Two Gallants schakelt moeiteloos van desperate crime passionel naar sublieme Victoriaanse dichtkunst Two Gallants schakelt moeiteloos van desperate crime passionel naar sublieme Victoriaanse dichtkunst

Two Gallant en Blitzen Trapper stonden vorige week samen in Vera

, Tim Fierant,

Two Gallants schakelt moeiteloos van desperate crime passionel naar sublieme Victoriaanse dichtkunst

Two Gallant en Blitzen Trapper stonden vorige week samen in Vera

Tim Fierant, ,

Bezorgde blikken op de eerste rijen vorige week in Vera. Want Adam Stephens, zanger van het Amerikaanse duo Two Gallants heeft een even indrukwekkende als verontrustende lyrieke spanwijdte: “But I shot my wife today, dropped her body in the ‘Frisco bay. I had no choice it was the only way. Death’s comin’. I’m still runnin’.”

Two Gallant en Blitzen Trapper stonden vorige week samen in Vera

Eerder op de avond waren de ogen gericht op Blitzen Trapper. "From Portland, Oregon. Hello." De ingetogen bescheidenheid van het voorstellen door gitarist/toetsenist Marty Marquis staat hier in schril contrast met de gezellige manie die zich geleidelijk over het podium lijkt te verspreiden. De nadruk ligt op het laatste album van de band, het eerder dit jaar verschenen Wild Mountain Nation. De tegendraadse ritmes gecombineerd met lieve folkliedjes en pure swamprock werden alom geprezen. Op het podium weet Blitzen Trapper dit gevoel van georganiseerde chaos prima te vangen. Ze zijn met zijn zessen, maar ieder kent zijn plaats. In plaats van een schud-ei wordt een schud-paprika gebruikt. Een mooi popliedje als Futures & Folly krijgt live iets meer peper, waardoor de aandacht gretig vastgehouden wordt. Titelnummer Wild Mountain Nation ontlokt de zaal met de bezieling waarmee het gespeeld wordt de eerste kreten van goedkeuring. Tijdens a-ritmische afsluiter Devil's A Go-Go wordt het duidelijk: deze band verdient snel een eigen avond in Vera. Dan Two Gallants. Het podium doet eerst wat leeg aan. Net stonden er tenslotte nog zes man, Two Gallants doet het met zijn tweeën. Vergelijkingen met The White Stripes zijn dus snel gemaakt, maar blijken buiten de numerieke overeenkomsten weinig voor te stellen. Het lichaam van zanger Adam Stephens trilt tijdens het zingen onophoudelijk. Niet van zenuwen, waarschijnlijk van bewijsdrang, inlevingsvermogen. Zijn ietwat nerveuze stemgeluid roept herinneringen op aan Conor Oberst van Bright Eyes. De furieuze drumpartijen van Tyson Vogel meppen de nummers met zoveel kracht je oren in dat weinig meer rest dan totale overgave. Stephens zingt about 'doin' time', 'hours of darkness', over doem en desolate schoonheid. Johnny Cash, The Pogues, maar ook Elvis Costello lijken grote invloeden. Als hij je al zingend bekent dat hij zijn vrouw vermoord heeft, weet hij een medeleven je ziel in te zingen dat maakt dat je je bereid voelt de deur te barricaderen voor de buiten omsingelende politiemachten. Met het einde van het optreden neemt de zaal geen genoegen. Er wordt met een baldadige bewondering op het podium geslagen met lege bierflesjes, waardoor de heren ietwat onwennig terug het podium opschuifelen. Een klein kwartier en een laatste hand prachtig bezongen zieleroerselen later is het dan toch echt voorbij.
Tags

nu op 3voor12