Tomora: Aurora en Tom Rowlands (The Chemical Brothers) stoeien met chaos

‘We drukken hem niet vaak genoeg in, die grote rode alarmknop’

  • Atze de Vrieze

Tom Rowlands van The Chemical Brothers zag Aurora op Glastonbury. Niet vanaf het veld, maar gewoon op tv. Hij besloot haar uit te nodigen in zijn studio, en dat beviel zo goed dat jaren na hun eerste collab nu een compleet album van het superduo verschijnt.

Push the button. Dat The Chemical Brothers je daartoe willen verleiden wisten we al, maar Aurora doet er nog een schepje bovenop: ‘Ring The Alarm’, heet de eerste single van Tomora, het superduo dat ze vormt met Tom Rowlands. Ring the alarm, druk op de rode knop, trek aan de handrem, fuck ‘emergency only’! Het nummer klinkt als een waarschuwing die zichzelf niet helemaal serieus neemt. Sirenes, een break halverwege die op het randje van ontsporing balanceert, en dan Aurora’s stem: speels, licht, bijna kinderlijk. Alsof iemand je lachend vertelt dat de wereld in brand staat. 

‘We drukken hem niet vaak genoeg in, die grote rode alarmknop,’ zegt Aurora. ‘We zijn gewend geraakt aan dingen die langzaam misgaan.’ Wat ze daarmee bedoelt: de ramp waar ze over zingt - klimaat, technologie, oorlog, ongelijkheid, je kent het rijtje - voltrekt zich zelden in één klap. Het is een sluipend proces. En dus vraagt het om een ander soort reactie: geen paniek maar bewustzijn. Geen stilstand maar beweging. 

Wie het oeuvre van The Chemical Brothers kent, weet dat instorting daar altijd al deel van uitmaakte. Ze hebben door de jaren heen een heleboel tracks gemaakt die halverwege uit elkaar vallen, beats die verdwijnen om vervolgens des te harder terug te keren. Rowlands noemt het bijna een fysieke sensatie: de muziek die ‘ontaardt in een puinhoop’ en je daarna weer op het juiste spoor zet. In Tomora krijgt dat principe een nieuwe lading. Waar het bij The Chemical Brothers vaak puur kinetisch is, een spel met spanning en ontlading, wordt het hier ook emotioneel. Aurora: ‘Als iets instort en daarna terugkomt, ben je dankbaarder dat het er weer is.’

Accepteer de 'social' cookies voor deze 'instagram'-embed.

cookie-instellingen aanpassen

Bekijk deze Instagram post

Bezig met laden...

Thuis voor de tv

‘Ik dacht eerlijk gezegd niet dat het ging gebeuren.’ Tom Rowlands had Aurora voor het eerst gezien op Glastonbury Festival. Niet eens op het veld, maar gewoon vanaf de bank, op tv. Hij was onder de indruk van de mystieke Noorse popzangeres en wilde wel met haar samenwerken, zoals The Chemical Brothers in de loop der jaren met een heleboel verschillende vocalisten werkten, van Noel Gallagher tot Q-Tip, van Beth Orton tot St. Vincent.

Hij stuurde een mail. Wachtte. Kreeg geen antwoord. Dacht: laat maar.

Tot er ineens wél een reactie kwam. Aurora stapte op het vliegtuig vanuit Bergen, alleen, richting Engeland. ‘Een sprong in het diepe,’ noemt Rowlands het. Binnen een half uur in de studio wisten ze genoeg: dit werkt. Er was geen vooropgezet plan, maar er was een klik. Aurora kende Tom’s werk al langer, al kwam dat niet vanzelf. Ze groeide op met weinig muziek in huis: wat Bob Dylan, Leonard Cohen, een beetje Enya. Geen elektronische muziek en al helemaal geen clubcultuur. Tot ze zelf begon te zoeken. Een gateway werk was gek genoeg niet een van de Chemical Brothers-klassiekers uit de jaren negentig, maar de soundtrack die ze maakten voor de film Hanna uit 2011, met Kate Blanchett en Saoirse Ronan. ‘Zo hoopvol en speels, maar ook zwaar en vreemd,’ zegt ze. ‘Alles wat deze wereld ook is.’ 

De samenwerking resulteerde in eerste instantie in The Chemical Brothers single ‘Eve Of Destruction’, op hun negende album No Geography uit 2019, en vervolgens leverde Rowlands een wilde remix van Aurora’s ‘Animal’. Dat smaakte naar meer, en dus is er nu Tomora’s Come Closer, een album dat zeker niet alleen maar van die bangers als ‘Ring The Alarm’ bevat. Zo is er het weirde titelnummer ‘Come Closer’ en het nog raardere ‘A Boy Like You’, dat begint als een soort auditieve desoriëntatie - een geluid dat zich langzaam je hoofd in boort - en ontvouwt zich daarna tot iets sensueels, iets dat bijna tegen je fluistert. Aurora hoort er een personage in: een wezen dat meer weet dan jij, dat je aankijkt en een beetje met je speelt. ‘Ik weet nog precies hoe je me dat eerste geluid liet horen, Tom’, zegt Aurora. ‘Ik dacht: het maakt me niet uit wat hierna komt, het is nu al goed!’

Accepteer de 'social' cookies voor deze 'spotify'-embed.

cookie-instellingen aanpassen
COME CLOSER

In je eentje op de dansvloer

Rowlands moet lachen als ze het zo terughaalt. Voor hem zit de lol van de samenwerking in dat soort momenten: een geluid laten horen en kijken wat er gebeurt. ‘Dat is het mooie van werken met Aurora,’ zegt hij. ‘Je speelt iets af en zij hoort meteen een hele wereld.’ En dan kan het inderdaad alle kanten op. Het ene moment sta je nog met je handen in de lucht bij iets dat prima op een festivalweide kan werken, het volgende moment zit je ineens in een soort schemerzone waar het tempo eruit is en de focus verschuift naar sfeer. ‘Een album hoeft niet elf keer hetzelfde trucje te doen,’ zegt Aurora. ‘Het is juist leuk om te kijken: wat zit er allemaal in?’

Kernbegrip van de plaat is natuurlijk verbinding, immers: come closer. Maar grappig genoeg is er ook een nummer dat juist ‘See Me Dance Alone’ heet. Niet als zielig moment, zoals Robyn’s post break-up anthem ‘Dancing On My Own’, maar juist het tegenovergestelde: als vrijheid. Aurora: ‘Ga het gewoon eens doen. Naar een club zonder vrienden, zonder plan. Desnoods met een andere beat in je hoofd dan de rest.’