TWIENA bouwt van twijfel haar eigen clubsound

Amsterdamse dj navigeert tussen techno, experiment en speelsheid

Vrouw met pet op
  • Timo Pisart

TWIENA draaide op Lowlands, DGTL én in Berghain, de technotempel waar ze jarenlang van droomde. Maar terwijl de gigs groter werden, begon de Amsterdamse dj aan zichzelf te twijfelen. Op haar debuut-EP Do Not Disturb zet ze die onzekerheid om in een totaal eigen clubsound waarin techno, latin-geïnspireerde ritmes en Vietnamese klanken samenkomen. ‘Waarom zou ik mezelf tegenhouden op basis van wat anderen denken?’

Vrouw met pet op
TWIENA
© Timo Pisart

In de afgelopen anderhalf jaar, begon Thuy Nga Phan (31) zichzelf een beetje kwijt te raken. De hamvraag: wat voor artiest wilde ze zijn? Want de dj (die draait onder de naam TWIENA, een verbastering van haar voornaam) voelt zich eigenlijk het meest thuis in het onontgonnen hoekje tussen populaire genres. En programmeurs en algoritmes, die houden niet per se van zo’n moeilijk te definiëren sound. ‘Ik had het gevoel dat ik een muzikale keuze moest maken, zodat mensen wat beter zouden kunnen begrijpen waar ik voor sta. Ga ik full force voor platte edits en latin sounds? Of ga ik voor de diepere techno? Ik heb daar zolang mee gestruggled. Het reflecteerde ook in mijn sets: ik kon bijna geen lijntje meer vinden in wie ik ben als artiest.’

Terwijl de boekingen groter werden – Lowlands, Berghain, Boiler Room –, groeide ook de twijfel. Dus wat deed TWIENA? Ze zocht zoveel mogelijk afleiding. Stortte zich vol overgave in een nieuwe relatie. Verdween in het nachtleven (met een lach: ‘Ik ging nog wat meer afteren dan ik normaal gesproken doe’). Ging telkens weer op verre reizen. ‘En al die afleidingen en twijfel, die heb ik uiteindelijk gebruikt als inspiratie.’

Ze gebruikte het als de motor achter Do Not Disturb, haar deze week verschenen debuut-EP voor het Barcelonese queercollectief Musa. Een plaat waarop techno, dembow-ritmes, synths uit de bubbling, experimentele elektronica en Vietnamese klanken voortdurend langs elkaar schuren. Er zitten speelse knipoogjes in naar die nieuwe relatie (‘Chupa Devagar’ en ‘Chupa Rapido’ betekenen zoveel als ‘langzaam en snel sabbelen’, en de track daarna heet ‘Climax’), maar de basis is duister en hypnotisch.

Accepteer de 'social' cookies voor deze 'spotify'-embed.

cookie-instellingen aanpassen
Do Not Disturb

Tussen Jeff Mills en bubbling

TWIENA groeide muzikaal op in de Amsterdamse technoscene, vertelt ze. Ze was een fanatieke bezoeker van Awakenings en DGTL (de evenementen waar ze nu zelf ook draait), trok van festival naar festival als een pelgrimstocht op 135 BPM, vereerde Jeff Mills en Nina Kraviz, kwam op donkere clubnachten waar ‘hoe harder de kick, hoe beter’ het adagium was. Maar ergens onderweg begon een andere wereld ook te lonken: bubbling, dancehall, baile funk, afro, hiphopclubs als Chicago Social Club en Bitterzoet. I’m No Longer Here, de documentaire over de cholocultuur in Mexico en de hypnotiserende polyritmes van cumbia, bleek een soort openbaring. ‘Veel Zuid-Amerikaanse muziek heeft precies hetzelfde ritme dat mij in techno ook zo pakt’, zegt ze.

Die klankwerelden leerde ze steeds beter combineren, en leidde uiteindelijk tot een soort-van-antwoord op de vraag wie ze nu wil zijn. ‘Ik realiseer me nu dat ik echt een techno-artiest ben, in een nieuwer jasje, die Zuid-Amerikaanse sounds gebruik als inspiratie binnen de techno. Ik wil een eigen unieke sound creëren, ik hou niet van hak-op-de-tak-sets, ik wil niet de hele tijd curveballs gooien, maar een logische flow vinden. Daarom bereid ik mijn sets ook altijd obsessief lang voor.’

