Jezus, wat is het heet; Molenrock Open Air 2005 Jezus, wat is het heet; Molenrock Open Air 2005

Outlet Centre, Roermond: Zonnig festijn

, Pierre Oitmann,

Jezus, wat is het heet; Molenrock Open Air 2005

Outlet Centre, Roermond: Zonnig festijn

Pierre Oitmann, ,

Zonnig, zweterig en swingend. Bier, kebab en bandjes. Een sfeerreportage van een gevarieerde festivaldag in Roermond, op een snikhete 'zondag in het zuiden'.

Outlet Centre, Roermond: Zonnig festijn

Op zondag 10 juli vond in Roermond de zesde editie plaats van Molenrock, het grootste openlucht muziekfestival van Roermond en omstreken, op het jaarlijkse Bevrijdingsfestival na. En net als voorgaande jaren was er ook dit jaar weer een keur aan lokaal poptalent geprogrammeerd, variërend van akoestische luisterliedjes tot snoeihard gitaarwerk. Molenrock 2005 in een notendop. Mindfold (Buitenpodium, 13u30) Amper twee maanden geleden stond de band nog als opener op het moeder aller festivals, Pinkpop. En nu stond de Maastrichtse emocore band als opener op Molenrock Open Air 2005. Aan hen dus de ondankbare (?) taak om Roermond wakker te schudden. Dat lukte maar matig, totdat zanger Remco Essers het publiek toesprak met; “Kom ’s get dichterbie”. Aarzelend schuifelden de Roermondse festivalgangers dichterbij het podium. En ondanks dat de band de nacht ervoor helemaal van Amsterdam huiswaarts moest rijden (Mindfold stond in het voorprogramma van Dredg in de Melkweg), gaven ze een indrukwekkend optreden weg. Al beweerde Essers zich wel degelijk wat brak te voelen. That’s rock ‘n’ roll for ya! Strength Above All (Eigenwijstent, 14u10) Wie nog niet helemaal fit was na de portie emocore van Mindfold, werd wakker gebruld door Marlon Thuyns, de vocalist van Strength Above All. De band was een paar jaar absent van het Molenrock-podium, maar liet merken nog steeds behoorlijk wat agressie in zich te hebben. En die kwam er allemaal uit in de Eigenwijs-tent. Met diens jengelende gitaren, brute drumsound en de grunts van Thuyns deed Strength Above All een verwoede poging om de hardste band ooit te zijn op Molenrock. Een nobel streven. Madizm & T-One (Buitenpodium, 14u40) Het eerste volwaardige optreden van de twee mc’s en hun dj. Het zou dan ook lullig zijn om het meteen af te branden, maar eerlijk is eerlijk – Ze moeten eerst nog veel oefenen voor ze de planken opgaan. De Azijnfabriek in Roermond hield hiphopworkshops, waar dit collectief uit voortgekomen is. Waarschijnlijk was dit voor de organisatie van Molenrock reden genoeg om ze te programmeren. De dj draaide niet strak, de beats waren te zacht en te dof en de teksten hadden aanzienlijk minder diepgang dan waarschijnlijk de bedoeling was. Toch wil ik muziekcriticus Barry Stevens bij deze even aanhalen en zeggen, “Vooral doorgaan”. Osdorp Posse was in den beginne waarschijnlijk ook niet veel beter en kijk nu. Dit is de hiphopscène van Roermond, dus hier moeten we het mee doen. Afrodisiac (Buitenpodium, 15u10) Na de performance van het waarschijnlijk meest beatloze hiphopensemble aller tijden kwam de formatie Afrodisiac even voordoen hoe het ook alweer moest. Wilde ritmes op Afrikaanse percussie-instrumenten die menigeen aanzette tot heen-en-weer bewegen. Meer dan dat was het niet, maar ook de liefhebbers van wereldmuziek zijn hiermee aan hun trekken gekomen. Eskimono (Buitenpodium, 15u30) Tijd om even bij te komen en rustig te gaan zitten was er bij het duo Eskimono (leuk, zo’n woordspeling was er nog niet), bestaande uit Julien en Leentje van der Loo. Gezien de hitte was de rustgevende set van Eskimono een aangename afwisseling, maar het publiek leek er, zelfs