DNA: Lief Dagboek is een industrial popprinsesje DNA: Lief Dagboek is een industrial popprinsesje

“Je kan het meezingen en meestampen. Het zit in de vibe van ‘doe maar raar dan doe je alsnog niet gek genoeg’. En daar zitten wij ook.”

, Tess Janssen

Lief Dagboek debuteerde pas een jaar geleden als tentamen project van Luc Laport en met ‘industriële Nederlandse rock’ wonnen ze onlangs de Amstelland Popprijs. Maar wie ‘Lief Dagboek band’ intikt op Google, komt niet heel ver. Een zeer beknopte omschrijving van het ontstaan van de band is er wel te vinden: na 10 jaar bebop in de singer-songwriter-wereld belanden, een existentiële crisis ondergaan, de spoken word scene ontdekken en dan op een doodnormale avond in een dronken bui je muzikale zielsverwant ontmoeten. Op zoek naar de inspiratie van de jonge band, spraken we af om een kijkje te nemen in hun platenkast.

De ontmoeting

“Het was leuk geweest als ik het bierviltje had meegenomen,” zegt Laport als eerst over ‘de ontmoeting’. Op dat bierviltje schreef lead gitarist en producer Rob Kooymans zijn adres om samen alle wilde ideeën die ontstonden op de avond van de ontmoeting op te nemen. De twee studeren allebei Musician 3.0 aan het HKU. In hun derde jaar wordt duidelijk dat er een klik is en de twee worden vrienden. Zodoende vinden ze zichzelf in de Bastaard, een kroeg in Utrecht, na een theaterfeestje. Kooymans: “Daar escaleerde het volledig”.  “We zaten tegenover elkaar, dronken, ideeën te spuwen,” vervolgt Laport.

Lief Dagboek bestond toen al, de band is immers begonnen als individueel project van Laport. Maar Kooymans moest bij de band komen, de muzikale dingen die hij deed als producer met Lief Dagboek vielen goed in de smaak bij Laport. Volgens Kooyman is Lief Dagboek eigenlijk industrial meets pop prinsesjes. “We maken wel herrie, maar we proberen het wel te produceren als een overgeproduceerde Lady Gaga popplaat. Een beetje als Nine Inch Nails met Arianna Grande. Je moet op de beat kunnen dansen, hiphoppers moeten het leuk vinden, maar we willen ook dat je zesjarige zusje er naar kan luisteren.”

De CD kast in

Lief Dagboek heeft een partiële losse vorm. De live band is vast, maar voor studio opnames worden de muzikanten gekozen die nodig zijn. Zo werd Guy Pek gestrikt, drummer van onder andere Nachtschade en Grenadeers. Ze omschrijven hun schrijf - en opnameproces als een kleurplaat die Laport schetst en Kooymans inkleurt. Dat inkleuren blijkt inspiratie uit verschillende muziekgenres te hebben. Veelal worden artiesten voor deze rubriek gevraagd LP’s mee te nemen, om toch een beetje in de platenkast van een artiest te kunnen duiken. Maar Laport doet niet aan platen. “Ik heb al sinds mijn 3e een CD speler. En die doet het nog steeds.”  

Marilyn Manson – Antichrist Superstar (1996) 

 

Kooymans: “Wat ik zo leuk vind aan dit album is dat het aan de ene kant een soort super donker, ‘alles gaat kapot we aanbidden de duivel’ album is, en aan de andere kant ook gewoon een knetterhard popalbum. Je kan het meezingen en meestampen. Het zit in de vibe van ‘doe maar raar dan doe je alsnog niet gek genoeg’. En daar zitten wij ook.”

Laport: “Ik vind het sowieso heel interessant aan dit soort albums uit die tijd dat het tot in de puntjes gelikt is geproduceerd. Dat geeft het ook die pop-kant. Dat soort extremen trekken mij heel erg. Manson is daar wel goed in; shock-rock.”

Kooymans: “Maar dan wel gecontroleerd. Het is tot in de puntjes uitgedacht. Dat doen wij ook, maar op andere manieren dan dat Manson deed.”

Laport: “Wij zoeken vooral de ervaring van een optreden, en niet al dat theatrale eromheen van artiesten die dan gaan vragen of je er klaar voor bent. ‘Zijn jullie er echt klaar voor?’ ‘Ja!’ Ik blijf liever in het karakter dat ik presenteer op het podium en vul die tussenmomenten met spoken word. Zo heeft het hele optreden een ‘boog’, als een verhaal met een begin en een einde. Ik heb het gevoel dat zodra ik uit mijn persona stap, het publiek uit de ervaring van de show stapt. Dus ik vermijd liever die praatjes tussendoor. Bij Manson is dat niet echt zo, hoor. Wat wel raar is, want die hele vent ademt dat theatrale.”

Spinvis – tot ziens Justine Keller (2011) & Roosbeef – Omdat ik dat wil (2011)


Laport: “Deze twee horen samen. Dit is het begin. Ik ontdekte deze artiesten en specifiek deze albums kort na elkaar. Ik kreeg een realisatie moment: tekst kan ook in het Nederlands. Er is meer dan Hazes of Bauer. Dit is er ook en dit is ook heel mooi. De Nederlandse taal wordt bij beiden heel mooi benut. Deze albums hebben mijn singer-songwriter periode ingezet. Uiteindelijk is het verschoven naar steviger geluid, de bubbelgum-beton-pop, maar hier is het ontstaan.”

