Down The Rabbit Hole 2026: de tien beste acts van de vrijdag
Met Zwangere Guy, Kaat van Stralen, De Staat en Little Simz

Welke prijskonijnen komen vandaag uit de hoge hoed, na de eerste dag van tent naar tent hoppen op Down The Rabbit Hole? O.a. de Belgische rapkoning Zwangere Guy en zijn landgenoot Kaat van Stralen, De Staat Becomes De Staat en headline-debutant Little Simz. Dit zijn onze tien toppers van de vrijdag.
Girl Group
© Timo Pisart
Niet zo’n handige naam om te googlen, maar Girl Group is precies wat het is: vijf meiden van de rockacademie in Liverpool die in het klaslokaal Wet Leg als belangrijkste referentie hadden, maar dat naar het podium vertalen als feministische alt-Spice Girls. Dat betekent: een speels uitgedachte show inclusief in sync choreo’tjes met gespeelde ernst en giebelend karatetrappen in de lucht. Slim ook hoe ze telkens omstebeurt de spotlight pakken en dan weer synth of gitaar spelen. Bovendien hebben ze twee belangrijke boodschappen: pis op de wc bril achterlaten is NIET OKÉ. En: ‘Dit nummer is speciaal geschreven voor alle mannen en heet Shut Your Mouth’. Waarvan akte! (Timo Pisart)
Jacob Alon
© Sabrine Baakman
‘Als jullie in slaap vallen, zal ik het niemand vertellen,’ giechelt de Schotse Jacob Alon. Om daarna het wonderschoonste, meest liefkozende folkliedje denkbaar te spelen. Kijk, de rabbits met de actiefste traanbuizen beginnen zelfs al wat traantjes te plengen op deze vroege vrijdagmiddag (en dan is het festival nog nauwelijks begonnen, moet je nagaan).
Hen heeft ook een driekoppige band mee om die intieme folkliedjes de dynamiek te geven waar zo’n groter podium om vraagt. ‘Don’t Fall Asleep’ klinkt zowaar nóg mooier met speeldoosjesgeluidjes, zachte roffeltjes op de chimes en een drummer die iets feller begint te meppen in het outro, de vocale uitbarsting in ‘Confessions’ komt ook harder binnen door de piepende feedback. Zo zelfoverstijgend als op BKS wordt het niet: de spot is er niet naar, de aandacht ook niet, en Jacob lijkt soms ook ergens anders te zitten in diens koppie. Weergaloos mooi is wel het allerlaatste liedje, in zijn uppie op gitaar met een uitbarsting van een uithaal. Alle koppies schuin, ingehouden adem, alles! (Malou Miedema)
LA NIÑA
© Sabrine Baakman
Van alle traditionele Italiaanse instrumenten die het podium op worden gehaald, is de tamburo a cornice duidelijk de favoriet van LA NIÑA, oftewel Carola Moccia. De grote, platte lijsttrom gaat overal mee naartoe: trots draagt ze hem over het podium terwijl ze haar band aanvoert. Vorig jaar bracht de Napolitaanse zangeres haar ode aan haar geboortestad al naar ESNS, dit keer staat ze met een energieke band die steeds weer een nieuw traditioneel instrument tevoorschijn tovert. Voor het publiek is het soms even inkomen: die barokke Italiaanse volksmuziek hoor je niet elke dag. Maar zodra de meer dansbare ritmes en elektronica inzetten, begint het publiek los te komen.
