Album van de Week (1): Joost
Onze friesenjung brengt met zijn verrassingsalbum Nederlandse happy hardcore de hele wereld over
Wie had dat ooit gedacht, onze friesenjung Joost op nummer vier in de Amerikaanse (en wereld-)albumcharts?! Toch is dat precies wat-ie gisteren op zijn Instagram deelde, en doet-ie later dit jaar een tour die hem door heel Europa, Zuid-Amerika, Australië en de VS brengt (zelfs Coachella). Joost vatte dit succes samen: ‘Dutch artist speaking Dutch but touring the world? Nobody could prompt that except for me.’ En dat terwijl hij op Kleinkunst zingt in een mengelmoes van Nederlands en steenkolenengels, expres aangezet met een moddervet Dunglish-accentje. Je hoort het bijvoorbeeld in ‘Shanghai Night’: ‘I am so very Dutchy’, zingt-ie. En ook: ‘Because I like it very goodest.’
Dit succes volgt op zijn virale Songfestival-hit ‘Europapa’ en het album Unity (begin 2025), waarop hij zijn Songfestival-trauma verwerkt. Op Kleinkunst speelt zijn aankomende wereldtour een fundamentele rol. Niet alleen laat hij in zijn teksten blijken waar hij vandaan komt: ‘Ik was op Youtube, vlogger, blogger, wat de f*ck jij wil,’ maar ook wat hij heeft bereikt: ‘This used to be a dream, But now it's reality (Co-Co-Co-Coachella)’.
Hoe zou het nou komen dat de muziek van Joost internationaal blijft plakken? Ten eerste maakt dat grappige accentje hem natuurlijk lekker exotisch. Net zoals Mr. Polska (ook op dit album te horen!) ooit over zijn succes in Polen zei: ‘De mensen daar vinden het ook wel grappig dat ik zo’n raar accent heb.’ Geldt ook voor Joost. Ten tweede sluit zijn artistieke visie aan bij wat er internationaal buzzing is. Zo werkt hij samen met Duitsers MCR-T en Horsegiirl, die op eenzelfde manier stevige kickdrums en hoge bpm’s koppelen aan virale humor. De geflipte memetechnosound van de Nederlandse Gladde Paling en Vieze Asbak sluit dan weer uitstekend aan op acts als Lil Texas, die nu in VS heel wat trommelvliezen verscheurt.
Door Nederlandse happy hardcore te combineren met humoristische Duitse en Engelse teksten en stampende beats te mengen met Latijns-Amerikaanse clubritmes en Duitse techno-invloeden, wordt de muziek begrijpelijk voor iedereen: ‘En ook al verstaat niemand Nederlands, Dan ben ik de tolk.’
Extra grappig om nu te bedenken dat mensen in de VS dit jaar losgaan op de vocalen van Nederlandse artiesten als Anouk en ADF Samski, en zelfs een poging zullen doen mee te zingen met ‘Joost Klein 5’, met lines als: ‘Jullie doen boehoe, jokkebrokken, beter doe je chill.’ Van friesenjung naar internationaal genre-overschrijdend artiest, wat Joost Klein niet kan, blijft een raadsel.