“Elk nummer van The Hunches is een schreeuw, recht uit het hart” “Elk nummer van The Hunches is een schreeuw, recht uit het hart”

Band heeft lak aan rockwetmatigheden

, Paul Schwarte,

“Elk nummer van The Hunches is een schreeuw, recht uit het hart”

Band heeft lak aan rockwetmatigheden

Paul Schwarte, ,

Afgelopen zondag stonden The Hunches in Vera, om me eventjes helemaal weg te blazen met hun elementaire rock. Een zondag eerder stond ik nog naar de overwegend rustige liedjes van Benjamin B te luisteren. Dat is Vera; het is de rock waar men voor gaat, maar dan wel in de volle breedte, in alle variaties. Mooi, dat verschil in contrast.

Band heeft lak aan rockwetmatigheden

Afgelopen zondag stonden The Hunches in Vera, om me eventjes helemaal weg te blazen met hun elementaire rock. Een zondag eerder stond ik nog naar de overwegend rustige liedjes van Benjamin B te luisteren. Dat is Vera; het is de rock waar men voor gaat, maar dan wel in de volle breedte, in alle variaties. Mooi, dat verschil in contrast. Benjamin B bouwt op. Het arrangeert, zet zorgvuldig alle elementen op z’n plek en maakt doordachte composities. De herkenbaarheid is groot, zo ook de toegankelijkheid. Bij The Hunches uit Portland, Oregon regeert de chaos, het is een losgeslagen bende. Ze maken een soort afbraakrock (straks meer daarover) waarbij het zoeken is naar structuur en logica. Benjamin B, dat is een zucht, een traan of een glimlach. Elk nummer van The Hunches is een schreeuw, recht uit het hart. Zanger en gangmaker Gledhill is een lange maniak die zo uit Planet Of The Apes lijkt te zijn gestapt. Voor mooie melodielijnen moet je niet bij hem aankloppen, wel voor pure energie en r’n’r-gekte. Achter hem een drummer -type collegestudent- die vooral beukt en een –overigens zeer lelijk betatoeëerde- bassiste die alle vooroordelen omtrent vrouwen met dit instrument volledig wegblaast. Ster van de show is een klein, jong mannetje die het gevecht aangaat met z’n naar alle kanten opscheurende gitaar, om steevast na een minuutje of drie, vier als glorieuze winnaar uit de strijd te komen. Controle is het woord; hoezeer de boel ook ontspoort, de drie Hunches blijven meester over de situatie. Daar doet ook een wezenloos over het podium struinende Gledhill geen afbreuk aan. Op het juiste moment even gas terug, zo af en toe een perfect getimed gitaar- of basriffje of een strakke break die duidelijk maken dat deze mensen toch echt geoefend hebben. Een bak herrie, okay, maar niet zomaar een bak herrie. Deconstructivistische rock’n’roll; volgens mij was het Olaf van Green Hornet die ooit eens kwam met die term. Vond ik een goeie, dus ik gooi ‘m er nu maar in. We leven in tijden van stijlvastigheid als je het over de rock van nu hebt. Bands blijven netjes binnen hun hokje, binnen een formule, de vorm ligt vast. Een gevolg van de overvloed aan muziek, wat maakt dat elke band zich steeds duidelijker moeten presenteren. Gelukkig zijn er nog bands die hieraan schijt hebben. De deconstructivistische rockers (fijne term, niet?) breken met rockwetmatigheden, met vooroordelen over hoe rock zou moeten klinken, met –zo je wilt- de muurtjes van de hokjes. Om vervolgens vanuit de puinhopen op te staan met een nieuwe, of op z’n minst eigen muzikale taal. Vrijheid, onafhankelijkheid, et cetera… Dit soort bands is voorbestemd tot een cultstatus. Waarschijnlijk is dat ook het hoogst haalbare voor The Hunches. Maar dan zijn ze in goed gezelschap van bijvoorbeeld The Velvet Underground, Stooges, Pussy Galore, Beefheart, Scientists, Dead C. of The Ex. En in 1975 maakte een clubje genaamd The Electric Eels de podia in Cleveland, Ohio onveilig met hun opgefokte, tot op het bot gestripte noisepunk. Met scenegenoten Pere Ubu, The Pagans, The Dead Boys en Rocket From The Tombs waren deze onruststokers pioniers van wat in ’76 komen ging. Aan de mouw van Gledhill hing een lap stof met daarop de naam van die Electric Eels. Dat de band schatplichtig is bleek vooral in het –laat ik het zo noemen- geintje voorafgaand aan het optreden; het gitaristje op drums, de merch-man op gitaar, net als Gledhill zelf, in een totale rip-off van The Electric Eels. Dat leverde net zoveel onbegrip op als in ’75. Verder was er een bloedende gitarist, een net zo kort als krachtige toegift en een voorprogramma, The Archie Bronson Outfit, dat met een ‘symphatiek’ verder ook meteen weer afgeserveerd kan worden. En de opkomst was helemaal niet slecht voor de zondagavond. In Vera zagen we het afgelopen jaar al bands als Jackie-O-Motherfucker, No-Neck Blues Band en Sunburned Hand Of The Man. The Hunches blijven wat meer binnen de rocktraditie, maar scharen zich bij dit rijtje bands dat de rock nieuwe impulsen geeft. Dus, koopt hun platen, zegt het voort!
Tags

nu op 3voor12