In deze rubriek laat een bonte stoet columnisten hun eigen licht laat schijnen op de Haagse muziekscene. Elk vanuit hun eigen vakgebied delen ze persoonlijke verhalen, onverwachte invalshoeken en scherpe inzichten over wat de muziek – en alles wat daarmee samenhangt – in onze stad zo bijzonder maakt. Elke editie een andere columnist, deze keer: Melle de Boer.

De Helena deel 2: De knipoog van Cor

Een reconstructie

De Love Me Tender voor De Helena is stopgezet.
Na bezwaren van de buurt, brieven van bezorgde Hagenaars, vragen vanuit politieke partijen en een paar columns, is de procedure om de exploitatie van het gebouw aan een externe partij over te dragen beëindigd.

Wat een hoeveelheid werk, geld en vergaderuren hieraan vooraf is gegaan.

Er waren twee deelnemers aan de tender:
het Rotterdamse Kino (ik zeg het nu gewoon, nu ze zichzelf ook bekend hebben gemaakt), met als investeerder de vaak als kwajongen getypeerde grootinvesteerder Cor van Zadelhoff,
en het Helena Collectief: mensen die al in De Helena werken, een bioscoop (omdat dat nu eenmaal een harde voorwaarde was) en een Haagse investeerder.

Beide partijen leverden uitvoerige plannen in. Die werden door een commissie beoordeeld en Kino werd uitgeroepen tot voorlopige winnaar.

En toen moet Kino hebben gedacht: mooi, laten we meteen die hotelvergunning aanvragen, dan zijn we daar alvast vanaf.
Want een vergunning voor een hotel krijg je niet zomaar. Dat kost tijd, veel geld en voorbereiding. Ze waren daar dus al geruime tijd mee bezig.

De vergunningsaanvraag werd, zoals het hoort, door de gemeente openbaar gemaakt, zodat er bezwaar kon worden ingediend.

En bezwaar kwam er. Van veel kanten.
Want over een hotel was nooit gesproken, en het stond niet in de tendervoorwaarden.

Bewoners van Den Haag, de wijkvereniging, instanties, initiatieven en verschillende politici dienden bezwaar in bij de gemeente.

Het hotel is van de baan.

Wat maar door mijn hoofd blijft spoken, is dit:
hoe heeft de commissie beide aanvragen zo serieus kunnen beoordelen met een puntensysteem en uitgebreide motivering en daarbij over het hoofd kunnen zien dat in één van de plannen een hotel was opgenomen?
Een hotel dat, als je de voorwaarden kent, simpelweg niet voldoet aan de tendercriteria.

Ik denk dat het zo ging.

 

Op het moment dat de commissie bij het hotelgedeelte van het Kino-businessplan kwam, verscheen er ineens een miniatuurversie van Cor van Zadelhoff zelf uit de papieren. Met een akoestische gitaar (een Martin D-21, voor de kenners)

Cor begint te zingen:

“Welkom in Hotel De Helena,
daar is het altijd feest.”

Op de achtergrond echoën de Kinono’s in prachtige samenzang:
“Daar is het altijd feest.”

Cor zingt verder:
“Daar moet je zijn geweest.”

Heel mooi. Ik zou ook even afgeleid zijn.

En met een onweerstaanbare knipoog verdwijnen kleine Cor en de Kinono’s vervolgens weer in het businessplan. Of, en dat is een minder fijne gedachte, het hotel is wél opgemerkt, maar om onduidelijke redenen door de vingers gezien.
Maar zo zullen onze Haagse beleidsmakers toch niet zijn? Was dat verplichte filmtheater in de Love Me Tender een goocheltruc om alsnog een hotel uit de hoge hoed te toveren?
Nee. Natuurlijk niet. Dat zal mijn argwanende aard wel zijn.

Door het stopzetten van de tender zijn ook de plannen van het Helena Collectief van tafel. Dat is jammer. Er zal een nieuwe tender worden uitgeschreven.
Ik hoop dat de mensen die straks beslissen over de toekomst van De Helena deze plannen niet vergeten.

En ik hoop vooral dat teleurstelling over het mislopen van een hotel niet wordt afgereageerd op de kunstenaars en gebruikers die De Helena juist tot zo’n fijne plek maken.
Maar die angst zal mijn argwanende aard wel zijn. Ja, dat moet wel.

Ik ga er gewoon van uit dat er vanaf nu open overleg plaatsvindt.
Omdat we uiteindelijk allemaal hetzelfde willen: van Den Haag een leuke stad maken.

Zo. Dan ga ik nu weer schilderen.
En liedjes schrijven.

 

 

                                                                          Melle de Boer