Lachend zweept ze iedereen op, klappend, dansend en zingend over Napels en haar roots. Ook haar feministische boodschap krijgt een prominente plek. Bij ‘FIGLIA D’ ’A TEMPESTA’ blijkt bovendien dat er verrassend veel mensen zijn die haar muziek al kennen: al als het prachtige vrouwenkoor de eerste noot inzet, klinkt er enthousiast gejuich. Altijd leuk om tussen de pop, rock en hiphop zo’n stukje cultuur te snuiven. (Lisa Franssen)
CMAT
© Hans van Wijk
'Do you wanna go down my rabbit hole?!’ roept CMAT, terwijl ze wijst naar haar felblauwe billen. Eh, sure! De show van deze Ierse diva is een over-the-top theatraal spektakel, puur plezier voor de rabbits die een diep hipje willen hoppen dit weekend. Ondersteund door haar ‘very sexy band’ serveert ze cuntry met een hoofdletter C, ze bijt in de kont van haar toetsenist en eist met een iconische pose haar applaus eist. Uiteraard krijgt ze iedereen mee in haar aanstekelijke two-step line dance tijdens ‘I Wanna Be a Cowboy, Baby!’. Maar het is meer dan ginnegappen: wanneer ze ‘Take a Sexy Picture of Me’ inleidt – over de nare online reacties op haar lichaam – pareert ze dat met sarcastische zelfspot: ‘Very weird, because... I’m very sexy!’ Wie voelt zich geen sexy cowboy na deze show? (Marit Rijkeboer)
TOMORA
© Timo Pisart
AAAAAAAARGH. Zouden ze bij de geluidstafel doorhebben dat het geluid in de Teddy Widder slapper klinkt dan een doorweekte Hitkrant? Al vanaf de eerste track zakt het midden VOLLEDIG weg in het subwoofermoeras, tegelijkertijd slaan de bassen niet bepaald satisfying op je borst en de zang van Aurora kabbelt er ook wat slapjes doorheen. Zucht. Niet bepaald de ideale omstandigheden zum Party machen (en daarover gesproken: hadden ze deze rave-act niet een tijdslotje later kunnen inplannen, als opmaat naar de nacht?!).
Soit, genoeg gemopperd, want verder is TOMORA (de optelsom van Chemical Brother Tom Rowlands + Aurora) fantastisch. Muzikaal, visueel, esthetisch. Te gek hoe ze er met gestrekt been invliegen met big beat-opener ‘Ring The Alarm’, met epische brulsirenes en indianengejoel, hoe ze even later via een slowburning triphopcreeper weer toewerken naar climactischere megarave en hoe je Tom Rowlands op z’n Chemical Brothers kunt horen freaken. Te gek ook, die extra achtergrondzangeres, een Aurora-lookalike die met de echte Aurora in witte spacegirlpakjes maffe Confidence Man-esque dansjes doet terwijl haar vocals alle kanten opfladderen, ergens tussen Kate Bush en Enya. En die dopaminevisuals: te gek, te gek, te gek. (Malou Miedema)
Apparat
© Sabrine Baakman
Hmmmm, hoe noem je toch dat gevoel dat Sacha Ring alias Apparat over de Fuzzy Lop heenlegt als een wollig, fuzzy dekentje? Zullen we het maar melancheuforie noemen, het gevoel van een traantje dat langzamerhand in je ooghoek opborrelt terwijl de lippen toch ook voorzichtig omhoog krullen in een tevreden glimlachje? Apparat dus, beter bekend als de weemoedige stem van emo-dance-supergroep Moderat. Maar als vierkoppige band (inclusief gitarist, synthdude en drummer die een stoelendans doen met de strijkers en blazers) is Apparat live van een andere bloedgroep dan Moderat. Headier, trippier, met z’n stem vooral als de zoveelste textuur in dat tapijt van storende synthesizers, stotterende ritmes en melancholische pads en gitaarpartijen. Wegdroommuziek pur sang! (Malou Miedema)
Little Simz
lees de hele recensie© Sabrine Baakman
Wat een sardonische genoegdoening moet het geven, om tienduizenden mensen mee te laten brullen dat je een gore vieze ‘THIEF!!!!’ bent. Little Simz doet het al bij het openingsnummer van haar show als headliner op Down The Rabbit Hole. Maar ze blijft in haar show niet hangen in die haat. Zo gaat ze, via een ommetje in club Simbi, naar empowerment en uiteindelijk liefde en vergiffenis. (Timo Pisart)
De Staat
© Sabrine Baakman
Je nieuwe favoriete dictator? Torre Florim! Altijd had de frontman van De Staat al een fascinatie voor politieke eikels en oplichters. Die fascinatie sijpelde door in de grootse concepten van hun ambitieuze shows, maar bij De Staat Becomes De Staat is het wel echt andere koek: samen met o.a. regisseur Floor Houwink ten Cate en Boris Acket transformeert Florim zich tot een beklemmende dictator. ‘Hey!’, buldert hij keer op keer, hoog boven het publiek op een stalen trap als een lessenaar. ‘Hey!’ Luisteren zul je!
