Gum Takes Tooth is niet nihilistisch

“Sommige mensen denken dat we melodieën kapot willen maken”

Ateke Willemse ,

Na een optreden dat voor sommigen de hemel op aarde was en voor anderen ongetwijfeld een regelrechte nachtmerrie, onttrok het jolige Londense duo Gum Takes Tooth zich tijdelijk aan de mensenmassa voor een gesprek over hun fascinatie voor wapens en Gay Leather Bar Chaps (waar ze tot hun spijt nog nooit binnen zijn geweest). Ook was er ruimte voor een meer filosofische inslag: “Het is belangrijk hoe noise wordt vormgegeven. Je moet de juiste balans van lichte en donkere invloeden eraan toevoegen.”

WIE: drummer Thomas Fuglesang en hij-die-alle-andere-noise-produceert Jussi Brightmore van Gum Takes Tooth
WAAR: tussen de woonboten, nabij de Ooijpolder
WANNEER: zondagavond 15 juli 2012, kort na hun energieke optreden

Houd je van wandelen?
Jussi: “Zeker, maar alleen in de natuur. Hoe minder huizen, hoe beter. En hoe meer wapens en munitie ik mee kan nemen zonder te worden gearresteerd, des te mooier.”
Thomas: “Daar sluit ik me bij aan. Daarom vinden we de Zomerfeesten ook zo fantastisch, er zijn overal militairen.”
J: “Thomas en ik wonen beiden in het noordoosten van Londen, waar het vierentwintig uur per dag een ontzettende herrie is. Fysiek afstand nemen en wandelen door de stilte is absoluut noodzakelijk. En als we vervolgens moe worden of blaren krijgen, stoppen we even om te oefenen met schieten.
T: “Of we demonteren onze geweren om de onderdelen vervolgens weer in elkaar te zetten.”
J: “Hopelijk kunnen we vanavond wat soldaten regelen die we mee kunnen lokken naar Gay Leather Bar Chaps. En dan laten we ze vooral heel veel praten over hun schietijzers.”

Met wie op de-Affaire zou je wel een affaire willen?
J: “Ik ben vast niet de eerste die Kiss The Anus of a Black Cat erg verleidelijk vindt om te noemen. Maar ik wil iets anders kiezen. Wat een moeilijke vraag eigenlijk. Het gaat hier niet om een one night stand, maar een affaire…”
T: “Doe mij maar Awesome Tapes From Africa. Ik heb geen behoefte aan de bandleden, maar wil wel een hoop cassettes in mijn bed verzamelen en ermee knuffelen. Honnningbarna mag ook. De naam van deze Noorweegse band betekent honingkinderen. Ze zouden op basis daarvan dus overgoten zijn met honing, dat lijkt me best prettig.” 
J: “Maar het zijn ook kinderen…”
T: “Oh ja, misschien is het toch niet zo’n goed idee.”
J: “Het lijkt me een enorm slecht plan om een affaire te beginnen met The Ex. Dat gaat dus niet door. Maar ik ben er uit en ga voor Knuckles of Frisco. Vul zelf maar in waarom.” 

Wat is de laatste keer dat jullie een afspraak hadden bij de tandarts?
T: Ik had vorige week een afspraak, maar ben deze vergeten. Het is nu twee weken geleden en ik heb geen rekening ontvangen of iets dergelijks. Ze hebben mijn adresgegevens dan ook niet.”
J (met een opgeheven vuist in de lucht): “Fuck the system!
 
Waarom hadden jullie tijdens het optreden op de-Affaire niet de kenmerkende sjaals over jullie hoofd gedrapeerd?
J: “Onder mijn appartement is een Afrikaanse markt waar we die religieuze sjaals – versierd met bijvoorbeeld gouden muzieknoten of de tekst “I love Jesus” – kochten, maar dat kraampje heeft ze niet meer op voorraad. De oude verzameling is inmiddels in rook opgegaan. De sjaals waren van zulke delicate stof gemaakt dat ze maar één zweetconcert overleefden.” Hij vervolgt grappend: “Ik wil me echter graag weer wat uitbundiger uitdossen voor onze optredens en zou graag een hoop diamanten in de podiumkostuums verwerken. We zoeken nog een sponsor trouwens.”  
 
Bestaat er volgens jullie zoiets als teveel ‘noise’?
T: “Als je er op bent voorbereid, kan er nooit sprake zijn van teveel noise.”
J (nu in alle ernst): “Het ligt er ook aan hoe de noise wordt vormgegeven. Je moet de juiste balans van lichte en donkere invloeden eraan toevoegen. Vroeger werden we als band erg beïnvloed door screamo, grindcore en sludge metal, maar tegenwoordig begeven we ons meer op een psychedelisch vlak.”
T: “We maken inderdaad een stuk minder herrie dan voorheen.” 
J: “Sommige mensen denken dat we melodieën kapot willen maken en een destructieve energie hebben, terwijl het tegenovergestelde waar is. We zijn het omgekeerde van nihilistisch.”
T: “Wat is dat eigenlijk?”
J: “Uhh…holistisch?”

Na afloop van het op hoog niveau uitwisselen van denkbeelden besloten Jossi en Thomas de stad in te duiken, alwaar ze tot hun grote vreugde werden geconfronteerd met een excessief kwijlend paard.