Jon 'Reverend' McClure wil de nieuwe rebel zijn Jon 'Reverend' McClure wil de nieuwe rebel zijn

"Ik de vijfde Arctic Monkey? Dat is een belediging voor Alex Turner"

Jon 'Reverend' McClure wil de nieuwe rebel zijn

"Ik de vijfde Arctic Monkey? Dat is een belediging voor Alex Turner"

In Engeland wordt het gerucht gevoed dat Jon 'Reverend' McClure de grote kracht achter het succes van The Arctic Monkeys is. Hij wordt zelfs als de vijfde Monkey gezien. Onzin, zegt hij daar zelf over. Deze week verscheen het debuut The State of Things van Reverend and the Makers. Paul Diersen zoch de priester op om naar zijn preek te luisteren.

"Ik de vijfde Arctic Monkey? Dat is een belediging voor Alex Turner"

Jon ‘Reverend’ McClure is in Nederland nog geen grote man, maar hij houdt de gemoederen op de Britse eilanden al flink bezig. De 25-jarige wordt door de pers daar gezien als het brein van de Sheffieldse muziekscene. Dat vindt hij zelf niet. Hij is een dichter met een positieve boodschap die hij wil uitdragen, overal. Zijn missie begint met de debuutplaat The State of Things.

Eerst dus maar eens de waarheid achter een kop als ‘Without this man no Monkeys’, waar de New Musical Express mee kwam. McClure verwijst hem gelijk naar het rijk der fabelen: “De Engelse media schrijven veel dingen op die niet waar zijn. Ze zeggen dat ik de godfather van de Sheffieldse scene ben, of de vijfde Arctic Monkey, maar dat ben ik niet. Ik ben close met ze en ik moedig ze aan om naar funky muziek te luisteren en teksten te schrijven over realistische zaken, maar ik heb nooit hun nummers geschreven. Dat is zelfs nogal beledigend voor Alex Turner, alsof hij niet in staat zou zijn om liedjes te schrijven.”

McClure is geen zanger die op het podium staat omdat hij op het podium wil staan, geen exhibitionist. Hij is een dichter. En dichters willen wat vertellen. Hij noemt zich tenslotte niet voor niets Reverend, dat zoveel betekent als ‘heilige’ of ‘priester’ – iemand om eerbiedig naar te luisteren dus. “Ik heb een gedicht geschreven dat See The Truth heet. Mijn broer heeft het op zijn arm getatoeëerd; een van de Arctic Monkeys achter op zijn nek. Het is mijn moraal. Voer geen oorlog om meer olie te krijgen, om in meer auto’s te stoppen en zo meer luchten te vervuilen. Het is een positieve boodschap: wees aardig voor elkaar. Ik denk dat het belangrijk is om een standpunt in te nemen als je artiest bent.”

Al snel hing de dichter rond tussen de muzikanten in Sheffield, die hem bij gingen staan op het podium. Zijn eerste band Judan Suki (te vertalen als ‘een trap in je ballen’) bestond in korte tijd uit zo’n twintig muzikanten, waaronder Arctic Monkeys Alex Turner en Matt Helders. Daarna was er 1984, waarin McClure – zijn vriendin destijds kwam uit Irak - vooral zijn visie op de Irakoorlog gaf.

McClure zingt zijn teksten sinds een kleine twee jaar over de muzikale cocktail van rock en elektronica van zijn begeleidingsgroep The Makers. Goede doeltreffende muziek waar je op kunt dansen, dat wil hij maken. Plus de diepere laag die hij als priester wil brengen. “Neem Could You Be Loved van Bob Marley: iedereen kent dat refrein – het is popmuziek. Maar niet veel mensen kennen de tekst van het couplet. Ze zullen er op dansen. Maar de mensen die naar de tekst luisteren – ‘Don’t let them fool ya’, die snappen het. Ook mijn muziek heeft die twee niveaus.”

Teksten zijn voor hem belangrijk; veel van zijn collega’s bakken er volgens hem niets van. “Als ik drie minuten heb voor een popliedje, dan kan ik die beter maar zo effectief mogelijk gebruiken. Anders had ik net zo goed een instrumentale plaat kunnen maken en mezelf Soulwax kunnen noemen. Veel teksten zijn verwerpelijk. Voor interviews geldt hetzelfde: als een band gaat vertellen dat ze de avond ervoor veel gedronken hebben en drugs hebben gebruikt, dan denk ik: ‘bravo jongens’. Die bands hebben niets te melden, ze willen alleen rijk en beroemd zijn. Het zijn prostituees.”

McClure denkt bij beroemd worden niet aan volle stadions, maar aan de impact die hij als artiest zou kunnen hebben. Net als John Lennon, Bob Marley, The Clash en Lenny Bruce – zijn helden. “Waar zijn ze, de rebellen? Manu Chao is misschien de enige. Ja, ik wil de nieuwe rebel zijn, daar wil ik niet bescheiden over doen. Ik wil een verschil maken. Dat ga ik proberen.”

Luister naar het interview dat Paul Diersen met ‘the Reverend’ hield in Dubbel Check.

nu op 3voor12