De effectieve "Less talk, more rock"-instelling van Kasper van Hoek De effectieve "Less talk, more rock"-instelling van Kasper van Hoek

Groningse instrumentbouwer wil meer uit een instrument halen

, Nargiza Mamadazimova (tekst) & Niels Meijer (foto's)

De effectieve "Less talk, more rock"-instelling van Kasper van Hoek

Groningse instrumentbouwer wil meer uit een instrument halen

Nargiza Mamadazimova (tekst) & Niels Meijer (foto's) ,

Kasper van Hoek is een van de weinigen - misschien wel de enige - in Groningen die professioneel en experimenteel instrumenten bouwt. Met zijn instrumenten maakt hij op een intuitieve manier experimentiele muziek met invloeden van noise, ambient en electronica. Op 2 april presenteerde hij zijn nieuwe cd in de kelderbar van Vera met een interessant optreden. Naar aanleiding hiervan is er reden genoeg voor een interview met hem

Groningse instrumentbouwer wil meer uit een instrument halen

Kasper van Hoek is een van de weinigen - misschien wel de enige - in Groningen die professioneel en experimenteel instrumenten bouwt. Met zijn instrumenten maakt hij op een intuïtieve manier experimentiele muziek met invloeden van noise, ambient en electronica. Op 2 april presenteerde hij zijn nieuwe cd in de kelderbar van Vera met een interessant optreden. Naar aanleiding hiervan is er reden genoeg voor een interview met hem

Hoe is het zo gekomen dat je instrumenten bent gaan bouwen?

"Toen ik op de kunstacademie zat, begon ik geluidswerken te maken. In het begin heb ik met verkeerd aangesloten cassettedecks zonder bandjes gewerkt. Als je die ene via de koptelefoonuitgang op de microfoon-ingang van de andere aansluit en andersom en dan aan de knoppen draait, komen er heel rare kraken en piepen uit. Op een gegeven moment ben ik daar optredens mee gaan doen en daarna zijn er ook andere muzikale elementen zoals elektrische viool en effecten in geslopen. Na en tijdje merkte ik dat die instrumenten bepaalde beperkingen hebben waar ik niet omheen kon. Ik kon ze niet bespelen zoals ik ze wou bespelen, zo kunnen de snaren bijvoorbeeld niet heel erg los gespannen worden, omdat ze dan tegen de rest van het instrument aan slaan. Uiteindelijk zorgde dat ervoor dat ik zelf met instrumenten bouwen begonnen ben."

Zijn het dan vooral snaarinstrumenten die je bouwt?

Ja, snaarinstrumenten, vanwege het bespelen, want daar ben ik niet zo goed in. Snaren zijn heel fijn, het zijn lange rijke geluiden die makkelijk te bewerken zijn. Je krijgt een mooi sferische geheel. Ik kan hier meer mee dan met een traditioneel instrument."

Je maakt ook zelf stuurpaneeltjes en boards. Wat doe je er allemaal mee?

"Die zijn eigenlijk om pc's mee aan te sturen. Toen ik begon met het maken van snaarinstrumenten ben ik tegelijkertijd met dit soort dingen begonnen. Alles waar ik eerder mee speelde, heb ik weggedaan, omdat ik niet meer met van tevoren opgenomen geluiden wilde werken. Ik wil alles alleen maar live opbouwen. Als je in je eentje bent, heb je meer handen nodig en moet je meer doen en dit is de beste oplossing voor live sampling bij optredens. Bijvoorbeeld om het volume te controleren en om real time opgenomen dingen aan en uit te zetten. Dit is echt voor live gebruik."

En je manier van spelen, is het pure improvisatie of zit er ook een soort van structuur of routine in?

"Net als bij alle improvisaties, gaat het na een tijdje onbewust via bepaalde regels of patronen. Ik heb geen plan, maar er zijn wel bepaalde manieren van spelen die ik wel vaker toe pas of tijdens een optreden een aantal keer herhaal. Daardoor komt er een soort van herkenbaarheid in. Het is niet elke keer volstrekt anders, sommige principes werken goed, die pas ik dan ook toe, maar er is geen bepaalde compositie die ik twee keer zou spelen. Ik denk nooit een compositie uit. Het lijkt me vervelend om het te doen, dan ben je toch weer in dienst van een plan, terwijl het al genoeg is om tijdens het spelen erop te reageren."

Dus oefenen werkt voor jou niet?

"Dat kan wel, maar voor mij hoeven het geen uitgewerkte composities te zijn. Ik wil gewoon improviseren en aan de slag gaan op het podium. Je kunt best dingen doorspreken, desnoods even oefenen vlak voor een optreden, maar je hoeft niet elke noot te gaan wegen en te gaan discussiëren over waar een nummer naar toe moet gaan. Ik zou dan na een minuut overal 'ja' op zeggen of gewoon weglopen. Ik vind niet dat muziek daarover moet gaan, dat geneuzel over details. Het heeft vast veel nut en effect, maar niet voor mij."

Je hebt al een aantal lp's en cd's uitgebracht. Zijn de vorige cd's anders dan je nieuwe album? Denk je dat je stijl en geluid met de tijd verandert?

