Een moshpit bij de Verkadefabriek? Trillende muren bij de Kinki Kappers? Gevaarlijk losse heupjes bij Onder de Moriaan? Dat kan maar één ding betekenen… De Popronde heeft zich weer neergestreken in Den Bosch! De jonge Bossche redactie ging op pad om de hele lading nieuw talent te checken.

Driemansgroep Helen Jewett kickt Popronde af in Knillispoort met visitekaartje ‘Abigail’ dat een goed idee geeft hoe de rest van de show gaat zijn: rauw, donker en heel veel reverb. Met een mix van postpunk en heavy shoegaze maken de jonge Zwollenaren indruk. De afwisseling van soms melancholische zachtere stukken en zware gitaarmuren (met dank aan een arsenaal aan voetpedaaltjes) geeft het geheel een nostalgische en emotionele sfeer tussen het headbangen door.

Het beste wordt voor het einde bewaard met ‘Burn It Down’; met afstand het hardste en zwaarste nummer van de avond waarbij vooral drummer David Helbig een vrijbrief heeft gekregen om helemaal los te gaan. Geen enkel element van zijn drumstel blijft onaangeraakt en de rest van de band neemt een stapje terug. Tel daarbij op dat de emoties hoog zijn dankzij mooie teksten, de ‘Free Palestine’-stickers op de gitaar van frontman Gijs Stuivenberg en op de flightcases, en een sfeer alsof we in een rauwe rockkelder zijn begin jaren ’90. Shoegaze meets postpunk van het hoogste niveau. (RV)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Breda.

Helen Jewett

Op de vroege avond staat STROOMSTOOT klaar om het nog onbeschonken Poprondepubliek wakker te schokken. Op plaat als duo, hier in World Skate Center met twee extra live-muzikanten. De mannen-in-monteurspakjes komen speciaal voor het publiek, ‘maar zeker ook voor onszelf’, vertelt frontman Isai met een grote grijns. Ze spelen een spannende mix van industrial en punkrock waarbij de nadruk wordt gelegd op een fuzzy basgitaar en spijkerharde drums. De bedoeling is duidelijk dat we gaan raven, zeker met backingtracksamples met teksten als ‘sta altijd op de list, ga altijd door tot six’. Maar het publiek spaart helaas haar energie, misschien om óók tot six door te kunnen, maar waarschijnlijk zitten er gewoon nog te weinig drankjes in de toeschouwers. Ook wanneer de band ‘subtiel’ hint behoefte te hebben aan een van die ‘gerenommeerde’ Bossche moshpits blijft het rustig in de zaal. Eén ding is zeker: STROOMSTOOT heeft aardig wat ampères geleverd, maar als het publiek in Ohm-stand staat, valt de wattage wat tegen. (TvM)

STROOMSTOOT

Figi

Figi opent de avond in de bakstenen kelder van Onder de Moriaan met een set waarop hij zijn allernieuwste EP Mr. Computer presenteert. Het is een eclectische set van de Amsterdamse renaissanceman Vijay Weemhof. Figi speelt live en manipuleert raadselachtige synthesizergeluiden. Hij meandert tussen verschillende genres als Detroit Style techno, fusion jazz en mixt er zelfs een Braziliaans sambafluitje doorheen.

De set start voorzichtig, maar is clean en scherp. Ontworpen voor fijnproevers. Halverwege het optreden lijkt het alsof Figi openbreekt: Hij tovert een microfoontje tevoorschijn, waar hij onverstaanbare vocals doorheen mijmert. De robotachtige teksten doen eer aan de titel van zijn nieuwe EP. De stemgeluiden hebben iets bezwerends en voegen diepte toe aan de voorzichtig zwaarder wordende set. Ondanks dat de opening wat bedachtzaam lijkt, de artiest lijkt wat in zichzelf gekeerd, brengt Figi toch de hele kelder aan het dansen, vooral als hij het tempo opvoert en die hutspot aan genres door elkaar mixt. Wacht maar tot Figi zijn minimicrofoon uit zijn zak tovert! (KvdK)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Tilburg.

stay away from dante!

Een beetje (schijn)verlegen ogend en met het welbekende circusdeuntje komt stay away from dante! voor een groot geel doek staan. Met opgetrokken schouders, een beetje schuifelend op zijn voeten, een te groot, ongestreken rode colbertje en beige corduroy broek, lijkt het alsof Dante een portaal heeft gevonden tussen de klerenkast van iemands dode opa en de clubzaal van de Verkadefabriek.

