Middelmaat troef bij Weird War en The Apes Middelmaat troef bij Weird War en The Apes

Wat van ver komt is niet altijd lekker

, Mike B,

Middelmaat troef bij Weird War en The Apes

Wat van ver komt is niet altijd lekker

Mike B, ,

Nadat The Apes best leuk rocken en een vermakelijke theatrale show neerzetten, kan het publiek enigszins dansen bij Weird War. En als die zanger nou niet zo graag liever een dichter had willen zijn was het misschien best goed geweest.

Wat van ver komt is niet altijd lekker

Met een bandnaam als The Apes verwacht je eigenlijk sixties garagerock. Maar dit viertal uit Washington DC maakt een soort spacy B-movie seventies alternative rock, maar dan met een scheurend orgel in plaats van een gitaar. Zoals het goede apen betaamt, staan ze niet bepaald stil op het podium. Ondanks de zwaar matige publieksopkomst gaan ze zelf behoorlijk uit hun dak. Het ziet er erg vermakelijk uit, als een soort alternatieve versie van de foute metalband Manowar. Zanger Paul Weil lijkt door zijn overdreven theatrale act en outfit (strakke witte broek en grote bos haar) zo weggelopen uit Spinal Tap. Bassist Erick Jackson lijkt door zijn bewegingen graag in een stadion te willen staan. Als hij de kans krijgt staat hij na zowat elke aanslag met zijn rechterarm door de lucht te zwaaien. Amanda Kleinman staat er ook zo stoer mogelijk bij en gaat af en toe diep door haar knieën, en drummer Jeff Schmid kan niet achterblijven en is waarschijnlijk ook een goede kandidaat voor de kampioenschappen luchtdrummen. Visueel rockt het allemaal heel erg hard. Aangezien dat een eigenschap is die de meeste Nederlandse gitaarbands missen, lijkt het heel wat. Qua sound klinkt het behoorlijk ouderwets, maar wel redelijk origineel door de orgel-gitaar ruil. Beetje stonerrock, beetje metal, beetje garage en veel spacerockeffecten. Grofweg ergens tussen Deep Purple en the Melvins in. Maar helaas van mindere kwaliteit dan deze iconen. De nummers zijn erg simpel van structuur, wat op zich niet erg is, maar het concert wel nogal saai maakt. Vooral omdat het niet zulke sterke nummers zijn. Een enkel nummer schiet er bovenuit, zo blijft Street Warz (downloadbaar op hun site) best lekker hangen, maar voor de rest zouden ze wat minder voor de spiegel moeten rocken en betere nummers gaan schrijven. Maar ondanks de rommeligheid heeft de sound wel wat. De te verwachten gitaar mis je eigenlijk helemaal niet door het schreeuwende orgel en de fuzzy bass met veel echo en space-effecten (die af en toe best uit hadden gemogen trouwens) Zanger Paul heeft ook een heel arsenaal aan voetpedalen voor space-effecten. En als hij dat echopedaal tussen de nummers nou uit had gezet, had ik wellicht zijn aankondigingen verstaan. Ook de aankondigingen van Weird War zijn nauwelijks te volgen. Niet door effecten, maar omdat zanger Ian Svenonius denkt een Groot Poëet te zijn. En Grote Poëten doen hun aankondigingen over een zacht spelende band heen. Alleen is Ian helaas beter in haperend en onsamenhangend praten dan in fascinerend poëtisch zijn. Maar hij lijkt zijn “beat-speak” in de vorm van simpele woordspelletjes en wazige praatjes over het transformeren van rock ’n’ roll zelf erg belangrijk te vinden. Jammer dat de overige leden hem samen met zijn quasi-poëtische prietpraat niet ontzettend hard de band uitschoppen, want zingen is ook niet zijn sterkste punt. De band speelt verder prima. Soort prettige jaren ’80 alternatieve rock. Bas en drums simpel maar doeltreffend, en dansbaar. Met name het gitaarwerk van Alex Minoff is erg lekker met verassend goede solo’s. Als je de stem wegdenkt is het eigenlijk best een goed bandje. En wie zich niet irriteert aan zangers met een matige stem die zichzelf zien als Grote Boodschapper zal ze wellicht zelfs goed vinden. Want behalve de prima muziek (qua “swing” doen ze niet onder voor andere jaren ’80 kopiëerders als Franz Ferdinand en Interpol) ziet het er ook best goed uit. De ritmesectie stoïcijns cool met zonnebril, gitarist Alex gaat op in zijn spel, en zanger Ian doet erg zijn best met zijn Mick Jagger moves en is regelmatig op zijn knieën en in die gapende afstand tussen het publiek en het podium te vinden. Sommige nummers zijn erg sterk. Zo spookt het titelnummer van hun laatste plaat “If you can’t beat, bite ‘em” nog door mijn hoofd. En “Session man” zou ik ook best graag nog eens met een goede stem willen horen. Al met al twee bands die erg leuk zijn om te bekijken en die je vervolgens waarschijnlijk weer gaat vergeten. De thuisblijvers hebben voor de verandering niet veel gemist. The Apes & Weird War Gezien: EKKO, woensdag 27 oktober 2004
Tags

nu op 3voor12