Heel imponerend hoe ze bij het ontwrichtende nieuwtje ‘THE KING’ een peloton aan mannen elkaar van de trap laten donderen (zoals in de videoclip, inderdaad!), hoe de registratie met eigen schermregisseur en extra cameramensen is opgevoerd om de boel extra mooi in beeld te brengen en er vanzelfsprekend weer wat nieuwe trucjes en mooie meta-gebaren inzitten die we kennen van De Staat. Net wanneer het publiek zich opmaakt voor een nóg grotere cirkelpit, slaan de lichten uit en verdwijnt je nieuwe favoriete dictator van het podium.
Kaat van Straalen
© Timo Pisart
‘Een losgeslagen vrouw die is er twee waard. En zeker wanneer dat ze misogynie aankaart.’ Aldus losgeslagen Vlaming Kaat van Stralen, in een liedje dat óók over Pamela Anderson gaat. Kaat zit vol woede en pijn, ja, maar die spuwt ze er in de allermooiste formuleringen uit. In het rustpuntje van Vieze Vlinder: ‘Ik wil mezelf graag uit mijn lichaam ritsen om er een ander dan omheen te gipsen.’ In het spoken word outro van een liedje over zelfbeschikking: ‘Als jij plots maandelijks bloed, mag je me pas vertellen wat ik moet.’ Goed, we zouden kunnen blijven citeren, maar dan staan we hier morgen nog. Hoogstorigineel, geestig en soms beneemt ze met zulke woorden plots effe de adem, Ondertussen zijn zij en haar arty band tight as fuck, met een gejaagde, opgefokte energie, zonder in ééndimensionaal beuken te vervallen. Of we iets en iemand willen inbeelden waar we FUCKING boos op zijn? Vanzelfsprekend, Kaat. De Holding staat inmiddels vol losgeslagen vrouwen, dankzij deze punkpoeet pur sang. Chapeau! (Timo Pisart)
Zwangere Guy
© Hans van Wijk
‘Wie was er zes jaar geleden bij, toen ik in mijn slip stond te spelen in het kleine tentje?’, vraagt Guy betekenisvol. Welja, zegt-ie, die Guy is niet meer. Na lichtjaren aan therapie, een bak soulsearching en een psychedelische zoektocht (‘leef in de jungle trippin balls op psychedelica’, rapt-ie op opener ‘DMT) is de Belgische rapgoat een herboren man. Niet langer verliest hij zichzelf in verslavingen, woede en afstandelijkheid, legt hij uit in een heartfelt speech voor oudje ‘Beter Leven’, weergaloos gebracht bovenop een stemmige pianopartij van één van z’n twee synthdudes. ‘Deze is voor de mensen die dachten dat morgen zou sucken, en toch doorgaan.’ En even later: ‘Shoutout naar mijn therapeuten en personal coach!’
