Edo de Vlieger en Eva Waterbolk bezingen ons bitterzoete bestaan Edo de Vlieger en Eva Waterbolk bezingen ons bitterzoete bestaan

"Als ik een stuiterbal ben, dan is hij een bowlingbal"

, Tekst: Maud Nass Foto's: Richard Lahuis

Edo de Vlieger en Eva Waterbolk bezingen ons bitterzoete bestaan

"Als ik een stuiterbal ben, dan is hij een bowlingbal"

Tekst: Maud Nass Foto's: Richard Lahuis ,

Kameraden Edo de Vlieger en Eva Waterbolk zijn beide singer-songwriters in Groningen. Ze delen een zwart gevoel voor humor, en blijdschap om cadeautjes die ze van het leven krijgen. Andere passies horen niet direct thuis bij het beeld een singer-songwriter: dit gesprek gaat ook over FC Groningen en het verzamelen van gekke plaatjes.

“We hebben elkaar ontmoet op een begrafenis.” Edo de Vlieger vertelt hoe ze elkaar drie jaar geleden leerden kennen. “We kwamen eerder wel op dezelfde plekken, in Vera enzo, maar we hadden nooit echt gepraat. Totdat we elkaar daar tegen kwamen.” Eva Waterbolk lacht: “Ja, het was heel maf om op dezelfde begrafenis te staan, van iemand die we allebei niet heel goed kenden. Dus dan ga je wel met elkaar praten.” Edo knikt. “Vrij snel daarna zijn we gewoon matties geworden.”

Eva is de chaotische van de twee. “Ik stoot overal tegenaan, en ik kom soms lastig uit mijn woorden. Als ik zeg maar een stuiterbal ben, dan is Edo...” “Een bowlingbal.” Edo is eerder het tegenovergestelde van chaotisch. “Ik ben rustig en gewoon heel erg stressbestendig, op het saaie af soms. Dan ben ik niet meer in beweging te krijgen.” 

Podiumvrees

Het was Edo die Eva uit haar slaapkamer sleepte om haar muziek aan anderen te laten horen. “Ik ben twee jaar geleden heel voorzichtig begonnen met liedjes schrijven. Dat wilde ik absoluut niet met mensen delen, want dat idee vond ik heel erg eng.” Toen ze Edo liet horen wat ze deed, vond hij dat ze er meer moest doen. “Toen heb ik eerst nee gezegd. Of misschien een keer samen ofzo.” Dat werd een optreden samen, afgelopen zomer in de Irish pub O’ceallaigh aan het Kattendiep. “Ik dacht dat ik dood ging. Maar blijkbaar vond ik het wel leuk genoeg, want ik ben er mee verder gegaan.”

Toen Eva dit jaar tijdens Eurosonic drie dagen optrad in de vintagewinkel Flat Iron, wekte ze de interesse van een muzikant uit de band van de Groningse artiest J’lectroniq. “Die man was toevallig ook boeker. Hij vroeg wat ik ervan vond als hij wat optredens voor mij ging regelen.” Inmiddels staat Eva veel vaker voor publiek. “En het is nu heel leuk als ik ergens heb gespeeld, dat ze me daarna weer vragen voor iets anders.” Veel materiaal heeft ze nog niet. “Ik heb nu net weer een nieuw nummer gemaakt, want ik merk wel dat het fijn is als ik wat te kiezen heb.”

Edo treedt al langer op als muzikant. Zo’n zeven jaar geleden leerde hij beter gitaar spelen voor de voorstellingen van Theater te Water. Op de theaterboot begon hij ook zelf liedjes te schrijven. “Toen ik daar wegging, wilde ik wel meer met muziek gaan doen. Dus ben ik een band begonnen." De band All The Days After bestond een jaar, totdat gitarist Frank Hospers naar Amsterdam vertrok. "Toen ging ik een paar keer solo optreden, en dat vond ik eigenlijk veel beter passen bij wat ik doe. Al was het wel goed om met die band te beginnen, zodat ik een soort back-up achter me had."

Voor Eva is Edo die back-up geweest. “Ik hield me in het begin krampachtig vast aan wat Edo deed. Ik keek muzikaal gezien tegen hem op, omdat hij al optrad en een bepaalde zelfverzekerdheid over zich had, die ik toen in elk geval nog niet had.” Edo voelt zich ook wel haar grote broer. “En nu ik haar zie groeien, ben ik een trotse grote broer.”

