Motel Mozaïque middag 3 in TENT en Arminius Motel Mozaïque middag 3 in TENT en Arminius

Met Sick Oakes, Tifèn, Cocorosie, Akron/Family, Paavoharju, The Veils, Isobel Campbell en Fink

, Annet Brugel,

Motel Mozaïque middag 3 in TENT en Arminius

Met Sick Oakes, Tifèn, Cocorosie, Akron/Family, Paavoharju, The Veils, Isobel Campbell en Fink

Annet Brugel, ,

Het is bij Motel Mozaique traditie dat een aantal artiesten die ’s avonds in Nighttown of Schouwburg optreden, ’s middags al een gratis concert geven in museum TENT aan de Witte de Withtstraat. Dit jaar gaf een groot aantal artiesten daar gehoor aan, net als het publiek trouwens, wat massaal kwam opdagen. Oh en tussendoor ook nog een Arminiusconcert van Paavoharju.

Met Sick Oakes, Tifèn, Cocorosie, Akron/Family, Paavoharju, The Veils, Isobel Campbell en Fink

De in 1999 opgerichte Zweedse band Sick Oakes opent de derde dag van Motel Mozaïque op het gratis te bezichtigen 3VOOR12 podium in museum TENT. De vier (bas)gitaristen zitten op stoelen met hun rug naar het publiek gekeerd, de blazers kijken de kleine zaal in en op de grond, in het midden van het podium, zit de slagwerker Joel Samuelsson. Echt buitengesloten voel je je als toeschouwer niet. De sferische gitaren klinken vol en basserig. Ze vormen de basis van een dichte orkestrale achtergrond, waar bassist David Kraft en de saxsofonisten/trombinist Jonas Engen en Jacob Broms verfrissend op de voorgrond treden. Joel kabbelt, met heldere xylofoonaanslagen, boven de bandleden uit. Als publiek kun je het gevoel hebben dat ze met deze opstelling, met de gezichten naar elkaar toe, een intieme sfeer creëren, waar het publiek als een welkome voyeur omheen staat. Maar als we de bandleden na het optreden een paar korte vragen stellen blijkt dat niet zo te zijn. Erik Danielsson: “Met de kooiconstructie rondom het podium en die felle lampen en camera’s op ons gericht voelden we ons gevangen. Alleen op deze wijze konden we de nummers Taking The Stairs Instead Of The Elevator en Rings And Bullits In The Same Golden Shrine op relaxte wijze ten gehore brengen, zonder ons al te veel bewust te zijn van ‘de kooi’.” Tifèn is een prettige tegenhanger van de dromerige Sickoakes. Ze zet de bezoekers van TENT. weer met beide benen in de realiteit. De Utrechtse schrijfster rapt eigen teksten old skool in beschaafd Nederlands, wat ondanks de keurige uitspraak rete stoer is! Voor de gelegenheid is ze samen met Snode Art gekomen. Hij start de beats in, speelt basgitaar en verzorgt de door de vocoder gehaalde achtergrond zang. Tifèn’s teksten zijn geniaal. Haar stem stuitert lekker met veel gevoel voor timing en flows op de broken beats. De maatschappelijke kritieken projecteert ze niet op het publiek of in het luchtledige, maar op haar zelf. Zinnen zo scherp als een onschuldig papiertje dat venijnig in je vel snijdt en sublieme en woordgrappen die je langdurig op wil slaan om aan andere te declameren. Ze ontlaat haar boosheid op de planken, maar bij de nummers die ze zelf het stempel ‘emotionele shit’ meegeeft zie/hoor je haar verzuipen in onmacht. Het enige wat minder goed was, was dat de beats langer doorliepen dan haar flows. Terwijl eigenlijk het laatste woord van Tifèn de punt achter ieder nummer zou moeten zijn. Na het optreden mengt ze zich in het publiek. Voor weinig is de cd Sublimatie te verkrijgen. Nog één vraagje van 3VOOR12/Rotterdam voordat de verkoop van start gaat: “” ”Je was toch met het nieuwe album Zij De Draad bezig. Wanneer gaat die uitkomen?” Tifèn: “Ik ben er al wel mee bezig, maar ik zit nog in het creatieve proces. In de zomer verwacht ik de studio in te gaan om hem op te nemen. Nog voordat Cocorosie aan de soundcheck begint zijn de buitendeuren van TENT. al gesloten. De rij wachtenden buiten, die qua aantal ongeveer gelijk is aan de mensen binnen, heeft pech. Voor hen is de kans om deze snel opklimmende New Yorkse band in zo’n intieme, kleine zaal te zien, verkeken. De frustratie buiten is groot. Er werd door de organisatie al vermoed dat Cocorosie de grote publiekstrekkers van Motel Mozaïque zou worden. Het soundchecken vóór het optreden vergt veel concentratie van de ervaren geluidsmannen. Zowel Bianca Leilani Casady als de getalenteerde human beatboxer kunnen zo’n breed scala aan geluiden met hun stembanden produceren dat de monden van veel toeschouwers openvallen. Het