Maar vergis je niet, de nieuwe Guy is allerminst een troetelbeertje: slechts één boombaptrack (‘DMT’) heeft-ie nodig om de Fuzzy Lop met twee armen te laten bouncen, nog altijd flitst de bliksem achter zijn ogen bij het withete ‘Gorik Pt. 1’, rustig stilstaand en zo helder gerapt dat je bij ieder woord doorvoelt hoe MENENS het is. Het is het belangrijkste rustpunt in z’n set, die na de stevige boombaptracks via een emotionele kern en een dansbaar blokje ontlaadt in een kwartier vol moshpitbuskruit. Zo ook ‘Vecht Voor Papier II’: tong uit de mond, maniakale lach en scheurende rockgitaren, opgedragen aan ‘fucked up fascisten met veel te kleine piemels en ingetrokken ballen die ons willen verdelen.’ Nog altijd de gekste, de krankste, de zotste. Zwangere Guy is dood, lang leve Zwangere Guy! (Malou Miedema)
Ook gezien:
Dermot Henry
Een sprookjesachtig begin van de eerste festivaldag, in het toch al feeërieke Eden-hoekje: deze 23-jarige zangvogel, die z’n akoestische gitaar vasthoudt als een teddybeer, de hals dicht tegen zich aan geklemd. Dat troostende heeft zijn muziek ook. In het snelle getokkel van openingsliedje ‘My Favourite Book Is One I’ve Read A Bunch’ horen we de fingerpickin’ Bob Dylan terug. In zijn stem ook wel, hoewel deze Brit honderd procent zeker ook de soloplaten van Adrienne Lenker heeft grijsgedraaid. Precies dat type intimiteit jaagt hij na in z’n liedjes, volgestopt met kleine herinneringetjes en surrealistische kenschetsen. Goeie vent op het goeie moment, dus, hoewel de aandacht na 25 minuten wel verslapt. (TP)
Hondenfokker
Italiaans geblaf van Enrica Arbia en de stoere, punky attitude van Sara Elzinga: de twee frontvrouwen van Hondenfokker vullen elkaar perfect aan. Hun anthem? ‘Beige’: ‘I would rather die than wake up wearing beige’, want met roze haar, knalblauwe en -roze panty’s en heerlijk absurde lyrics bewijst het Amsterdamse electropunktrio dat het allesbehalve basic of voorspelbaar is. Ook de tracks van hun nieuwe EP slaan live aan: tijdens ‘Real Guy’ ontstaat spontaan een mini-moshpit. (LF)
Florence Road
De grote doorbraak van Florence Road uit Ierland: een algoritmische knaller van een Olivia Rodrigo-cover, met een aardappel gefilmd in de hal van hun school. Nog zo’n stel virale covers leverde ze een platendeal op bij major label Warner. Nu willen ze geen coverband meer zijn, maar driekwart geeft nog wel heel erg schoolband-vibes, a.k.a. sla zonder dressing. En die zangeres? Die overschreeuwt zich dan weer nogal. Jammer, wanneer ze wat gas terugneemt en er een sprankje vreugde wordt toegevoegd in dit alternative rock-tranendal, komt de emotie veel beter over. De liedjes deugen namelijk wel. (TP)
Nederlands Philharmonisch
Met bijna honderd man blaast dirigent Alejandro Cantalapiedra delen van Mahlers vijfde symfonie en Ravels oeuvre het konijnenhol in. Het publiek op Down The Rabbit Hole barst van de openingsdag-energie, maar kiest — in de beste zin van het woord — voor de meest nette moshpit van het jaar. ‘De Boléro’ van Ravel ontaardt in synchrone waves, gracieuze pirouettes en een vloer vol roeiende festivalgangers die op de golven van de symfonie door de Hotot varen. De dirigent en zijn orkest grijnzen gelukkig van oor tot oor; zij laten zich niet afleiden door deze ongewone setting, maar gedijen juist in deze prachtige, georganiseerde chaos. (MR)
Femme Fugazi
Waarom zegt frontvrouw Chris de Meza maar liefst drie keer dat ze zo zenuwachtig is? Volstrekt onnodig: vanaf nummer één wordt er gemosht en knalt deze oud-Popronde act er een lading snerpende gitaren en opgefokte drums uit die precies past bij de opkomende post-punkgolf van de afgelopen jaren (denk: IDLES en METZ). Chris’ vriendelijke bedankjes en brede glimlach tussendoor clashen op een grappige manier met de wilde band achter haar, heerlijk om naar te kijken! (LF)
Sticks + Nederlands Philharmonisch
