Wat kan het Muziekpaleis leren van het Nationaal Muziekkwartier? Wat kan het Muziekpaleis leren van het Nationaal Muziekkwartier?

Atak: "Je moet iemand op zijn bek willen slaan om je eigen identiteit te bewaken"

, Ingmar Griffioen

Wat kan het Muziekpaleis leren van het Nationaal Muziekkwartier?

Atak: "Je moet iemand op zijn bek willen slaan om je eigen identiteit te bewaken"

Ingmar Griffioen ,

De bouw van het Muziekpaleis, het Utrechtse muziekverzamelgebouw, is 18 februari begonnen. April 2013 moet het af zijn, maar nog altijd is niet duidelijk of de beoogde partners, Tivoli, Vredenburg en SJU, ook deelnemen. Geen nood; het eind 2008 geopende Nationaal Muziekkwartier in Enschede herbergt zes partijen en een vergelijkbare voorgeschiedenis.

Atak: "Je moet iemand op zijn bek willen slaan om je eigen identiteit te bewaken"

De bouw van het Muziekpaleis, het Utrechtse muziekverzamelgebouw, is 18 februari begonnen. April 2013 moet het af zijn, maar nog altijd is niet duidelijk of Tivoli, Vredenburg en SJU ook deelnemen. De beoogde partners wachten op de uitkomst van mediation, maar hoeven niet te wanhopen: Het Nationaal Muziekkwartier in Enschede herbergt zelfs zes partijen, de aanloop verliep verre van vlekkeloos en nog steeds zijn niet alle plooien gladgestreken.

Op 21 november 2008 opende Koningin Beatrix het Nationaal Muziekkwartier in Twente met zes professionele muzikale muziekinstellingen onder één dak. 3VOOR12 blikt terug met Atak-directeur Rinze van der Wal en Harm Mannak, directeur van de Coöperatie Nationaal Muziekkwartier én van de onderdelen Stadsschouwburg, Muziekcentrum en Orkest van het Oosten. Het Muziekkwartier herbergt verder delen van ArtEZ Conservatorium en De Muziekschool Twente.

Randvoorwaarde voor succes
Samenwerking met zoveel partijen is volgens Mannak complex. "Je moet echt de tijd en bereidheid hebben elkaars culturen te leren kennen. Het Orkest van Oosten programmeert twee jaar vooruit, een poppodium als Atak meestal drie maanden." Van der Wal wijst op de verschillende insteken: "De Reisopera heeft meer als honderd medewerkers, wij werken met honderd vrijwilligers en zes stafleden." Mannak: "Als je niet begrijpt dat een jazzpodium wezenlijk anders is, dan wordt het niks. Dat onderlinge begrip is misschien wel de belangrijkste randvoorwaarde voor succes. Dat heeft ons veel tijd gekost."

Nog een parallel met het Muziekpaleis: Toen de bouw begon was de organisatie nog niet rond en de gemeente verlangde volgens Mannak één aanspreekpunt. "De gemeente wilde niet met zes partijen overleggen over de kleuren en de deurkrukken, dus is toen de Coöperatie Nationaal Muziekkwartier opgericht waarin alle instellingen vertegenwoordigd zijn." Van der Wal: "Er was niet meer dan die coöperatie. Vanaf de start van de bouw zijn we bezig de indeling van de organisatie onderling te regelen en eigenlijk nu nog steeds. Maar toen zijn de grootste gevechten uitgevochten."

Atak bevocht eigen plek in Muziekkwartier
Tot een jaar voor opening was zelfs nog onduidelijk of Atak, een van de initiatoren van het Muziekkwartier, wel mee ging doen. Van der Wal: "Dat was omdat de financiën niet rond waren. Atak sprak 15 jaar geleden al met de Muziekschool omdat we beide nieuwe behuizing nodig hadden. Dat zaadje is ontkiemd tot wat nu het Muziekkwartier is. We wilden graag meedoen, maar alleen met de bijbehorende middelen. Met een financieel noodlijdende organisatie verhuizen, zou het einde van Atak hebben betekend."

Van der Wal vertelt hoe Atak sommige zaken via de politiek speelde. "We besloten niet af te wachten en een lobby te beginnen. Zodat je op zijn minst weet welke politieke partijen jouw lijn kiezen. En dat lukte. De gemeente wilde ook naar één directeur. En het Orkest van het Oosten dacht dat onze vrijwilligers ook mooi voor hen affiches zouden plakken. Zo werkt het niet. Ik denk dat je dan je vrijwilligers kwijtraakt. Die hebben daar geen band mee, dus gaan ze weg."

Beslissingsbevoegdheid
Atak vreesde voor de eigen identiteit. Van der Wal: "Je moet vooral je plek bevechten in zo'n grootschalig project. Anders dan Tivoli waren wij maar een klein clubje. Wij voelden ons niet serieus genomen. De impact van de Reisopera was heel groot, wij hadden weinig in de melk te brokkelen en dat is nu andersom. Maar je moest bereid zijn om iemand op zijn bek te slaan, anders kreeg je het niet voor elkaar. Wij hebben als Calimero geen vrienden gemaakt, maar ik durf de bewering aan dat wij op alle punten waarop we ons verzetten gelijk hebben gekregen. Alle heilloze samenwerkingen zijn niet doorgegaan."