gaat om ‘kleine tandjes erbij en eraf’ wat een wereld van verschil maakt. De klanken die de human beatboxparel voortbrengt kan bij een schuif-mismanagement het verschil maken tussen agressief en industrieel. De band is gewend aan lange soundchecks. Geduldig en erg vriendelijk brengen de muzikanten de geluidsmannnen naar de golflengte waar ze moeten wezen. Zelfverzekerd begint het vierkoppige Cocorosie aan hun optreden dat qua genre, ook al is het mijlenver ervandaan, nog het dichtst bij hiphop ligt. In de stem van Bianca Leilani Casady zijn Erykah Badu, een traditionele Turkse zangeres en Björk verenigd. Haar stemband blijkt een tweede spoor te hebben. Naast een kraakheldere zangstem rust er op haar stembanden een kraak die melodramatisch vibreert. Het heeft veel weg van een oude platenspeler of een jaren vijftig radio die nog aanstaat. Maar zo heerlijk. Een basgitarist, Sierra Rosa Casady, die harp, fluitjes speelt, de mysterieuze gemaskerde beatboxer en zangeres Bianca brengen hiphop met de nostalgie uit de jaren dat hiphop nog uitgevonden moest worden. Wat een sensatie, gade geslagen door een doodstil publiek dat pas applaudisseert nadat de nummers al seconden waren afgelopen. Cocorosie verstilt. ‘And now for something completely different’ kun je bij elke overgang van het ene naar het andere optreden gebruiken. Verwilderd komen de leden van Akron/Family op en nemen plaats op de grijze klapstoelen op het podium. Het geroezemoes in de zaal zet voort. Het publiek verwacht immers eerst de soundcheck. De drummer geeft één slag op zijn trom en de band explodeert. Minuten lang raggen ze zo hard ze kunnen op drie gitaren en een drumstel. De pupillen van de New Yorkse sekteleden Ryan Vanderhoof, Seth Olinsky, Miles Seaton en Dana Janssen draaien weg en de hersenpannen van de muzikanten kunnen afgegoten worden. Al zijn ze in trance, hun spel is prima op elkaar afgesteld. Vermakelijk. Maar dan volgt na een enthousiast applaus een tweede nummer. Ze kiezen voor een heel ander timbre. Als kleine kinderen verzamelen ze speelgoed en instrumenten waarop ze op de grond zittend of staand op spelen. Daar ga je als publiek in mee of niet. Alsof je een kijkje neemt in de ontspanningsruimte van een gesloten psychiatrische inrichting. Abrupt beëindigen ze het nummer. “We moeten nog soundchecken, maar het ging zo lekker.” Ze eindigen hun optreden met een gebroederlijke omarming. Alsof je naar een jaren zeventig portret van een motorrijdend gospelkoor zit te kijken. De mannen zijn aardig. En eigenlijk zijn we als publiek nieuwsgierig naar nog meer van hun gekte. En het vermoeden wordt beloond met een wervelende ‘nerdy’ tapdance toegift wat wederom uitmond in een wederom bevreemdend nummer. Eerder gelezen recensies over Paavoharju beloofde zoveel moois. Maar na een zéér slecht optreden gisterenavond in Nighttown heb ik m’n verwachtingen voor het optreden van vandaag in de Arminius kerk drastisch bijgesteld. Voor zo’n lokatie verlaat ik, al is het met moeite, dan toch het gezellige TENT. De muzikanten van Paavoharju lopen door de kerk terwijl bezoekers aanschuiven op de houten kerkbanken. Het optreden is nog niet begonnen of ze lopen al spiritueel heel nadrukkelijk aanwezig te zijn. Ieder met z’n eigen authentieke maniertjes. Het verstikt me. Paavoharju heeft bij hun vorige optreden te veel goodwill verspilt. Het is blijkbaar niet mijn band. Zachtjes verlaat ik, helaas na twee nummers zingen, de kerk. Joepie, nog op tijd voor The Veils!!!!!! Het was nog spannend of het wel zou lukken. The Veils kregen pas een half uur van te voren van hun bookingsagent te horen dat er ook nog een optreden in een museum gepland stond. De melodramatische britpop-/waveband uit Nieuw-Zeelandse moest er dan ook nog even inkomen toen het optreden begon. Zanger/tekstschrijver Finn Andrew en zijn in 2004 vervangen band zijn muzikaal al aardige een eenheid aan het worden. Hoe goed de leden van de band ook zijn, ze blijven ondergeschikt aan Finn Andrew. Het duurt wat langer voor Finn de emoties van de teksten in zijn stem kan vangen. Maar na twee nummers pakt zijn hoge schreeuwerige stem een groep TENT.bezoekers bij de nekvel om ze niet meer los te laten tot het optreden ten einde komt. The Veils zijn goed, maar vooral Finn richt zich slechts op individuen in het publiek en hoopt de rest indirect mee te krijgen. Ik was