Yorick van Norden: "Ik ben als therapie bijna dagelijks de studio ingedoken" Yorick van Norden: "Ik ben als therapie bijna dagelijks de studio ingedoken"

Haarlemse singer-songwriter speelt donderdag op Club 3voor12NH in Victorie

, Pim Brasser

Yorick van Norden: "Ik ben als therapie bijna dagelijks de studio ingedoken"

Haarlemse singer-songwriter speelt donderdag op Club 3voor12NH in Victorie

Pim Brasser ,

Veel artiesten verdwijnen naar de achtergrond als hun bandje ermee ophoudt, maar Yorick van Norden zat een week na het uiteenvallen van The Hype alweer in de studio. Het kostte de Haarlemmer meer dan 2,5 jaar, maar solodebuut Happy Hunting Ground, vol met beatlesque westcoastpop, is eindelijk uit op het prestigieuze label Excelsior. DWDD, NPO Radio 2 en recensies in bijna alle landelijke dagbladen volgden. “Ik ken niemand van mijn generatie die doet wat ik doe.”

Toen we elkaar in maart 2013 spraken, zei je dat je snel een plaat uit wilde brengen. Waarom duurde het zo lang?
“Ik had toen al een stuk of dertig liedjes geschreven, waaruit ik ben gaan selecteren. In 2013 ben ik met verschillende mensen twee keer de studio ingegaan, maar het was live nog niet goed genoeg. En in mei 2014 ging het na zes jaar uit met mijn vriendin. Dat was heftig: ik had nergens meer zin in. Ik kon me er zelfs niet meer toe zetten aan de plaat te werken. Toen ik wel liedjes begon te schrijven over de break-up, dacht ik: ik heb nog een album liggen. Dat moest eerst af. Ik ben als een soort therapie bijna dagelijks de studio ingedoken en heb het in een paar maanden afgemaakt. Dan gaat er nog wel even overheen voordat de plaat in de winkel ligt.”

Je zei in ons vorige gesprek ook dat je solo meer artistieke vrijheid hebt. Maar ik vind dat Happy Hunting Ground best veel lijkt op wat je met The Hype deed.
“Vind je dat echt? Je bent de eerste die dat tegen me zegt. Ik vind het op veel vlakken radicaal anders. De productie is veel rauwer en ik vind dat ik juist wel mijn eigen koers ben gaan varen. The Hype was een jong onbezonnen bandje dat gepoleiste beatlesque nummers maakte. Ik hoop dat ik met Happy Hunting Ground een serieuzere en gedurfdere plaat heb afgeleverd. Maar er zijn natuurlijk overeenkomsten, dus ik snap je opmerking wel. Jij kijkt naar popmuziek in het algemeen: is dit metal, elektronisch of sixtiespop? Als je het zo breed bekijkt, zit ik nog steeds in dezelfde hoek. Maar ik ben meer dan twee jaar met deze plaat bezig geweest, ken elk detail. Dus voor mij is het juist een wereld van verschil.”

Hoe ben je bij Excelsior terechtgekomen?
“Ik vond het werk van Excelsior-producer Frans Hagenaars heel goed, dus heb ik hem gebeld met de vraag of hij mijn album zou willen produceren. Hij was enthousiast over mijn demo’s en toen hebben we afgesproken. Het stond helemaal niet vast dat mijn album bij Excelsior zou uitkomen, want Frans doet ook andere klussen. Maar de opnames pakten zo goed uit dat Excelsior het wel wilde uitbrengen. Daar was ik heel blij mee.”

Er zijn ook veel bandjes die niet de promotie van Excelsior krijgen. Vind je het terecht dat je meer aandacht krijgt dan andere artiesten?
“Ik ken niemand van mijn generatie die doet wat ik doe, dus dat maakt het denk ik al opvallend genoeg om er aandacht aan te besteden. Maar ik ga anderen niet vertellen wat ze ervan moeten vinden. Excelsior heeft naar mijn mening in twee decennia zo’n reputatie opgebouwd dat de critici ernaar luisteren. Ik denk ook dat ik op dit moment maar een stukje omhoog word getild, niet tot gehypte proporties. 3FM draait me bijvoorbeeld bijna niet; daarvoor is mijn muziek misschien toch wat te afwijkend. Het maakt me niet uit, want ik wil gewoon maken wat ik zelf mooi vind.”

Je kreeg vooral positieve recensies: de Volkskrant gaf vier sterren en Oor was lovend. Maar Trouw en NRC gaven twee sterren. Frank Straver van Trouw kreeg bijna het vermoeden dat je een Beatles-coverbandje bent. Begrijp je dat?
“Het vreemde vind ik dat Trouw alleen The Beatles noemde, en NRC juist schreef over ‘geijkte americana-invloeden’. Dan vraag ik me af hoe vaak die recensenten het album geluisterd hebben. Het is opvallend dat de kritiek die ik soms krijg veelal van jonge journalisten komt. Misschien hebben zij niet het referentiekader om goed te duiden wat ik doe. Hierdoor ontstaan er grove generalisaties. Elvis wordt de fifties, The Beatles wordt de belichaming van de sixties. Dat zijn de enige sounds als je de nuance niet kunt duiden. Maar ik laat mijn dag er niet door verpesten. Vandaag likete een van mijn grote helden David Crosby een video waarin ik een nummer van Crosby & Nash cover. Waarom zou het me dan nog uitmaken wat een journalist van Trouw vindt?”

Ik vraag het weer: wanneer is onze volgende afspraak?
“Ik neem het ruim, want ik weet onderhand wat er allemaal bij zo’n plaat komt kijken. Aan de andere kant heb ik al veel liedjes liggen, geïnspireerd door de break-up en de opwinding van het spelen met de band en het verschijnen van dit album. Zorg maar dat je in april 2017 een gaatje vrijhoudt.”

nu op 3voor12