Nine Inch Nails – Downward spiral (1994)
Kooymans: “Deze sluit aan op Manson. Manson voelt nog aan de theatrale kant, maar Nine Inch Nails hebben dat minder. Het is vooral het geluid wat mij persoonlijk erg inspireert. Niet specifiek dit album, maar al het werk van de band zelf.”

Laport: “Dit is mijn introductie tot Nine Inch Nails. Toen ik dit voor het eerst luisterde dacht ik: ‘dit is vet!’ Dit is de eerste aanleiding geweest om muzikaal gezien te maken wat ik nu maak. Spinvis en Roosbeef zijn de taal, en Manson en Nine Inch Nails zijn het geluid.”

Kooymans: “Ook voor mij. Hoe dit album en de andere albums geproduceerd zijn, is voor mij de inspiratie. Het is een soort dikke duim omhoog: ‘doe het maar gewoon’. Het hoeft allemaal niet in dure studio’s. Je gaat terug naar het gevoel dat je wil overbrengen met muziek, en bent niet bezig met de middelen en technieken. Ik heb twee platen gemaakt in m’n wasmand, zonder een versterker aan te hebben gezet.”

De Jeugd van Tegenwoordig – De Machine (2008)

Laport: “Nu komen we bij de leuke dingen aan.”

Kooymans: “Om te voorkomen dat wij straks als een soort industriële metal band worden gezien…”

Laport: “Dit is het beste album, De Machine. Dit is een album dat nog komt uit de tussenfase, waarin ze nog geen idee hadden waar ze mee bezig waren maar wel al groot waren. Wat zo leuk is aan de jongens van De Jeugd is dat ze zichzelf totaal niet serieus nemen, maar wel steengoed zijn. Binnen de scene waarin dit zit worden geen concessies gedaan en daar trekken ze zich niets van aan. Ik vind het heel tof, en het is ook nog eens Nederlandstalig. Ik zou het fijn vinden als Nederlands niet als genre wordt gezien maar als taal. Bij Nederlands denken mensen vaak nog steeds aan Hazes of Bauer, of Spinvis, er zit niets tussen. Maar dat is er wel!”

Kooymans: “Hoe vaak we dat niet hebben gehoord… ‘Oh, het is een beetje Spinvis-achtig.’ Uh, nee.”

Laport: “Spinvis heeft over de Jeugd gezegd dat hij het leuk vind dat er ‘da-da-isme’ in zit. Da-da, of da-da-isme betekent eigenlijk niets.”

Kooymans: “Het heeft iets te maken met ‘ja’ zeggen tegen ideeën die niet per se de beste ideeën zijn, maar je doet het toch.”

Laport: “Mensen analyseren hele songteksten van De Jeugd voor hun scriptie Nederlands. En vervolgens zegt De Jeugd gewoon: ‘Tja, het betekent niets. We hebben het gedaan zodat het paste’. Maar het werkt wel!”

SHHT – Love Love Love (2018)

Kooymans: “Onze zuiderburen!" Dit is wat er gebeurt als je een popalbum maakt dat compleet fout gaat. Het is over the top over the top. Maar wel onwijs leuk.”

Laport: “Hier zit ook veel da-da in. Ze hebben een nummer met een refrein, dat zijn gewoon wat Franse woorden aan elkaar gezongen en klaar. Het is ook alleen maar autotune.”

Kooymans: “Maar wel uit keuze, niet uit noodzaak. Je moet het eigenlijk gewoon even luisteren. Het is hard; het heeft impact.”

Laport: “Voor mij is het ook een reminder van wat er gebeurt in de Belgische scene. En daar gebeurt heel veel, zoveel dat ik soms denk; ‘Ik vertrek ook naar Vlaanderen’.”

Kooymans: “Ze hebben daar een hele mooie bewijsdrang.”

Laport: “Belgie heeft dingen als Balthazar en Oscar and the Wolf. Wij hebben Kensington en Chef’Special. Je hoort bij Belgische bands een bepaalde sound en die spreekt mij heel erg aan. Ik heb het idee dat voor ons, voor wat wij doen, er meer ruimte en draagvlak is in België. Aan de andere kant heb ik ook een instelling van: weet je, ik maak mijn eigen ruimte wel. Ik denk wel dat wij iets hebben dat op de lange termijn interessant blijft. We zijn niet het zoveelste indie bandje. Waar niets mis mee is, maar wij zijn dat niet.”

Meer weten?

De mannen van Lief Dagboek zijn bezig met hun debuut album en het zou heel goed kunnen dan ze op enig moment mee doen met de Popronde. De nieuwste single gaat vanavond online! Wil je Lief Dagboek eens in het echt zien? 2 juli speelt de band als onderdeel van Laport’s afstuderen. 

 

Met dank aan Koffie Leute Brauhaus! 

#nieuws
Laatste nieuws en artikelen van 3voor12 Noord-Holland