Servants Of The Servants trappen af in Hedon Servants Of The Servants trappen af in Hedon

SOTS voorlopig nog gezichtsloos

, Ronnie Popkema,

Servants Of The Servants trappen af in Hedon

SOTS voorlopig nog gezichtsloos

Ronnie Popkema, ,

Omdat voor de tweede keer in korte tijd Jasper Stevelinck het laat afweten wegens stemproblemen, is de avond van vrijdag 17 juni gereserveerd voor het eerste optreden van de nieuwe band van o.a. Rudeboy en Marco Hovius. The Servants of the Servants overtuigt echter (nog) niet, voorprogramma Tha Doggz evenmin.

SOTS voorlopig nog gezichtsloos

In een halfvol Hedon vangt Tha Doggz tegen half tien aan. Ik krijg meteen last van een kleine aha-erlebnis, omdat na de eerste noten gitarist Vincent aan z’n instrument begint te sleutelen. Tijdens een eerder optreden was hij ook al gedwongen om gedurende het eerste nummer van de set een snaar te vervangen. De rest van de band laat zich hier echter niet door uit het veld slaan en begint de avond met de spreekwoordelijke ‘bang’. Na een nummer of drie is de boel weer voor elkaar en neemt Vincent de leadzang van Raphael voor één nummer over. Toch blijf ik het raar vinden als een nummer door een volledig andere zanger voor z’n rekening genomen wordt; het is haast net alsof je even naar een andere band staat te kijken. Ook vraag ik me af of het niet een poging van de band is om op een geforceerde manier wat variatie in de set te krijgen. De band belandt na dit nummer dan ook in een enorme dip: de gespeelde songs (waaronder veel nieuwe) worden erg voorspelbaar; tussen de nummers door wordt wel heel erg veel tijd genomen om een andere gitaar te pakken; de presentatie en bindteksten zijn zó vrijblijvend dat het nonchalant en arrogant overkomt. Gelukkig wordt er voor het laatste paar nummers nog even vol overtuiging tegenaan gegaan, zodat de inmiddels redelijk gevulde zaal toch niet helemaal onvoldaan achterblijft. The Servants of the Servants speelt een mix van nummers van The Urban Dance Squad, League of XO Gentlemen en eigen repertoire. In het begin kijkt de band elkaar nogal eens wat onwennig aan, dat lijkt me ook niet meer dan logisch bij een eerste optreden, maar na een tijdje begint men los te komen. Drummer Boxie G. ontdoet zich van z’n shirt, tijdelijke gitarist Marco Hovius (16 Down) speelt lustig met z’n enorme effectenbak en Rudeboy genereert weer wat karakteristieke en vooral eigenaardige danspasjes. Jarenlang stond een concert van het jonge UDS in mijn persoonlijke live-toptien, de band speelde een unieke combinatie van muziekstijlen en gaf zich volledig op het podium, waardoor er een heel aparte chemie de zaal insprankelde, waar zowel een hardrocker als een hiphopper mee uit de voeten kon. TSOTS komt op mij over als een UDS op leeftijd: de scherpe randjes zijn eraf, de trucjes zijn bekend en het tempo van de nummers is aanzienlijk lager. Thuisgekomen heb ik zelfs weer een oude UDS-plaat opgezet om precies de vinger op de wonde te kunnen leggen. Buiten dat het me verbaast hoe up-to-date ‘Life ’n Perspectives of a Genuine Crossover’ na bijna 15 jaar nog steeds is, vallen vooral de partijen van DJ/scratcher DNA me op. Waar Rudeboy gaten moet laten vallen om op adem te komen, worden deze vaak adembenemend functioneel opgevuld door DNA. Niet dat ik zit te wachten op een exacte kopie van UDS, maar een een riffgerichte rockband met rapper blijft mij niet lang boeien, hoe goed de band ook is (en dat is-ie!). Een toegevoegde waarde wordt snel gemist. Je merkt het ook aan het publiek wanneer de golden oldies gespeeld worden: hoopvol opverende mensen, bijna smachtend naar meer. Fotografie: Gerlinde Schrijver

nu op 3voor12