De queer woede van MUNA
Amerikaanse synthpopgroep over hun fans, LGBTQ+ rechten en Palestina
‘SILK…! Chiffon. That’s how it feels, oooooh when she’s on me.’ Vier jaar geleden klonk MUNA nog als pure queer euforie. Maar hoe vier je dat in een tijd waarin LGBTQ+-rechten steeds verder onder druk staan? Naomi McPherson: ‘Ik denk niet dat we een nummer als “Silk Chiffon” in 2026 nog hadden kunnen schrijven.’
Het grootste compliment om als artiest te krijgen: dat jouw muziek een belangrijke rol heeft gespeeld in iemands leven. Precies dat compliment krijgt MUNA regelmatig, de Amerikaanse queer-popgroep van Katie Gavin (zij/haar), Naomi McPherson (die/diens) en Josette Maskin (zij/die).
Zo’n tien jaar geleden verscheen de band op de gaydar van jonge LGBTQ+’ers dankzij de heartbreak-bangers op hun debuutplaat Around U. Hun muziek is de perfecte soundtrack voor het leven als jonge (gay) twintiger: jezelf proberen uit te vogelen, nét iets te lang blijven hangen in situationships en dan ontdekken hoe hard liefdesverdriet kan hitten. Maar boven alles liet MUNA zien hoe sexy, vrij en joyful queer-zijn is.
Josette: ‘Tot op de dag van vandaag ben ik er verbaasd over dat we zo’n effect hebben op mensen. Uiteindelijk zitten wij ook gewoon met z’n drieën in een studio: we maken muziek, krijgen ruzie, zijn weer vrienden, dat soort dingen. Gisteren hadden we ook een event en toen dacht ik ineens: “Wie zijn al deze mensen eigenlijk?”’
Naomi: ‘Jo is gewoon nog steeds in shock dat wij fans hebben.’
Josette: ‘Maar echt! We leven in een vreemde wereld waarin het makkelijk is om je losgekoppeld te voelen van echte mensen, juist omdat zoveel van ons leven zich online afspeelt. Maar toen wij opgroeiden hadden we ook wel idolen, hoor. Zoals Tegan en Sarah. Het voelde zó sick om een queer band te zien die gewoon compleet hun eigen ding deed.’
Naomi: ‘En hun muziek is enorm invloedrijk geweest voor vrijwel iedereen die nu popmuziek maakt, of die artiesten zich daar nou bewust van zijn of niet.’
Tot hun vorige self-titled album bleef MUNA nog een niche binnen de queer-community, maar toen ze voor hun derde plaat tekenden bij het label van Phoebe Bridgers waren ze niet meer te missen: ‘Silk Chiffon’ (inclusief een videoclip gebaseerd op queer cultclassic But I’m A Cheerleader) werd een officieel queer-anthem. Afgelopen vrijdag verscheen hun vierde album: Dancing On The Wall, de meest zweterige, directe, sexy synthpopplaat van MUNA tot nu toe.
'Queer woede, wanhoop en agressie'
MUNA’s vierde album is vooral ook een donkere en politieke plaat. Want hoe ziet een viering van het queer-zijn eruit in een Amerika dat de rechten van LGBTQ+’ers eigenlijk alleen maar inperkt? Zo gaf het Hooggerechtshof recent meer ruimte aan ‘conversion therapy’-achtige praktijken, en transvrouwen zijn opnieuw doelwit van wetten en regels die hen uitsluiten van sportteams die aansluiten bij hun gender. MUNA klinkt bozer, krachtiger en directer. Katie: ‘Met alles wat er nu gebeurt, wordt het emotioneler om over queer-joy te schrijven. We hebben met dit album ons best gedaan om die joy te behouden, maar geven ook ruimte aan de queer woede, wanhoop en agressie. Mijn queer-vrienden in de entertainment-industrie merken merken dat het niet meer "populair" is om queer artiesten te steunen. Maar weet je, wij gaan gewoon door met wat we doen, ongeacht wat de regering voor ons in petto heeft. En dat is eigenlijk de grap: queer en trans mensen zullen blijven bestaan, wat je ook probeert te doen.’
Naomi: ‘Ik denk niet dat we een nummer als “Silk Chiffon” in 2026 nog hadden kunnen schrijven. We zijn allemaal politiek betrokken mensen die zich heel bewust zijn van de tijd waarin we leven. Wat er gebeurt, zowel in Amerika als daarbuiten, is totaal beschamend en verschrikkelijk. Het zou vreemd voelen om een album te maken dat alleen maar over queer joy gaat.’
Accepteer de 'social' cookies voor deze 'youtube'-embed.
Buiten de bubbel
Thuis in Los Angeles zit MUNA in hun veilige queer-bubbel. ‘Maar het is ook heel belangrijk om in contact te komen met mensen buiten je hipster gay vrienden,’ zegt Naomi. ‘Katie en ik gaan vaak samen naar een gym waar echt bijna alleen van die bodybuilding mannen komen. Ik vraag me dan altijd af wat voor podcasts ze luisteren op hun koptelefoon. Dat zou vast iets zijn waar ik het niet mee eens ben, denk ik dan. Maar laatst was ik een sessie aan het afmaken en zo’n gespierde guy met een shirt met de Amerikaanse vlag erop komt ineens naar me toe om me te helpen. Dat kan natuurlijk ook gewoon.’
Josette: ‘Vooral als we op tour zijn, realiseren we ons hoe goed we het hebben in LA. Juist op plekken waar een show misschien niet eens uitverkocht is, merken we hoeveel impact het kan hebben: voor sommige queer mensen is het daar misschien wel de eerste keer dat ze anderen zoals zij ontmoeten en zich echt veilig voelen.’
Big Stick
Zo’n t-shirt zul je MUNA zelf niet snel zien dragen. Integendeel: tijdens een van hun eerste shows stond de band nog op het podium in shirts met ‘Fuck Trump’ erop. Op Dancing On The Wall is ‘Big Stick’ hun meest politieke nummer tot nu toe. ‘We give kids in Palestine PTSD, but we’ll never fucking ever give ‘em something to eat’, sneert Katie. Voordat Dancing On The Wall uitkwam, hadden fans de mogelijkheid om ‘Big Stick’ te kopen voor vijf dollar, waarvan alle opbrengsten naar Pal Humanity gingen, een organisatie die mensen in Gaza steunt. Katie: ‘Ik ga zo veel mogelijk naar protesten. Ik ben bijvoorbeeld bij veel demonstraties geweest tegen ICE in Los Angeles, en ik ging laatst naar een solidariteitsactie voor huurders in Chinatown die uit hun woningen worden verdreven. Tegelijkertijd stond dat protest ook in het teken van solidariteit met Palestijnen die ontheemd zijn geraakt. Een oude man hield daar een speech die me zo diep raakte dat ik ervan moest huilen.’
Naomi: ‘Ik denk vaak aan de activisten van Palestine Action in de UK, en aan hoe hard zij juridisch zijn aangepakt. En ook aan de kritiek en controle waar Kneecap mee te maken krijgt omdat ze zich uitspreken over Palestina. Soms is het best beangstigend om je uit te spreken. Maar we voelen gewoon heel sterk dat het het juiste is om te doen. Ik merk dat de publieke opinie langzaam begint te verschuiven. Steeds meer mensen zien in dat dit niet oké is. Uiteindelijk moet je blijven geloven dat het tij kan keren.’
Accepteer de 'social' cookies voor deze 'spotify'-embed.