ondanks die hitte, niet warm voor te lopen. Daarvoor was het optreden te introvert en te sober en de samenzang was erg monotoon. En dan helpt een cover van Bob Dylan ook niet bepaald mee (al is ‘Oh Sister’ in het geval van Eskimono wel een toepasselijk nummer). Sideshift Harry (Eigenwijstent, 16u10) Het leek een hele opgave om het publiek na het optreden van Eskimono nog op de been te krijgen, maar de Harries kregen het voor elkaar. Bij de eerste klanken van ‘Zoka’ stroomde het aanwezige publiek massaal de benauwde tent in. Een thuiswedstrijd met zomers weer, het kan bijna niet beter voor een skaband. “Jezus, wat is het heet”, merkte zanger Bartho Waeyen op. En ondanks de klotsende oksels in de tjokvolle tent sloegen de skaliefhebbers voor het podium aan het dansen. Skanken zonder shirts en heupenwiegend in de hitte. Tijdens het nummer ‘When The Shit Hits The Vent’ werd Sideshift Harry bijgestaan door gastgitarist Rogier Schillemans, die een strakke metal-solo voor zijn rekening nam. Ook ‘de invaller’ (lees: trompettist) werd halverwege het optreden het podium opgehaald en één van de bezoekers hielp Waeyen met het vervangen van zijn snaren. Publieksinteractie alom. En zonder twijfel het succesvolste optreden van de dag. Mo’Jones (Buitenpodium, 16u50) Één van de weinige Limburgse popacts die de afgelopen jaren in de smaak viel bij radiomakers in Hilversum. De single ‘Where The Sun Stopped Shining’ werd indertijd veelvuldig gedraaid op Radio 2, maar het echte hitsucces bleef uit. Toch werd hierdoor Sittard muzikaal op de kaart gezet, dankzij de charismatische Mo’Jones. Zijn optreden op Molenrock was even divers als zijn debuutplaat, wat het moeilijk maakt om er een genrebeschrijving aan te hangen. Degene die zich daar aan waagt moet wel met een heel creatieve benaming komen. Één ding is duidelijk; Mo’Jones wil niet in een hokje gestopt worden. Waarschijnlijk dat juist dat het gene is dat zijn landelijke doorbraak in de weg stond. Mo’Jones maakt geen concessies, het is alles of niets. Op Molenrock werd dat nog maar eens duidelijk. Eigenwijs Project (Eigenwijstent, 17u50) Een speciaal voor Molenrock opgerichte gelegenheidsband van muzikanten annex leraren die meewerken aan het Eigenwijs-project in Roermond. Wat je krijgt als je een stel virtuozen bij elkaar in één bandje stopt? Precies wat je verwacht; een veel te lange en compromisloze jamsessie. Het klonk als Toto die een uurtje North Sea Jazz moesten vullen. Maar dan zonder de zang van David Paich en de gelikte solos van Steve Lukather. Ook de outfits van de bandleden waren niet bepaald op elkaar afgestemd. Dat had nog tot enige harmonie kunnen leiden. Voor meer informatie over wat Eigenwijs inhoudt en doet kun je terecht op hun website: www.eigenwijsmuziek.nl. The Skarabeez (Buitenpodium, 18u50) Na het skageweld van Sideshift Harry, eerder op de dag, ging de Venlose skasensatie The Skarabeez terug naar een meer oorspronkelijke vorm van ska. Met aan de linker kant van het podium uitzicht op de kathedraal en aan de rechter kant van het podium de brandende zon, lieten The Skarabeez ruim veertig minuten lang een sterk staaltje zomerse ska horen. Authentiek, met ‘vintage’ versterkers van Marshall. Behalve de zelfgecomponeerde stukken, speelde de band een leuke medley van skaklassiekers. Zanger Robert Driessen droeg het nummer ‘We Want Ska’ op aan zijn collega’s van Sideshift Harry. Deze twee exponenten van de Limburgse ska staan binnenkort op nog een aantal data gezamenlijk op het podium, dus deze geste van Driessen werd met gejuich onthaald door de Harries. We want ska! Liftid (Eigenwijstent, 19u30) Van