Album van de Week (22): Kurt Vile

Een slackerliefdesbrief aan Philadelphia

  • Lisa Franssen

Op zijn tiende plaat zingt de koning van de slacker-indierock over zijn liefde voor hometown Philadelphia en zijn familie met die typische ontspannen nonchalance waar hij vorig decennium in uitblonk.

De titel verraadt het eigenlijk al: Philadelphia’s been good to me is Kurt Vile’s grote liefdesbrief aan zijn thuisstad. Nadat hij eind jaren 2000 The War on Drugs verliet – de band die hij samen met Adam Granduciel oprichtte – groeide hij in het vorige decennium uit tot een geliefde indierocker. Lange gitaarlijnen waar je gedachteloos op kunt wegdrijven, die typische nonchalante stem die soms klinkt alsof hij maar wat improviseert (en dat is ook zo), en droogkomische, maar tegelijkertijd melancholische teksten: het zit allemaal in zijn tiende plaat. 

De leukste Philadelphia-verwijzingen? Op de titeltrack zingt Vile: ‘let’s hope we don’t fall into the Schuylkill’, de rivier die door Philadelphia loopt en volgens hemzelf vooral ‘hard to spell’ is. Verder rijdt hij over Lincoln Drive, een iconische weg in Philly, en verwijst hij naar de legendarische jazzmuzikant Sun Ra, die jarenlang verbonden was aan de stad. Ook deelt hij een speelse steek uit naar zijn helden Neil Young en Bruce Springsteen: twee artiesten die ooit over Philadelphia zongen zonder er zelf vandaan te komen. Vile vat het droog samen met: ‘A couple of my heroes wrote a song, but that ain’t where they’re from’. En dat alles met een casual en slacky stem, dezelfde nonchalance die Pavement-frontman Stephen Malkmus, Lou Reed maar ook indieslackerqueen Courtney Barnett hebben (met die laatste maakte hij zelfs een album). 

Maar het gaat niet alléén over Philadelphia, ook over andere dingen die hij lief heeft. Zo zingt hij op het Neil Young-klinkende ‘Everytime I look at you’ over zijn dochters. En de leukste liefdesverklaring is te horen op ‘Zoom 97’: ‘My baby girls, they keep me high, yeah. Ain't on no trips though, no LSD. True love is the pure drug for me’. Ook breekt Vile vaker de vierde muur door het specifiek benoemen van zijn schrijfproces, zoals op ‘99th song’, waarin hij letterlijk vermeldt dat dit de ‘99th song on my red looper’ is, terwijl de soms aparte synth-geluiden je bijna slaperig maken. Ondanks die herhaling, mompelende stoner-teksten en het eindeloze gepriegel op sologitaartjes blijven de tracks opvallend goed hangen. Juist daarin zit die zonnige, haast meditatieve vibe van Philadelphia’s been good to me.

Accepteer de 'social' cookies voor deze 'spotify'-embed.

cookie-instellingen aanpassen
Philadelphia's been good to me