Emmanuel Adomah Boateng (zoals Dante echt heet) presenteert zichzelf hier als ‘Santiago’, een jongen die opgegroeid is in het circus. De muzikale stijl leent Santiago van Tyler, The Creator en de hele visuele aankleding eromheen lijkt zo een nieuwe Wes Anderson-film te zijn. Twee heel eigenwijze makers en Dante wil graag in dat rijtje erbij en vermeld met trots dat zijn nieuwe EP Duizend Volle Manen helemaal door hemzelf is geproduceerd.

En van die EP wordt veel gespeeld waarbij vooral single ‘Drijfzand’ een hoogtepunt is. Een dromerige track en niet in lijn met de meer uitgeklede hiphop van de afgelopen jaren, maar juist veel instrumenten. Het Flowerboy-gehalte is hoog, zeker met de tape-recorder interludes tussendoor die de brug slaan tussen rap- en zangnummers. Een goed verzorgde show waarvan we kunnen vaststellen: je hoeft echt niet weg te blijven van Dante. (BvG)

Frontvrouw Cath van de vijfkoppige alternatieve rockband Bad Luck Baby, betovert Bossche Brouwers aan de Vaart met haar geweldige podiumprésence en ultieme energie. De band maakt indruk met gitaarrifs waar je ‘u’ tegen zegt, vlekkeloze vocals die af en toe zo ver de hoogte in gaan dat ze bijna de wolken kunnen aanraken en songs die moeiteloos variëren van snel en hard, naar open en zacht. Deze band heeft de moderne, altrocksound en feel helemaal te pakken.

Hoogtepunt is wanneer tegen het einde Cath zelf de zaal in springt om samen met het publiek helemaal door het lint te gaan, en je moet wel heel zuur zijn wil je als bezoeker hier niet aansluiten. Als de band vervolgens afsluit met het nummer Disappoint Me, klinkt de titel heerlijk ironisch, want van teleurstelling is na dit spektakel van een afsluiter absoluut geen sprake. (RV)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Groningen.

Bad Luck Baby

Grote Geelstaart

Grote Geelstaart bestijgt het podium met een ‘more = more’-mentaliteit. Samen met hen op het podium staan onder andere twee drumkits, drie gitaren ondersteund door monsters van pedalboards, een opzettelijk op hol geslagen Moog-synth en een saxofoon. Dit alles resulteert in een muur van geluid met atypische ritmes om je grote gele klauwen bij af te likken. De vier jonge kerels zien eruit alsof ze recht van hun havo-eindgala getrokken zijn, in witte overhemdjes met fleurige stropdasjes. De frontman trakteert ons in de instrumentale delen van nummers op dansmoves met een hoog expressionistisch gehalte en pijnkreten die je nieuwsgierig maken naar zijn psycholoogdossier, gaat alles goed? Het lijkt alsof ze allemaal een beetje in hun eigen wereld verkeren tijdens het spelen van de ingewikkelde partijen, maar wanneer twee van de leden allebei achter een drumstel kruipen en zij ritmisch de armen in elkaar haken verandert de band écht in één organisme: één Grote Geelstaart. (TvM)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Noord-Holland.

In een krappe Kinki Kappers staan de goed geknipte gasten allemaal met een complementair flesje Hertog Jan te wachten. Tussen al die frisse koppen voor de verandering geen muziek uit Kinki’s eigen speakers, maar volle bass kicks en dikke synthgeluidjes door stevige boxen voor de soundcheck van…

M2K: een Amsterdams duo bestaande uit producer/toetsenist Marnix en drummer Sam. Met de tondeuse op standje 11 scheren ze door de kapperszaak met lompe ADHD-beats. Marnix pakt er een muzikale pot gel bij en lijmt alle tracks strak aan elkaar, wisselend tussen synthesizers, drumpads al zwaaiend met zijn drumstokjes. Die ándere drummer speelt op een akoestisch-drumstel en test uit hoe hard hij kan slaan voordat de vellen en bekkens breken.

Sommige bands vinden het stom om te noemen wie hun invloeden zijn, M2K komt er open voor uit. Soulwax en Chemical Brothers zijn de grote inspiraties en vooral die laatste wordt wel duidelijk als een fijne cover van ‘Free Yourself’ heel de salon aan het dansen en springen krijgt. Een heel fijne kappersafspraak dit, over twee maanden weer? (BvG)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Utrecht.