highschoolmetal tot nu-metal. De uit Roermond afkomstige jongens van Liftid mogen zich ondertussen mannen noemen en hebben al een hele rij verdienstelijke wapenfeiten op hun naam staan. Hoewel ze met moeite de hardheidsgraad van ‘Strength Above All’ evenaarden, is het Liftid wel (als enige op deze warme dag) gelukt om een pitt te realiseren tijdens hun optreden. Er werd naar hartelust op elkaar ingebeukt terwijl de snerpende gitaren uit de PA knalden. Er werd door de band benadrukt dat ze zich ‘positief’ voelden en op het eind van hun optreden uitte zich dat in het spelen van een paar highschool-klassiekers. Lekker hard, als je oren er naar staan. Illicit (Buitenpodium, 20u10) De uit Utrecht afkomstige band Illicit poogt hiphop, nu-soul en funk bij elkaar te brengen in een mix van lekker in het gehoor liggende nummers. Weer een bewijs dat de betere Nederhop toch écht uit de Randstad komt. Een strakke band en een imponerende frontman zijn de succesformule, al lijkt de sound van Illicit wel verdacht veel op die van Relax. Nog zo’n strakke hiphopband uit het hoge noorden. Vocalist en rapper Paradox ging tijdens zijn optreden hoogstpersoonlijk het publiek naar voren halen door ze achterna te rennen en ze face-to-face aan te sporen om even wat dichter bij het podium te komen. En dat werkte. Ook liep hij tussen het publiek door tijdens een ‘freestyle’ (waarin 3VOOR12 nog genoemd werd). Erg leuk bovendien was een break in één van hun nummers, waarbij de hele band ‘bevroor’ tijdens hun beweging, terwijl Paradox op zijn dooie gemak aan zijn flesje water slurpte. Hiphop met humor, dat geeft de burger moed. Mimezine (Eigenwijstent, 22u00) Één van de enige bands op Molenrock dit jaar met een platencontract op zak was het Amsterdamse gezelschap Mimezine. Zij staan op de loonlijst bij The Electric Co., een klein doch groeiend labeltje onder de paraplu van Universal. Muzikaal gezien lijkt Mimezine mee te varen op de huidige golf van punkfunk en ‘80s electro, die in gang is gezet door bands als Vive La Fête, Radio 4 en The Bravery, met hier en daar duidelijke invloeden van drum&bass. De puntige stem van zangeres Vera van der Poel ligt qua sound in tussen die van Roisin Murphy (ex-Moloko) en van Siouxsie (& The Banshees). Dansbare electro-pop, fraaie ‘pixel art’ projecties en de foeilelijke jurk van Van der Poel vormden de basis voor het afsluitende feestje in de Eigenwijstent. Cha Cha – Herman Brood Memorial Band (Buitenpodium, 23u00) De afsluiter van Molenrock Open Air 2005 was de Herman Brood Memorial Band, oftewel Cha Cha (naar het gelijknamige Brood-nummer en film). Maar hoe goed ze ook zijn, het blijft een cover band met een Herman Brood-imitator. Nu is de imitatie door zanger Robert van Cruchten feilloos. Hij was zelfs kandidaat in Henny Huisman’s Soundmix Show. Niet dat dit feit de act interessanter maakt, maar het wil wel iets zeggen. Toch heeft Van Cruchten op het podium niet het charisma waar Brood zo bekend om stond. Dat is in dit geval dan ook onmogelijk. ‘De één zijn dood, is de ander zijn Brood’, lijkt het motto van Cha Cha. Zelfs de grootste punker leek dat koud te laten, want Cha Cha wist nog wel een gezellig feestje te bouwen met Brood-klassiekers als ‘Never Be Clever’ en ‘Saturday Night’ en het beroemde Carol King stuk ‘Will You Still Love Me Tomorrow’. En zo kwam er een einde van een dag lang bandjes kijken op de parkeerplaats van het Designer Outlet in Roermond. Een samenvatting van Molenrock Open Air 2005 in drie woorden: Zonnig, zweterig en swingend. gezien: zondag 10 juli - Outlet Centre, Roermond tekst: Pierre Oitmann foto's: Bart Notermans

Nu op 3voor12