De Hasseltse Bootstraat groeit uit tot een nieuwe culturele haven, met Club AFF als intieme concertplek. Het is daar dat Ozark Henry zijn publiek onderdompelt in een avond vol melancholie en elektronica.

Kris Dane

De avond wordt om acht uur geopend door de Antwerpse singer-songwriter Kris Dane. Hij maakte in de vroege jaren '90 deel uit van de originele bezetting van dEUS en speelde later bij rockband Ghinzu. Terwijl Kris, strak in pak, het podium opstapt is de zaal al goed gevuld met voornamelijk veertigplussers.

Solo, enkel begeleid door zijn gitaar, brengt hij een korte set van vijf nummers. De sobere arrangementen balanceren tussen folk, blues en americana. Zijn warme, licht doorrookte stem roept associaties op met John Hiatt, waarin ook af en toe iets van Jeff Buckley doorklinkt.

Hij opent met ‘Cherry’, de single die eind vorig jaar verscheen als voorbode van zijn titelloze album dat op 20 maart uitkomt. Daarnaast speelt hij twee nummers uit zijn veelgeprezen album Rose of Jericho uit 2014. Opvallend is dat hij het publiek consequent in het Engels aanspreekt, alsof hij zijn alter ego als een Amerikaanse tegenhanger ziet. Die keuze schept echter ook afstand: het publiek reageert na afsluiter ‘Half Moon’ met een beleefd, bijna gereserveerd applaus.

Kris Dane

Kris Dane

Ozark Henry

Het is duidelijk dat het publiek vanavond gekomen is voor Ozark Henry, het muzikale project van de in 1970 in Kortrijk geboren zanger, songwriter en producer Piet Goddaer. Stipt om half negen verschijnt hij onder luid applaus op het podium.

De muziek van Ozark Henry staat bekend om haar emotionele, melancholische pop, waarin akoestische en elektronische elementen naadloos in elkaar overvloeien. Met zijn derde album Birthmarks brak hij in 2002 door; in Nederland scoorde hij daarvan een bescheiden hit met ‘Sweet Instigator’. Het daaropvolgende The Sailor Not the Sea wordt algemeen beschouwd als zijn beste werk. Na acht jaar relatieve stilte keerde Ozark Henry vorig jaar terug met het tiende studioalbum August Parker. Zes nummers daarvan vinden vanavond hun weg naar de setlist. De nieuwe nummers leunen sterker dan voorheen op elektronica, wat tijdens het optreden ook doorschemert in de herwerkte arrangementen van ouder werk.

De liveband rond Goddaer bestaat deze tour uit Sarah Pepels, Hanne Torfs en Sep François. Met drie keyboards, sequencers en een live drummer ligt een strak, bijna steriel geluid op de loer. Maar de muziek blijft verrassend warm, gelaagd en organisch. Dat wordt meteen duidelijk tijdens de sfeervolle opener ‘Don’t Go Jerusalem’, waarin Goddaer zijn elegante, expressieve stem laat spreken. Dat er nog meer sterke stemmen op het podium staan, bewijst Sarah Pepels meermaals, onder meer in het duet ‘In The Wild’.

De nummers volgen elkaar in hoog tempo op, zonder enige publieksinteractie. Toch houdt de zichtbaar genietende band moeiteloos de aandacht van het publiek vast. Tijdens een intieme versie van ‘Word Up’ bespeelt Hanne Torfs de cello waar bij teksten als “Are you the one for me? Are you the only one? It is time I let you know” enkele koppels elkaar net wat dichter opzoeken. Het is tenslotte Valentijnsdag. Even later doorbreekt Goddaer de dromerige sfeer met een dreigend “Stop!!” aan het begin (en einde) van ‘Sun Dance’, waarbij vooral de krachtige drums van Sep François de toon zetten en de band weer de volledige aandacht van het publiek heeft.

Ozark Henry

Ozark Henry

De ingetogen nieuwe nummers ‘Pharaoh’ (met Sarah op melodica), ‘Eight’ en het oosters getinte ‘Light’ verweven subtiele elektronica met de verfijnde samenzang van Piet, Hanne en Sarah. Langzaam bouwt de set op: met ‘Memento’ en ‘Intersexual’ schakelen de beats over naar dansbare ritmes. Goddaer laat het keyboard voor even achter zich en beweegt actiever over het podium, een energie die direct overslaat op het publiek. Geleidelijk gaan de eerste voeten mee op de maat, en al snel beweegt de hele zaal mee. Tegen het einde van de set passeren publieksfavorieten als ‘Out of This World’ en ‘At Sea’. De sfeer wordt losser: koppels dansen intiem, anderen knikken op de maat. Dat de muziek generaties overstijgt, blijkt wel uit de uitbundig dansende man van rond de zeventig vooraan in de zaal. Bij ‘Sweet Instigator’ zingt en klapt de zaal enthousiast mee, gevolgd door een uitbundig ontvangen ‘Indian Summer’.

Dat Ozark Henry een bijzondere band had met David Bowie is waarschijnlijk wel bekend: ze bewonderden elkaars werk. Bowie sprak in 1996 lovend over debuutalbum ‘I'm Seeking Something That Has Already Found Me’. Als eerbetoon brengt Goddaer een indringende, uitgeklede versie van ‘Heroes’, begeleid door piano en cello. De zaal luistert ademloos. De set wordt afgesloten met ‘I’m Your Sacrifice’, een duet tussen Piet en Sarah waarin er dan toch nog participatie is voor het enthousiaste publiek dat het “Oh, oh, o-oh”-refrein meezingt.

Maar daar blijft het gelukkig niet bij. Er volgt nog een toegift die speels begint met een spontaan ‘Happy Birthday’ voor de jarige Sep François waarna de band ons meeneemt in de cinematografische klanken van ‘We Will Meet Again’. Gevolgd door het nieuwe ‘Martyr’, opnieuw met een glansrol voor Sarah Pepels. De avond wordt afgesloten met een verrassende, door cello gedomineerde versie van ‘The End’ van The Doors.

Ozark Henry bewijst vanavond dat grote gebaren of visuele spektakels niet altijd nodig zijn. Sterke composities, een gedreven band en subtiele belichting volstaan om het publiek mee te voeren. En ligt daar niet de essentie van muziek?

Ozark Henry

Ozark Henry

Ozark Henry