 

M2K

Fellatio

De driekoppige Rotterdamse band Fellatio speelt in tapperij Het Veulen. Het is lastig om de volgepakte kroeg binnen te komen. Bezoekers staan voor aanvang van het optreden al te duwen om enigszins een glimp op te vangen van de artiesten. Zodra de tengere zanger met het matrozenhoedje het optreden aftrapt, voelt het alsof je zowel in een surrealistische koortsdroom of per ongeluk een vaag kelderfeest van een kleinkunstacademie bent beland. Fellatio heeft zichzelf uitgeroepen tot avant-garde disco punk-post-penis krautrocktrio.

De voorstelling is op zijn minst intens te noemen. De bandleden gaan volledig op in de ruimte, hun voorstelling en ze trekken het publiek volledig mee in hun performance. Grenzen tussen publiek en band vervagen. De band is gemaakt voor deze oude bruine kroeg. Of is de kroeg gemaakt voor deze band? Verwacht alles en verwacht niks, je wordt hoe dan ook van je sokken geblazen. (KvdK)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Gelderland.

XXJULÍA

XXJULÍA geeft de microfoon rond in de zaal om meerdere concertgangers hun karaoke spotlicht te geven met de lyric: "Berlin boy", van Julie Benoits gelijknamige single. Dit moment is een van de vele leuke publieksinteracties die XXJULÍA gebruikt om haar show interactief en levendig te maken.

Met haar funky tunes en groovy sounds maakt ze Onder de Moriaan een dansmachine alsof je in de jaren 80 in de discotheek staat. Julie brengt goede sfeer middels een brede lach op haar gezicht die doet lijken of ze ecstasy op heeft en haar dansmoves die de hele show doorzetten. Onder deze ambiance kan je lichaam zichzelf er niet van weerhouden om serotonine te pompen. Maar laat dit gevoel je niet voor de gek houden. Er zit ook frustratie in haar nummers. Dat blijkt wanneer Julie vertelt “Dit liedje is geschreven toen ik net gedumpt was. Fuck Simon.”

Het karaokemoment is niet de enige vorm van publieksparticipatie in de show. Met al dat rondspringen zijn er schoenen ontstrikt. Kijkend naar de zaal vraagt ze “Mijn veter zit los, zijn er strikvrijwilligers? Graag iemand met een strikdiploma!” Schrijver dezes had er gelukkig een en werd uitgekozen als vrijwilliger. (RV)

Voor een seconde denkt het publiek in café de Ridder dat de frontman van Warbuhl een ontzettende dierenbeul is; ze zien de jonge kerel een kikker boven zijn hoofd houden en er met een houten stok op meppen. Het besef dat het een ludiek bedoeld percussie-instrumentje is valt gelukkig snel. Bij de feelgood-hiphop mét liveband van Warbuhl is het dansen geblazen. Dat kan ook bijna niet anders met het hoge groove-gehalte van de muziek. Met hun soepele rapjes proberen ze de grote boze wereld iets minder groot en boos te maken, die missie hebben ze vanavond volbracht, hoewel de teksten soms als wat zoetsappig overkomen. Er werd tijdens het optreden veel getoeterd, ook nog even door de mensen van Juno, de band die vóór hen op hetzelfde podium stond. Het grote hoogtepunt was het afsluitende nummer dopamine, zeer tekenend voor de feelgood-vibe van Warbuhl. Na Warbuhl wil je eigenlijk nooit meer een band zien die géén triangel gebruikt: triangel supremacy! (TvM)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Gelderland.

Warbuhl

Lostboyshawty

‘Ik heb gisteren wat te hard gefeest, maar we gaan er wat van maken!’. Dat is in ieder geval eerlijk van rapper Lostboyshawty. Brak in zijn zwarte puffer jacket, in de toch al wat warme kleine zaal van de W2, lijkt de temperatuur hem weinig uit te maken en het publiek nog minder. Vooral de tien superfans uit de onderbouw van het Stedelijk Gymnasium hier in de buurt, die vooraan staan, toveren de ruimte om in een zweterige aula. Lostboyshawty vindt het allemaal fantastisch, heeft meteen in de gaten dat het fans zijn die zijn teksten kennen en laat ze dan ook voor de goede orde een verse van zijn eerste nummer rappen. Geen backing track meer nodig!