De baas boven baas van de Nederhop is dit jaar special guest op DTRH 2026. Voor zijn eerste show van het weekend kiest Sticks niet voor de veilige weg, maar voor een samenwerking met het Nederlands Philharmonisch. De opening is magistraal: tracks als ‘Dag tot Dag’ en ‘Zonneschijn’ krijgen een prachtige bombastische lading waar je u tegen zegt. Jammer genoeg stopt dat al na vier nummers. Het orkest zit er vervolgens als een decorstuk bij, wat wel een grappig gezicht is: die klassieke musici die vanaf hun stoeltjes toekijken hoe Sticks en Kubus de Hotot slopen. Van Opgezwolle-classic ‘Gekke Gerrit’ gaat de show door naar keiharde, nieuwe hardcore-tracks. Energiek en vermakelijk is het zeker, maar de abrupte stop van die orkestrale toevoeging blijft een gemiste kans. Als je zo’n ensemble meeneemt, laat ze dan ook de hele show vlammen. (MR)
Mind Enterprises
Hoe meer Negroni je achter de kiezen hebt, hoe beter je de nogal stompzinnige cult-italodisco van deze twee geeks beseft. Het is een social media-gimmick. Niet eens per se een hele goeie gimmick. Maar Down The Rabbit Hole staat te trappelen, feeststok fier in het vuistje, en laat zich zelfs door de geluidsproblemen geen roet in de cocktail gooien. Hossen, lallen, niet teveel nadenken! Va bene. (TP)
Son Mieux
De felgekleurde glitterpakken zijn verleden tijd: Son Mieux verschijnt in neutrale tinten op het podium van de Hotot. Maar laat je niet misleiden door die ingetogener look: de sound lijkt juist kleurrijker geworden. De disco-achtige radiopop zit natuurlijk snor, maar het mist in het eerste kwartier de nodige peper. De show wint pas echt aan gewicht zodra er een koor het podium opkomt. ‘This Is The Moment’ komt met dat koor erbij hard binnen, en het intieme duet met violiste Maud bewijst dat ze veel meer in hun mars hebben dan enkel radiovriendelijke deuntjes. Het is wholesome, een beetje knuffelen en een traantje wegpinken – precies de ervaring waar je op hoopt, maar dan met de diepere laag die het écht leuk maakt. En laten we eerlijk zijn: als afsluiter blijft die mega-hit ‘Multicolor’ natuurlijk nog steeds een enorme banger. (MR)
Kevin Morby
Ongelooflijk hoe Kevin Morby bijna tien albums op rij aflevert die allemaal raak zijn — ook zijn nieuwste, Little Wide Open. Zonnebloemen op de albumhoes, zonnebloemen op het podium. Ze staan voor groei, voor een nieuwe levensfase ingaan met je gezicht naar de zon. Dat thema slaat duidelijk aan: in het publiek vooral grijze veertigers en vijftigers die af en toe een bewonderend ‘ah!’ laten ontsnappen. Terecht ook. Morby zingt prachtig, de saxofoonsolo’s duiken precies op het juiste moment op en ook zijn nieuwe nummers blijken moeiteloos tussen de klassiekers te passen.
Empire of The Sun
Tjeeminee, wat een visuele aanslag: Empire of the Sun voert een show op die het midden houdt tussen een koortsdroom en een gameshow. De helft van het Australische duo, Luke Steele – de andere tourt nooit mee – regeert als een soort intergalactische keizer over een elektropoppy videogame waarin alle werelden door elkaar zijn gegooid. Eén keer knipperen en de dansers zijn veranderd van glittergeisha’s in onhandige kwallen. Het is een visuele kermis, maar totaal overbodig: zodra de eerste klanken van ‘Walking on a Dream’ door de speakers klinken, vergeet je die hele verkleedpartij. Die euforie heeft geen opsmuk nodig om de boel hier volledig los te laten gaan: het publiek wil simpelweg de nostalgische bangers horen. (MR)
Peaches
Dansers die doen alsof ze elkaar afzuigen op het podium. Die in piepkleine lederhosen droogneuken, die met Peaches een orale human centipede vormen voordat ze hun slappe neppiemels in haar gezicht duwen. Hahahaha, wat is de show van Peaches hilarisch expliciet, een vrolijke poppenkast die eigenlijk zoveel meer fun is dan de tape-act waarmee het queericoon de afgelopen twintig jaar de Teaches of Peaches verkondigde. Is dat draagbare décor waar ze zich inwikkelt nou een baarmoeder, of een gigantische endeldarm? Zoveel vragen, zo weinig antwoorden. Dit gaat natuurlijk helemaal niet om de muziek, en dat is precies wat het zo fun maakt. (Malou Miedema)