Een hoopvolle boodschap voor Tivoli en zeker ook voor SJU, de Calimero van het Muziekpaleis, die zich beiden ook verzetten tegen inperking van de eigen beslissingsbevoegdheid. Van der Wal: "Ik merk dat het bij de collega's in het pand en de gemeente toch respect afgedwongen heeft. Daar mogen we trots op zijn. We zijn van een capaciteit van 275 naar 1300 gegaan. Daarmee heeft Atak de grootste capaciteit in het Muziekkwartier en zijn we voor de politiek ook een culturele factor van betekenis geworden. Ik merk dat er nu echt heel anders naar ons gekeken wordt."

Verschillende subsidiestromen

De door Tivoli gezochte onafhankelijkheid lijkt Atak wel te hebben bewerkstelligd. "Onze subsidie wordt aan de Stichting Atak toegekend en niet aan het Muziekkwartier. Het zijn allemaal zelfstandige entiteiten met eigen begrotingen en subsidie." Terecht vindt Van der Wal. "Zo worden de Reisopera en het Orkest van het Oosten vooral landelijk gesubsidieerd en Atak, Muziekcentrum en de Schouwburg vooral stedelijk. En dat is ook logisch. Niemand is voor ons verantwoordelijk en wij andersom ook niet."

Mannak onderschrijft het belang van die constructie. "De organisaties zijn eigen rechtspersonen, ze gaan hun eigen zelfstandige weg en dat moet ook zo blijven, omdat je te maken hebt met rijks- en gemeentefinanciering. Dat kun je niet zomaar ineenschuiven, dan krijg je een probleem met subsidiestromen."

Geen gezamenlijke marketing, wel één schoonmaker

De samenwerking verloopt volgens de Atak-directeur op vele niveaus. "De directeurs en programmeurs overleggen en ook op technisch vlak wisselen we kennis uit. Op directieniveau is dat de grootste strijd geweest. De gemeente wilde de organisaties vergaand in elkaar schuiven en ook een gezamenlijke marketingafdeling, vanuit de gedachte dat samenwerking en grootschaligheid beter is voor een organisatie. Hetgeen ook niet waar bleek voor het onderwijs."

Van der Wal ziet het nut niet van een gezamenlijke arbo-dienst, accountant of marketing met het Orkest van het Oosten en de Nationale Reisopera. "Dat heeft geen enkele functie. Zij marketen voor Nederland en wij voor Twente. Atak heeft zich er altijd tegen verzet en dat gaat ook niet gebeuren. Het is een slechte zaak, waar wij niet beter van worden." Op andere gebieden ziet de directeur wel voordelen. "De ICT en telefonie zijn wel gezamenlijk opgezet." Mannak vult aan: "We kopen gezamenlijk energie in en delen ook een schoonmaakbedrijf."

Wat levert samenwerking wel op?

Mannak roemt de samenwerking op het gebied van community art, workshops, programmering, festivals als Grenswerk en het Educatief Centrum Muziekkwartier. Van der Wal: "Dat gaat wel om slechts 0,1 procent van onze programmering, maar festivals worden wel vanuit het Muziekkwartier georganiseerd en dat loopt allemaal als een speer." Verder werkt Atak voorzichtig op popgebied samen met het Muziekcentrum Enschede. "We hebben onlangs voor het eerst iets bij hen geprogrammeerd; Ilse DeLange, die is echt te groot geworden voor Atak, dus organiseren wij de show in de zalen van het muziekcentrum. Dat was vroeger ondenkbaar geweest. De culturen waren té verschillend, mensen kenden elkaar niet en leefden op hun eigen eilandjes."

Die kentering heeft de podiumdirecteur wel verrast. "Je komt elkaar veel meer tegen dan ik verwacht had en dat is heel goed voor de communicatie. De lijnen zijn veel korter." Er is meer meegevallen: "Het allerleukste is de techniek. Vooral Podium Twente was heel huiverig, maar het loopt ontzettend soepel. Technici lopen bij elkaar de deur plat om een kabel of een lamp te lenen. Dat is absoluut de meerwaarde van dit gebouw."

Volksopera
Directeur Mannak is ook tevreden: "Het Nationaal Muziekkwartier trekt nogal de aandacht. Dat zes culturen zo samenwerken is zeker niet vanzelfsprekend, maar dat wordt het wel steeds meer. We gebruiken elkaars knowhow om nieuw publiek te bereiken. Dat gaat steeds beter, dus we gaan er zeker mee door." Als mooi voorbeeld van samenwerking noemt Mannak de volksopera MAAK, een initiatief van het Muziekkwartier en de gemeente om 10 jaar na dato de vuurwerkramp in Enschede te herdenken.

nu op 3voor12