De vraag waarom een pan-Europese partij als Volt meedoet aan de Haagse gemeenteraadsverkiezingen krijgt Jonne Tuijn vaker. Het antwoord is simpel: Europa begint achter je voordeur. Daar komt bij dat Volt in heel Europa inspiratie opdoet voor het oplossen van lokale problemen. Zo zou Den Haag waar het gaat om huisvesting een voorbeeld kunnen nemen aan Wenen. Voor cultuur kijkt de co-lijsttrekker naar Berlijn. “Waar wij in Nederland in steden als Amsterdam en Den Haag over tienduizenden euro’s subsidie spreken, gaat het in Berlijn over structureel honderdduizenden euro’s.”
Ervaring in de Haagse gemeentepolitiek heeft Volt nog niet. De partij doet voor het eerst mee. Dat wil niet zeggen dat Tuijn niet heeft opgelet. “Wat ik heel tof vind is dat de gemeente die tienjarige cultuurvisie heeft uitgerold. Dat zegt wel dat Den Haag serieus werk wil gaan maken van kunst en cultuur.” Wat Volt betreft mag dat nog wel wat meer. Voor ze kunnen meepraten, moet de partij echter eerst een plekje in de gemeenteraad veroveren. Dat is nog geen zekerheid; bij een vorige peiling koerste Volt nog af op één zetel. Bij de meest recente was die alweer verdwenen.