Wel nodig: die puffer na drie nummers uit. Lostboyshawty is één geworden met zijn fans en in een goed driekwartier wordt er gesprongen en gemosht, de baslijnen blijven non-stop pompen en de teksten komen snoeihard aan. De Rotterdammer geeft aan dat hij zijn stack ‘groen, paars en geel’ wil, een mooi kleurenpalet dat goed kan worden aangevuld met de blauwe plekken van het kinderdagverblijf vooraan. En dat is mooi, want op deze manier heeft Lostboyshawty toch echt fans voor het leven. (BvG)

Om Subject Sue kan je niet heen. Ze kan elke ruimte omtoveren tot een club waarvan je het feest nooit had willen missen. Fluïde en dystopische geluiden tovert de Amsterdamse performer en producer uit haar instrumenten. De hele kapperszaak danst. Vanaf het moment dat de voordeur van de Kinki Kappers openschuift knalt de muziek van Subject Sue uit alle boxen. Kinki is gevuld met allerlei gekleurde ledlampen en tegen een achtergrond van kappersstoelen en spiegels. De glimlach knalt van het gezicht van de artiest en ze vult de hele ruimte met haar bevlogen performer skills. Zij: gekleed in een zwarte latex outfit en een strak kapsel. De ruimte: een letterlijke en figuurlijke weerspiegeling van haar plezier.

Het is amper voor te stellen dat Subject Sue pas een jaar geleden begon aan haar carrière als artiest. (KvdK)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Tilburg.

Yengi @ Popronde Tilburg

Als je nog op zoek bent naar inspiratie voor een vers kapsel, dan moet je bij de jongens van Fit zijn. De heren vormen samen een plaatje dat helemaal klopt. Ze spelen energieke huppelpunk en met hun oorbelletjes en britpop-achtige haardracht proberen ze de clubzaal van de Verkadefabriek in te pakken. Dat lukt half: in de voorste helft van de ruimte ontstaat misschien wel de eerste moshpit die dit zaaltje ooit zag, maar verder achterin heeft the dutch disease zich door eenieder zijn immuunsysteem heen gevochten. Dat is jammer, want dansbaardere gitaarmuziek ga je op de popronde dit jaar niet vinden. Het is funk, het is punk, het is two-steppen en het is frontman in zijn blote bast, die zijn teksten overigens op een bijna onmenselijk energieke wijze brengt. Een uurtje zweten in de moshpit bij Fit is een uitstekend alternatief voor een paar uur zwoegen in de sportschool. Kies zelf maar hoe je fit wil worden, ik zou het wel weten… (TvM)

Helaas kon de fotograaf niet bij deze show zijn, de getoonde foto is een archieffoto van 3voor12/Gelderland.

Fit

Het is het grootste cliché in de muziekjournalistiek: 'de band speelt het dak eraf'. Maar als bij C'est Qui? halverwege de show letterlijk plafondonderdelen naar beneden donderen, dan weet je dat dit grimypunkkwartet wel iets goed doet.

De Utrechters komen het kleine podium achter in De Palm op en stoten vanaf moment één een abnormale hoeveelheid energie de zaal in die geen moment mindert. Gruwelijk goede punk walmt de hele zaal binnen en dit is punk zoals punk bedoeld is: een drummer die zijn drumstel naar de gallemiezen slaat, een gestoorde gitarist en een bassist die zo hard speelt dat er een snaar breekt van zijn geleende basgitaar.

Zangeres Jazzebelle zingt met woede, walging en met zo’n overtuiging dat je al haar emoties zelf begint te voelen. De frontvrouw gaat tijdens al deze chaos op een verhoging staan en houdt zich vast aan het plafond, waardoor er een plaat inzakt. Bassist Berend merkt droogjes op ‘alles gaat stuk’, lekker punk.

En die punkboodschap zit ook doorvlochten in de teksten, die staan bol van maatschappijkritiek en feminisme. Jazzebelle: ‘Dit volgende nummer gaat over vrouwenhaat, ik zie veel mannen in het publiek, dus luister!’, waarop een man uit het publiek roept: ‘Wat hebben wij nou weer gedaan?’. Des te duidelijker waarom dit nog steeds nodig is. (RV)

C'est Qui?