwen ook niet om over persoonlijke kwesties te zingen, over ex-vriendinnetjes en het leven in ons digitale tijdperk zoals op ‘Airplane Mode’. Een boos klinkend noiserocknummer waarin met grungy vocalen gezongen wordt over hoe overwelmend en irritant sociale media kan zijn. Moeiteloos worden de rauwe vocalen weer ingewisseld voor meer bluesachtige zang en Oosters-psychedelische gitaarriffs en funky bas op ‘Let Me Dream’. SULTAN. weet elk nummer opnieuw te verrassen zonder hun strakheid en tomeloze energie ook maar een seconde te verliezen, met hun onderscheidende geluid zeker een band om in de gaten te houden.

SULTAN. (archieffoto)

Op de zaterdag begeven we ons naar Kafee 't Buitenbeentje, door internationale bezoekers ook wel liefkozend 'The Midget Bar' genoemd, vanwege de lage bar waarschijnlijk, al kan de grootte van de ruimte ook een rol spelen. Niet verwonderlijk dus dat we ons enigszins zorgen maken of we nog wel op tijd zijn, zeker wanneer we de rij voor het café zien, maar gelukkig weten we nog net een plekje vlakbij de ingang te bemachtigen. De mannen van Ggu:ll zijn geen onbekenden in de lokale scene, dus uiteraard zien we veel vertrouwde gezichten, maar ook een incidentele nieuwsgierige Roadburner 'van buiten' lijkt zijn weg naar de bar gevonden te hebben (of was daar toevallig toch al present). De mannen zetten een geïnspireerde set neer, waarin naast materiaal van het nieuwste wapenfeit ook ruimte is voor wat ouder werk, zoals de meeslepende klanken van prijsnummer 'Het Masker Vande Wereldt Afgetrocken' die ons door de nevelen van een vroegtijdige dronkenschap bereiken. Intens.

Ggu:ll

Om 20.30 uur betreedt Gavran het podium in Little Devil, de zon gaat net onder terwijl de Rotterdamse sludgers het donkere podium van de Devil opkomen. De eerste zware gitaarslagen zijn te horen en als drummer en vocalist Jamie Kobić begint met zingen, voelt het alsof de duivel aan de deur staat te kloppen. Hoewel de drums, gitaar en bas de overhand over de zang hebben en als een muur op ons op afkomen, zorgen de dreigende vocalen wel voor het meeslepende effect. Gavran weet exact hoe je harde doom en postrock in een emotioneel en trance-opwekkend jasje moet gieten en past zo perfect op het Offroad programma en op het grimmige podium van de Devil. En hoewel het gissen is naar wat Kobić zingt, dringt de band wel door bij het publiek. 

Gavran

We blijven nog even hangen in de Devil, voor het optreden van Zwart. Net als bij het optreden van Ggu:ll eerder op de dag treffen we hier weer veel bekende gezichten, maar gelukkig is de achterzaal van het Tilburgse rockcafé wel wat ruimer dan 't Buitenbeentje, zodat het gezellig druk blijft, zonder dat we ons naar binnen hoeven persen. De sfeer is sowieso opperbest, al geven de donkere klanken van de toepasselijk getitelde band weinig aanleiding tot vrolijkheid. Frontman Kevin Kentie en zijn al dan niet in rouwsluiers gehulde consorten zijn al heel wat jaartjes actief in de lichtarme underground, en dat is ook te horen: Liederen als 'De Ziener', 'Woens Heil', setafsluiter 'Heem' en het aan de vier jaar geleden tijdens Roadburn overleden scenegrootheid Michiel Eikenaar opgedragen 'Ravenkloof' staan gewoon, en ook het Abysmal Darkening-oudje 'De doodgraver', gebaseerd op een oud Kempisch lied, weet indruk te maken. Mannen en vrouwen, zwoegt noest verder!

Zwart

Van de Little Devil loodsen we ons weer terug naar waar we gister al een goede avond hebben beleefd: The Cat’s Back. Eerste van de twee bands vanavond: The Super Soakers. Door een blessure van frontman Mart Boumans moest de band er in 2016 mee stoppen, maar vorig jaar maakten ze onverwachts hun comeback. Sindsdien hebben ze alweer twee ep’s uitgebracht en er voegde zich een vijfde bandlid bij de groep: zangeres en gitariste Frankie. Frontman Boumans brengt zijn maatschappijkritische teksten soms ironisch, soms bloedserieus, maar altijd met een boze en energieke lading punk-ethos. De muziek die de band ons voorgeschoteld is dan weer niet te vangen in enkel het punkgenre. Het is dieper gelaagd, bevat elementen uit de postpunk, garage en surfrock, en van een ballad is de band ook niet vies. Het meest opvallende nummer uit de set is misschien wel ‘Heritocracy’, waarin Boumans op ironisch manier de meritocratie cultuur bekritiseert. Vooral de toon van zijn nonchalante zang, dat iets weg heeft van Willem Smit (Personal Trainer), in combinatie met onvoorspelbare gitaarlijnen en hevige bas maken dit een opvallend nummer in het repertoire van The Super Soakers. Inmiddels weten we dat de band zich door de selectieronde van de Popronde heeft geslagen en is daarmee ook zeker een tip om dit najaar te gaan checken op het rondreizende festival.

The Super Soakers

Met geheel groen geschminkte gezichten komen de vier bandleden van Smudged (voorheen Smudged Toads) het podium op na The Super Soakers. Behalve het rare uiterlijk van dit groepje Rotterdammers, zien we ook een interessante podiumopstelling: zo staat er een half drumstel zonder kruk in het midden en heeft de producer/dj zijn set uitgestald op de bar. Aan een genre binden deze heren zich niet: punk, psychedelische kraut, spacey elektronica. Denk aan The Prodigy, Underworld, De Staat en af en toe heeft het zelfs een hintje Gorillaz, maar eigenlijk doet geen enkele vergelijking recht aan de unieke eigen sound van de band. Hoewel The Cat’s Back behoorlijk wat te klein is voor grote moshpits, weten ze het publiek toch regelmatig aan het moshen te krijgen. Zelfs de gitarist duikt enkele keren met gitaar en al het publiek in, maar ook zanger Bart Hoogvliet, die daarbij een potje retestrak aan het drummen is, mengt zich soms tussen ons om zijn kreten op een bijna angstaanjagende manier over te brengen. Elk nummer verrast, maar vooral het zwaar elektronisch en bijna techno klinkende ‘Hypnotized’ dat tegen het einde van de set wordt gespeeld, is een waar hoogtepunt met weirde en toch heel dansbare en hypnotiserende harde beats. Het is te horen dat Smudged de muziek maakt die ze zelf willen maken, waardoor elk nummer een geheel eigen draai heeft en er voor ieder wat wils bij zit.

Smudged