één van die individuen. Maar het heeft mijn twijfel aan Finn’s oprechtheid aangewakkerd. Meisje-meisje Isobel Campbell heeft een hooggesloten ijsblauwe, jaren vijftig jurk met petticoat en te grote rode pumps met stilettohakken aangetrokken. Helemaal opgedoft neemt ze plaats achter haar cello. Aan de microfoon hangt een schrift met de handgeschreven noten en teksten. Met sierletters is op de kaft My Music Book geschreven. Haar cd Ballad Of The Broken Seas doet het goed. Het kwetsbare van Isobel (ex Belle & Sebastian) en het ruige, doorleefde van Mark Lanegan (Queens Of The Stonehedge) nadert dan ook op de cd het kaliber van Nick Cave en Kylie Monogue. Lanegan zag zingen met haar voor op dit album gelijk zitten, maar samen toeren paste niet in zijn schema. Eugene Kelly is haar ‘partner in liedjes’ gedurende Motel Mozaïque. Maar in TENT. blijven het slechts liedjes ter vermaak zonder toegevoegde waarde. Ooit trad Fink alleen naar buiten als dj, producer; de trip hop beatsman uit Bristol. Musiceren als singer/songwritting deed hij altijd al voor de lol. Maar echt te combineren met dj-en/producen was het niet. Dus schoof hij even alles aan de kant, verhuisde naar Brighton, nam een betaalde baan en ging aan de slag als singer/songwriter. En hoe verdienstelijk. De single met Pretty Little Thing en Biscuits was al een verkoopsucces. Tijdens het week-end van Motel Mozaïque verscheen zijn album Biscuits For Breakfast. De euforie straalt van Fink en zijn muzikanten Guy en Tim af. Ze zullen voor een heel klein publiek in TENT. optreden, aangezien op dit tijdstip ook de optredens in Nighttown en de Schouwburg van start gaan. Fink (gitaar/zang), Guy (bas) en Tim (drum) maken meer dan ingetogen muziek. De hete soul in dubversie die zij spelen stroomt als blues rechtstreeks door je aorta, waardoor het hart smelt. De tekst van Biscuits (for breakfast) is zo beeldend geschreven en gezongen, je gelooft dat Fink het deze morgen nog meemaakte. En dat is bij alle nummers die ze hier ten gehore brengen. De emoties en belevingen zijn vers, de ziel van de nummers is zo nog levendig. Geen seconde spelen ze op de automatische piloot. Op dit podium zijn Tim, Guy en Fink slechts met één ding bezig en dat is de nummers vertolken. Alleen tussen de liedjes door zijn ze met andere dingen bezig, zoals leuke kletspraatjes met hun publiek dat collectief als een blok voor ze is gevallen. Fink vertelt over de cover van Alison Moyet die ze gaan spelen. All Cried Out van de mannelijke zijde bezien. “Cause they aren’t so pushy as girls are”: aldus Fink. Hij zingt het lied met minder stemuithalen als het vrouwelijke origineel van Moyet, maar de intensiteit is zo hetzelfde. Heerlijk. En dan komt het stille, humeurige lied If You Stayed Over. Fink en zijn bandleden zuigen je gehoor naar de boxen. Ogen focussen op Fink’s mond en voor je het weet hang je aan zijn lippen. Schuifelvoetend kruipen de toeschouwers, die allemaal toch al goed zicht hadden op het podium, dichterbij. Tim en Guy zijn net zo’n onderdeel van de nummers als hun leading man. Pretty Little Thing. Een enorme ketting van juwelen wordt hier bij het publiek omgehangen. Tijd voor een praatje met het publiek. Fink legt uit dat hij Pills In My Pocket schreef naar aanleiding van het Glasbury Festival. Tim en Guy zijn al van het en Fink is ook al opgestaan. Het publiek volgt al zijn bewegingen. Ach hij is helemaal nog niet klaar!. Hij gaant weer zitten op de stoel en positioneert zijn gitaar weer op schoot. En met de tranentrekkende woorden “All the drugs you take before you go to work. Who doesn’t need a smoke each day. Otherwise I can’t take the e-mails on the start of the start of the day.” zingt hij dit optreden tot een einde. Echt bevoorrecht ben je pas als je het gevoel hebt aan de podiumrand te staan van het beste wat het festival te bieden heeft. Bij Fink overheerst dat gevoel. Na het optreden heeft 3VOOR12/Rotterdam nog een gesprek met Fink. Naar Nederland komt hij zeker terug. Hij zal op Lowlands staan. Het eerste wat hij doet als hij terug is in de UK is rond gaan bellen om op zoek te gaan naar bandleden die zijn band kunnen ondersteunen bij de toer die er aan gaat komen. Rotterdam wil hij zeker weer aan doen. Het liefst in kleine zalen in een kleine setting. Fink: ”Hoeveel kunnen er in Rotown?” Fink komt naar je toe deze zomer.
Tags

nu op 3voor12