Zwartgallig

In het leven van Edo zijn twee grote passies: muziek en voetbal. Maar die twee gaan totaal niet samen. “Ik vind voetbal gewoon heel erg leuk. Met muziek wil ik veel meer. Daar wil ik mijn pijn in kwijt. Een liedje schrijven is voor mij iets verwerken, en blijheid hoef ik niet te verwerken. Dus als ik vrolijk ben, ga ik geen liedjes schrijven; dan ga ik ergens vrolijk zijn.” Zoals bij zijn club FC Groningen. “Al zou ik nog wel eens een clublied willen schrijven, dat lijkt me dan wel weer leuk.”

Voor Eva is pijn een groot woord. “Voor mij is het meer melancholiek.” En ze ziet de nare vorm van geestigheid in heftige dingen. “Als er iets heel ergs gebeurt in je leven, dan is de gradatie van hoe erg het is al zo hoog, dat je soms niet meer kan doen dan er een grap over maken. Dat vind ik soms bijna wat morbide: sommige dingen kunnen kunnen wel en andere niet. In mijn teksten probeer ik af en toe die grens op te zoeken.”

Edo vindt dat Eva precies de juiste snaar weet te raken. “Volgens mij heeft Eva een feilloos gevoel voor wat sentiment is en wat niet. Het is best wel diepgaande muziek, maar het wordt nooit huilerig of zeurderig. Als je bijvoorbeeld luistert naar zo iemand als Birdy, die dat nummer van Bon Iver covert, dan hoor je haar alleen maar huilen en jengelen. Dat is niet geloofwaardig meer. En Eva blijft gewoon heel erg zuiver.”

Volgens Eva zijn er voor Edo geen taboes. “Ik denk dat Edo dingen zonder gêne durft te benoemen, zowel over de hele mooie als de hele lelijke kanten van het leven. Het kan gaan over de liefde of iemand missen, met hele warme en zachte emoties, of het kan heel smerig en lelijk zijn. Dat kan niet iedereen.”

Een van de ‘smerige’ nummers van Edo is het zeemansachtige lied Waar De Waanzin Woont. “Het is heel erg lekker om te spelen: In een nacht van duizend onuitgesproken woorden zag ik jou. Je nam mijn schaamte weg en mijn oogwit, en ik beloofde je kwade trouw. Meer dood dan levend werd ik wakker in de schemer en de kou, met een haperend verlangen naar meer, en mijn tong kapot gekauwd.”

Momenteel is Edo bezig om nieuwe nummers te schrijven. “Ik wil het nog visueler en beeldender gaan maken. Maar ik weet nog niet precies hoe. Nummers die niet per se een duidelijk onderwerp hebben, vind ik zelf het beste. Spinvis is daar goed in bijvoorbeeld, en Tom Waits ook. Het is muziek die heel zintuigelijk op je inwerkt.”

Als Eva een nieuw nummer schrijft, probeert ze een gevoel te beschrijven. Ze verzamelt gekke plaatjes, en zo vond ze op een dag een plaatje van de Elephant Man. Ze werd nieuwsgierig naar deze man met allerlei abcessen op zijn lichaam, die in de jaren zestig in het circus zat. Zo kwam ze erachter dat hij ook prachtige gedichten schreef, over bloemen en de schoonheid van het leven, die in scherp contrast stonden met zijn rare lichaam. “Ik dacht: jeetje hoe zou het zijn als je verliefd op hem was? En toen heb ik een liefdesliedje geschreven. Op dat moment kan ik wel zo ver gaan dat ik die verliefdheid ook echt voel.”

Dromen

Voor de toekomst hebben Edo en Eva weinig grote wensen. “Alles wat er betreft muziek wel gebeurt, is gewoon een cadeau. Ik heb niet per se de behoefte om hier heel beroemd mee te worden of om er veel geld mee te verdienen. Ik hoop vooral dat ik de rest van mijn leven op allerlei verschillende plekken op de wereld mensen kan ontmoeten, en kunst mag zien en beoefenen.”

Edo kijkt niet ver vooruit in de toekomst, maar hij ziet muziek maken en een gevoel uitdrukken ook als een cadeautje. “Ik zou het al fantastisch vinden om een redelijk bestaan op te kunnen bouwen met muziek. Gewoon om er veel meer mee bezig te kunnen zijn.”

Edo de Vlieger en Eva Waterbolk spelen zaterdag 24 mei tussen 20.30 en 23.00 uur bij het Universiteitsmuseum. Let op: Voor de entree is géén polsbandje van De Nacht van Kunst en Wetenschap nodig.  

Tags

nu op 3voor12