Ja, er is veel veranderd. De eerste drie jaar maakte ik veel computer gebaseerd werk, maar wel met een hele botte manier van geluiden herhalen en door daar structuur in te maken. Toen heb ik de muziek van die drie jaar verzameld en er een lp van gemaakt, die een beetje als de industriële muziek experimenten uit de jaren tachtig klinkt. Daarna ben ik eigenlijk iets meer sferische kant op gegaan, met voornamelijk computer gegenereerde geluiden en sterk bewerkte opnames die buiten gemaakt worden. Zo ontstond ook A Light Year of Sundays
. Toen ik op het Frank Mohr Instituut zat, ontstond in mijn werk een nieuwe richting waar meer live gevoel in zit. Ik heb hierbij meer gebruik gemaakt van instrumenten die ik toen net begonnen was te maken. De geluiden daarvan heb ik dan ook meer in hun waarde gelaten. Daarom is de laatste plaat muzikaler geworden."

 

Je bent laatste tijd veel aan het touren. Hoe wordt jouw muziek in andere steden ontvangen? Is er een draagvlak voor dit soort experimentele muziek in Nederland?
"Ik heb het idee dat het altijd goed ontvangen wordt, maar er komt natuurlijk altijd een publiek af dat daar geïnteresseerd in is. Vooral in het zuiden van Nederland merk ik dat het veel meer leeft en dat er meer mensen op afkomen. Dus er is wel een draagvlak, maar het is klein, je speelt vaak voor 20-40 mensen, wat niet zo erg is." 

Hoe komt het dat er zo weinig mensen zijn die zich echt professioneel met instrumenten bouwen bezig zijn als jij?

"Er zijn wel meer mensen die dat doen, maar er is weinig vraag naar. Voor mensen is een gitaar snel af. Het is ook de vraag wie ooit de noodzaak in zou zien om dit zelf te gaan doen. De meeste mensen bouwen een bestaande gitaarmodel na, weinig mensen maken daar een eigen creatief project van. Als je het over instrumentenbouw hebt, zijn de meeste gitaristen een stelletje conservatievelingen die veel waarde aan bepaald systeem en voorkeuren hechten. Het zijn niet de eerste mensen die iets anders gaan doen."

Je treedt op, maar je geeft sinds kort ook lezingen en presentaties?

"Dat klopt, nog niet zo lang. Ik was een keer gevraagd om een presentatie van vijf minuten te geven over de instrumenten die ik bouw en sindsdien werd ik vaker gevraagd. Ik heb nooit bij stilgestaan dat ik dat ook kon doen en dat het interessant zou zijn. Maar ik merk dat het goed wordt ontvangen en dat het leuk om te doen is. Mensen vragen zich af: 'Waarom doet iemand dat, en welke keuzes kom je dan tegen, waarom komt het in iemand op om überhaupt iets anders met een instrument  te willen doen?' Ik vind het leuk om dat aan iemand anders uit te leggen."

Je optreden in Vera was anders dan je vorige optredens. Hoe ontstond het idee daarvoor? Was het geïmproviseerd of hebben jullie het expres bedacht?

We - Jan Klug, Corneel Canters, Michael Dotolo en ik - hadden een keer samengespeeld afgelopen zomer en wilden het wat vaker gaan doen. Op die dag zelf hebben we een uurtje samen geoefend om op elkaar in te spelen, maar geen afspraken over de muziek gemaakt. Het was meer om te kijken of we elkaar goed horen en hoe het bij elkaar zou passen. Ik vind het ook een hele leuk manier van spelen: kijken wat iedereen doet en daarmee bezig zijn en op elkaar reageren, in plaats van gewoon je eigen partij erdoorheen jassen. De roep om een toegift was wel een nieuwe ervaring. Tijdens het optreden ben je bezig om iets op te bouwen, werk je naar een apotheose toe en dan ontstaat er vanzelf een einde. Dan heb je alles gegeven, ben je helemaal leeg en kun je moeilijk opnieuw beginnen."

Werk je vaker samen met andere artiesten of niet? Heb je ambities betreffende samenwerkingen en collabs?

"Ik vind het de laatste tijd steeds leuker en interessanter om met mensen samen te spelen, maar er zijn niet echt specifieke mensen met wie ik graag samen zou willen werken. Laatst trad ik op met Mitsuaki Matsumoto die op een sitar speelde (ook zonder oefenen) en eerder met bands zoals Sexton Creeps en Visuele Cirkel. Het is leuk en het is wel iets wat ik vaker zou willen doen. Binnenkort heb ik een optreden met Anneke Claus. Zij gaat een tekst voorlezen en dan ga ik er muziek bij spelen. Ik heb ooit ook met Albert Westerhoff een soortgelijk project gedaan. Ik heb toen een gedicht van hem op muziek gezet en misschien gaan we dit vaker doen, ook met andere dichters."

Is er ook iets anders wat je met je muziek wilt doen?

"Ooit werden een aantal nummers voor een documentaire gebruikt. In een keer zie je je muziek in een andere setting die de sfeer bepaalt en versterkt. Dan zag ik opeens andere eigenschappen en kwaliteiten van mijn muziek. Het lijkt me leuk om een keer gericht ergens voor muziek te maken, dat het ook dienbaar kan zijn voor film bijvoorbeeld. Op deze manier wordt muziek bij veel mensen trouwens ook veel eerder gewaardeerd: als je het op het podium doet dan kom ik er niet mee weg, maar als ik het onder een film zet dan valt het in een keer op zijn plek. Dan snappen mensen het veel sneller als het een relatie met iets heeft."

Wensen voor de toekomst/ toekomstplannen?

"Ik ben altijd iets aan het bouwen maar het is nooit af. Ik wil een keer een echt instrument gaan maken met echt goede gitaarelementen en stemknoppen en kijken of iemand anders er mee overweg kan. Een degelijke idiootproofversie die niet gericht is op mijn eigen gebruik. Geen prototype maar een eindproduct. En dan kijken hoe het instrument is in de handen van een ander." 

 
 

Nu op 3voor12