Bad Bunny is een superster met een klein hartje in GelreDome
Van salsa naar reggaeton met drie shows in één
Met een swingende band, uitvoerig stagedesign, visuals, een piekfijne schermregistratie, salsadansers en allerlei andere verwijzingen naar zijn Puerto Ricaanse heritage trekt Bad Bunny werkelijk alles uit de kast tijdens zijn eerste show in de GelreDome. Daar blijkt de superster ook een klein hartje te hebben.
Het staat er toch echt, op de achterkant van de speciale tourshirts bij de merch kraam: Londen, Barcelona, Madrid, Parijs en... Arnhem. De Puerto Ricaanse superster Bad Bunny speelt tweemaal in Nederland en kiest voor de ruwe diamant van het oosten. Toch zal het een aanzienlijk deel van het publiek een worst wezen of hij nou hier speelt, in Amsterdam of in Goeree-Overflakkee: iemand heeft een bord vast met 'Benito, ik ben uit Chili gekomen voor jou!' en vanuit Chili is het allemaal ongeveer even ver. Meer bezoekers spreken Spaans dan niet, en aan deze Zuid-Amerikaanse vlaggenparade kunnen de Olympische Spelen nog een puntje zuigen.
Bezoekers van ver en dichtbij krijgen in elk geval veel waar voor hun geld, want deze Bad Bunny-show is eigenlijk drie concerten in één. Hij begint in GelreDome met een voltallige salsaband (vijf blazers, vijf percussionisten, piano en contrabas) plus de vierkoppige Puerto Ricaanse plena-groep Los Pleneros de la Cresta, die vocalen en nóg meer percussie voor hun rekening nemen. De details van de arrangementen verdrinken een beetje in de enorme galmbak die GelreDome heet, maar de energie van zowel band als frontman zijn voelbaar.
Eerbetoon aan de Puerto Ricaanse muziek
Benito is gestoken in piekfijn crèmekleurig pak en bruine seventieszonnebril, ongetwijfeld een eerbetoon aan legendarische salsero Héctor Lavoe. In dit eerste gedeelte van het concert speelt hij voornamelijk liedjes van zijn megasuccesvolle nieuwste albumDeBÍ TiRAR MáS FOToS, dat doorspekt is met invloeden uit traditionele Puerto Ricaanse muziek. In dit gedeelte van het concert zingt Bad Bunny meer dan hij rapt, en ja, hij is beter in dat tweede. Gelukkig komt hij met een klein stukje pitchcorrectie en een hele bak charisma al een heel eind. De band krijgt veel ruimte om te shinen met muzikale intermezzos en solo's. Vroeg hoogtepunt in de show is ‘BAILE INoLVIDABLE’, een onverdunde salsa-song die het hele stadion samenbrengt in uitgelaten zang en dans. Iedereen op de vloer die voldoende ruimte (en de benodigde skills) heeft, staat de salsa te dansen. Bad Bunny, in dit moment zelf een echte salsero, spreidt zijn armen vol trots en geniet zichtbaar.
Feesten in La Casita
Een typische ontwikkeling uit het socialmediatijdperk is dat een concert eigenlijk geen verrassing meer is, omdat je al honderd clipjes op je feed hebt gezien. Iedereen die in het GelreDome staat, weet dus al wat er gaat gebeuren: we draaien ons allemaal om naar de andere kant van het stadion, waar een roze huisje met plat dak staat, liefkozend 'La Casita' geheten. Op de veranda staat een groepje fans, van tevoren met de hand geselecteerd door Bad Bunny's team en dus allemaal knap en goed gekleed, al klaar om met hem te feesten. Hier schakelt de show naar een andere versnelling: van salsero-Benito naar reggaetonero-Benito.
Hij verschijnt in de voordeur van La Casita, midden tussen de mensen, in een oranje (!) sportjack en shorts, camouflagepetje en zwarte sportzonnebril. De band is verdwenen, het hele stadion baadt in veelkleurig licht en lasers: het is FEEST met hoofdletters. Hier speelt hij meer liedjes van zijn eerdere platen, zoals het aanstekelijke 'Yo Perreo Sola' (vrij vertaald: 'ik twerk in mijn eentje') van zijn tweede album, waarbij hij inderdaad in z'n eentje danst op het dak van het huisje.
Ondanks de broeierige hitte in GelreDome is het feest áán. Van Hollandse houterigheid is geen sprake, zelfs de meest cynische Ernemmer staat nu de billen te schudden. Bad Bunny doet wel stoer, kauwgom kauwend en nonchalant rappend met een plastic bekertje in de hand, maar hij zet ook even zijn zonnebril af en legt zijn hand op zijn hart, en neemt uitgebreid de tijd om fans op de voorste rij de hand te schudden en met ze te praten. Hij is en blijft een reggaetonero met een klein hartje.
Dan het laatste gedeelte van de show: Bad Bunny de superster. Hij heeft bangers genoeg om de 2,5 uur durende show te vullen, maar zijn grootste hits bewaart hij natuurlijk voor het laatst. Hier draagt hij misschien wel zijn meest herkenbare outfit: een wollige pilotenmuts (warm!!!), glitterhandschoenen (nog warmer!!!!) en nog een hippe zonnebril (wat is het zonnebrillenbudget van deze tour?!). Alle dansers, en dat zijn er zeker tien, vergezellen hem op het podium voor een uitgesproken feestelijk én emotioneel laatste blokje vol megahits als ‘El Apagón’ en de titeltrack van zijn nieuwste album.
Bij het einde van 'Ojitos Lindos' wijst hij naar het publiek en naar zichzelf. 'Tu y yo, tu y yo', 'jij en ik'. We zijn hier samen, lijkt hij te willen zeggen. Hij spreekt zijn publiek toe in het Spaans: 'Blijf niet hangen in het verleden, geniet van het nu, geniet van dansen en zingen, van dit moment. Houd van de mensen die van jou houden zoals je bent, pak elkaar vast en wacht niet tot later'. En dat is de rode draad die deze bewust fragmentarische show samenbrengt: in elk van zijn drie gedaantes zie je Bad Bunny bewust genieten van de mooie dingen in het leven, zoals muziek en dansen en de mensen om hem heen.