Woody & Paul weet net niet te overdonderen

Muzikaal sterk, opbouw van nummers zwak

Robbert Coenmans ,

De Eindhovense band Woody & Paul weet Cul de Sac vrijdagavond te trakteren op een vermakelijk stukje muziek. Ze redden het echter net niet te overdonderen vanwege vreemde keuzes in de opbouw van hun nummers.

Muzikaal sterk, opbouw van nummers zwak

Om half elf is de Cul al behoorlijk goed gevuld, maar als je je vervolgens beseft dat over enkele minuten de Eindhovense band Woody & Paul het podium gaat bestijgen, lijkt het toch wel wat leeg te zijn. De reden voor deze opmerking is dat Woody & Paul garant staat voor een appetijtelijke mix van folk, blues en country en ook al enige faam heeft weten te verwerven in Neerlans’ muziekscene.

Er wordt dankbaar gebruik gemaakt door de heren van het nieuw gebouwde podium. Een blijde afwisseling met de hilarische paringsdansen die daar op andere avonden plaatsvinden. In plaats van vreemdsoortige manjongens die spastisch met hun armen staan te zwaaien, staan nu dus Woody Veneman en Paul van Hulten op het voorste deel van het podium. Beiden verdomd goede gitaristen en in staat tot het betere zangwerk. Dat laten ze blijken ook. De eerste drie nummers vliegen er doorheen. Iets dat overigens niet alleen te maken met het geleverde genot, maar spijtig genoeg ook met de korte tijdsduur van de gespeelde nummers. Daarop volgen dan weer wat lange nummers, misschien wel erg lange nummers. Dat alles is te wijten aan het feit dat Woody en Paul hun nummers verre van op een normale manier opbouwt, wat ervoor zorgt dat een nummer zich zelden aan de tweeënhalve minuut houdt. Aan de ene kant getuigt dat natuurlijk van ballen, maar aan de andere kant kan het, met name door de keuzes in de compositie, ook bijzonder storend zijn. Een nummer als Darya bijvoorbeeld, het derde nummer dat wordt gespeeld, klinkt als een briljante intro. Je krijgt echt zin in wat er komen gaat, en dan is het afgelopen. Einde nummer. Dat irriteert en is jammer. Andere nummers lijken dan weer erg lang voort te slepen. Muzikale variaties op een doorlopend thema binnen een nummer worden dan op zo’n continue wijze toegepast dat het lijkt alsof je naar een ellenlange bridge aan het luisteren bent die weer overgaat in een andere bridge die ook niet op lijkt te houden.

Overigens dient opgemerkt te worden dat dit soort dingen pas op gaan vallen als een band zijn zaken muzikaal goed op orde heeft. Daar hoeven gelukkig weinig woorden aan vuil te worden gemaakt: dat is hier gewoon het geval. Het gitaarwerk is zo goed dat het bij vlagen dwars door je heen snijdt, de drumsolo’s die weg worden gegeven doen warme klonten genot langs de broekspijpen van deze recensent druipen en ook tovert frontman Woody Veneman tijdens enkele nummers een mondharmonica tevoorschijn, wat fenomenale geluiden oplevert.

Als de avond vordert begint het publiek wat rumoeriger te worden. De magie van de eerste nummers lijkt te verdwijnen, iets dat vermoedelijk dus aan de gekozen composities ligt. Dat is jammer, want die gebrekkige compositie is net wat ze ervan weerhoudt om godvergeten fenomenaal te zijn. Als het laatste nummer is gespeeld beginnen wat vrouwen te roepen dat ze meer willen van Woody & Paul. (Typisch genoeg blijken ze later Woody & Paul merchandise te verkopen, wat ze tot wel hele trouwe ‘fans’ maakt). De toegift die daarop volgt is echter niet bepaald bevredigend. Het nummer waarmee geëindigd wordt is in een totaal andere stijl dan alles wat we daarvoor hebben gehoord, wat ervoor zorgt dat de avond op een hele rare noot eindigt. Een toegift dient het uitroepteken te zijn dat nog even netjes achter het optreden wordt geplaatst. Bovengetekende weet niet met welk leesteken hij dit kan vergelijken, maar een uitroepteken was het zeker niet.