Geen twijfel in RAUM

Vrouwelijke dj met een pet op in het zonnetje
© Timo Pisart

Maar ja, de twijfel blijft. Zelfs over haar Berghain-debuut. Enerzijds was het letterlijk een droomboeking, een gig in de technotempel waar ze het allerliefst wilde draaien. Anderzijds wist ze ook dat een boeking door Live From Earth — het hyperonline, ironische label/feest dat ongeveer het tegenovergestelde belichaamt van klassieke Berghain-puristen — haar meteen in een hokje zou plaatsen waar ze niet meer zomaar uit kon komen. ‘Maar… waarom zou ik mezelf tegenhouden op basis van wat anderen denken?’, vraagt ze hardop af.

Zo stond ze afgelopen jaar ook op Lowlands, in die mega-grote Bravo-tent. Ze noemt het een sleutelmoment, maar ook een lastig vraagstuk: moest ze de Bravo slopen met grote latin-momenten en curveballs, of juist langzaam opbouwen vanuit haar diepere technokant? Uiteindelijk deed ze beiden, liet ze haar veelzijdigheid horen, trok ze de tent ramvol. Weer weifelend: ‘Maar had ik niet nóg meer impact kunnen maken?’ Met een vrolijke lach: ‘Ik voel me ook vaak het mannetje hoor, en kan echt genieten van het dj’s, maar op professioneel vlak wil ik ergens naartoe werken, en dan is het ook belangrijk om kritisch te blijven.’

Alleen in RAUM, de Amsterdamse queerclub waar ze resident is, smelt die twijfel als sneeuw voor de zon.‘Daar voel ik me thuis’, zegt ze. Het heeft vooral met vrijheid te maken: bij RAUM mag ze experimenteren. De ene keer latin draaien, de andere keer diepe techno. Rare hybride sets proberen. Daar hoeft niet alles meteen logisch of verkoopbaar te zijn. Vanavond organiseert ze er haar eigen avond met Musa Collective, het Barcelonese collectief waarmee ze zich verbonden voelt omdat hun muzikale visie net zo breed is als die van haarzelf. Zij brachten ook haar EP uit.

Identiteit mag geen brandingtool worden

Vrouw met zwarte wijde kleren en een pet staat in een witte ruimte
© Timo Pisart

Op die EP is ook haar Vietnamese achtergrond hoorbaar. Op Do Not Disturb duiken traditionele Vietnamese klanken op: gongs, fluiten, texturen uit een plugin die letterlijk ‘Hanoi’ heet. Maar tegelijk verzet ze zich tegen het idee dat haar afkomst een brandingtool moet worden. ‘Heel veel artiesten gebruiken hun cultuur als unique selling point’, zegt ze voorzichtig. ‘Dat wil ik niet.’ Daarvoor zijn die geluiden te dierbaar. Ze groeide thuis op met Vietnamese muziek uit de generatie van haar ouders. Pas later begon ze die klanken echt te waarderen. ‘Ik gebruik die sounds omdat ze voor mij persoonlijk zijn. Niet omdat ik spokesperson wil zijn.’

Neem ook haar track ‘Temple Run’, waarin een sample van een Vietnamese monnik verwerkt zit. ‘Het is een ode aan mijn vader, die vijf jaar geleden is overleden.’ Naar Vietnamees gebruik kwam een monnik dagenlang thuis bidden, tijdens een periode van honderd dagen rouw. ‘Een paar uur per keer, en wij moesten daar allemaal bij zitten. Heel intens en mooi. Op de laatste dag nam ik dat gebed op, eigenlijk vooral omdat ik dacht: als ik later kinderen krijg, dan kan ik dat laten horen.’

Jaren later belandde het alsnog in haar muziek. ‘Dat geluid deed gewoon heel veel met me. Ik twijfelde nog wel of ik die sample wel moest gebruiken. Omdat het verbonden is aan geloof, aan rituelen. Kun je dat wel draaien in een club, waar mensen drugs gebruiken? Maar uiteindelijk voelde het juist goed. Rouw sluit je niet af’, zegt ze. ‘Maar je kan wel iets negatiefs omzetten in iets moois.’

TWIENA draait vanavond (vrijdag 1 mei) in Club RAUM. Later deze zomer staat ze nog o.a. op Upclose, Down The Rabbit Hole, SPADESFEST, ZeeZout, Wildeburg, Wilde Weide én Nation of Gondwana.