Sandusky opent dagboekje over Schotse showcases Sandusky opent dagboekje over Schotse showcases

Eerste buitenlands tourtje smaakt voor countryrockers naar meer

, Wouter Smeets,

Sandusky opent dagboekje over Schotse showcases

Eerste buitenlands tourtje smaakt voor countryrockers naar meer

Wouter Smeets, ,

De Utrechtse bands Gem en Sandusky togen afgelopen week naar Glasgow om op de internationale muziekbeurs MusicWorks een showcase te verzorgen. Beide bands speelden twee shows in Schots Brittannië. Sandusky tekende de belevenissen van hun eerste buitenlandse trip op in een dagboek.

Eerste buitenlands tourtje smaakt voor countryrockers naar meer

De Utrechtse bands Gem en Sandusky togen afgelopen week naar Glasgow om op de internationale muziekbeurs MusicWorks een showcase te verzorgen. Beide bands speelden twee shows in Schots Brittannië. Sandusky tekende de belevenissen van hun eerste buitenlandse trip op in een dagboek. Dag 1: Jawel, Sandusky gaat dan toch eindelijk de grens over! ’s Morgens vertrekken we om 7.30 uur vanuit Utrecht naar Limburg, waar we in de woning van zanger Luc alle spullen ordenen en vervolgens doorrijden naar Charleroi. Sandusky zou Sandusky niet zijn als er niets mis ging en jawel, geluidsman Remco heeft zich verslapen. Maar uiteindelijk halen we toch het vliegtuig naar Glasgow. Door onze charmes in de strijd te gooien, mogen bovendien al onze spullen zonder extra kosten mee. Tijdens de vliegreis kraken we onze hersens om zoveel mogelijk nummers en bands te noemen met ‘air’, ‘fly’ of iets van die aard. En wat blijkt? Jefferson Airplane tot en met Racoon en Ryan Adams zorgen voor bijna anderhalf uur vermaak. Eenmaal aangekomen, broeden we verder op trein-songs en een half uur later staan we nogal hersendood maar nu al met het tourgevoel in hartje Glasgow. We torsen al het materiaal mee tijdens de zoektocht naar ons hostel, waar binnen vijf minuten Sandusky uit de stereo staat te loeien. En zo vinden we onze eerste Schotse fan: Lauren, de receptioniste! Even de spullen droppen en door naar de pub. ’s Avonds besluiten we een kijkje te nemen in de kroeg waar we de volgende dag spelen: The Barfly. Hier wanen we ons even in Nederland dankzij optredens van Feverdream en Mono. Op advies van Luc en invaller-bassist Frank gaan we daarna op zoek naar zogenaamde ‘traditional bars’, waar ze folk en lager serveren aan de vele plaatselijke alcoholisten. Bij de tweede bar krijgen Frank en Luc twee akoestische gitaren in de hand geduwd en heeft ‘I must not let it lead me’ op het eind van de avond de cult-status bereikt. Dikke pluim voor de oudere garde binnen Sandusky, die de meeste lager en whisky naar binnen krijgen. Maar dat was vast een zeldzame opleving! Dag 2: Om 9.00 uur staat Luc ongeduldig naast zijn bed te stuiteren en wordt de rest langzaam aangestoken door zijn onrust. Na een lange zoektocht vinden we een tent, waar je goed kan ontbijten. En ook hier knalt Sandusky na een tijdje uit de speakers met een toepasselijk YeeHaa! vanachter de bar bij ‘Home is just a mile away’. Relatief bijgekomen gaan we ons langzaam richten op de elektrische show van die avond. Toetsenist Bob en Remco bezoeken de seminars van de MusicWorks muziekbeurs, lead-gitarist Matthijs trekt zich even terug en Frank, drummer Wouter en Luc duiken een trad bar in, waar ze de dronken Charlie & his nameless muppet tegen het lijf lopen: ‘I’ve seen a lot of pain, I’ve seen a lot of sorrow, especially with my EX WIFE’, brult hij en wordt de bar uitgegooid. Voor ons dus tijd om langzaam naar de Barfly te gaan. Zoals het Sandusky betaamt, zijn we veel te vroeg en moeten dus wachten, wachten en nog eens wachten. De Nemis showcase begint en we mogen als eerste genieten van vier trashmetallende, wazige gasten uit de Black Isle: Raar. Een band met een erg sympathieke zanger, waar we ons later goed mee vermaakt hebben. Als het onze beurt is, komt de frustratie van het wachten er duidelijk uit, want het rockt aan alle kanten. De show is strak en de respons zeer verassend van de Schotten! Hiervan moeten we echt even bijkomen. Enigszins opgebrand brengen we onze spullen met hulp van Robbert Tilli en Jasper van den Dobbelsteen van het Nationaal Pop Instituut (dank!) terug naar het hostel. En die hulp komt goed van pas want Bob ontdekt dat hij zijn hele hand aan gort heeft geslagen met zijn tamboerijn. Hoezo in trance? Uiteindelijk zijn we nog naar The Universal gegaan, waar een meer dan geslaagde afterparty gaande was! Dag 3: Deze morgen worden we gewekt door het brandalarm, wat hoogstwaarschijnlijk reageert op de chemische samensmelting van de lichaamsgeuren op onze kamer. Even een goed plaatselijk ontbijt naar binnen werken en ‘fris’ de dag in. Deze avond staat een akoestische show op het programma, wat voor ons een primeur is. ’s Middags vermaken we ons met platenzaken en een laatste repetitie op de hostelkamer. Hierna is het tijd om te gaan soundchecken bij The Universal en na Amy Sawyer, een plaatselijke singer-songwriter, is het onze beurt. De sfeer is geweldig! De nummers klinken goed en het publiek reageert erg actief. Luc lult als brugman en de teksten worden gretig geconsumeerd. Voor ons was het een regelrechte verassing. Deze avond blijven we wederom bij The Universal plakken en kunnen we nog genieten van de shows van Gem (met een volgens het NPI zeer energieke en overtuigende Maurits) en Dead Fly Buchowski. En weer is het gezellig. Zo gezellig zelfs dat alle sticker-, poster- en flyer-spam uitkomst biedt, bij het terugvinden van ons hostel. Dag 4: Moe maar voldaan. Langzaam wordt iedereen zo’n beetje wakker en is het tijd om naar ons vertrouwde stekkie terug te keren. Resteert een zwaar bepakte reis terug, maar een retourtje naar Glasgow zou erg lekker zijn!

nu op 3voor12