Dj en producer upsammy valt al jaren internationaal op met haar constante zoektocht naar origineel geluid. Daarvoor is ze al op menig bouwplaats en natuurgebied aanbeland. In deze Maand van de DJ een interview met de Amsterdamse over Londen en Berlijn, de schoonheid van onkruid en een eigen plek vinden op de dansvloer. ‘Ik kan niet zo goed tegen mensen die me iets proberen te leren.’

Soms komen geluiden op een onverwacht moment op haar af. Laatst nog, in het Amsterdamse havengebied met de vrieskou in de lucht. ‘Er lagen allemaal dunne ijsschotsen en door de stroming wreven ze over elkaar’, vertelt dj en producer upsammy. ‘Het was een heel hoge frequentie. Een soort knisper. Het voelde als een kunstinstallatie. Het ijs was gewoon aan het praten.’ Die kreeg ze in haar schoot geworpen in het toevallig voorbijfietsen, maar de Amsterdamse Thessa Torsing gaat voornamelijk zelf op zoek. Oftewel, de jas aan en op strooptocht naar de klanken waarmee ze zich al vanaf jonge leeftijd onderscheidt. upsammy: ‘Die eigen sound begon vooral toen ik me ging focussen op eigen geluid maken. Dat deed ik bij m’n eerste EP’s niet per se. Dan zet je minder een stempel. Al stond op m’n eerste EP ook de track ‘Zona’, waar het al wel in zat. Een beatfocus. Een geluid dat ik heb gesampled van de gitaarsnaren. Een raspje. Alle individuele geluiden zijn daar eigen. In ‘Another Place’ van die EP zit nog een 909. Dat zou ik nóóit meer doen. Het leukste aan elektronische muziek is dat je heel erg bezig bent met het vormen en kneden van je eigen geluid.’

En dus gaat ze naar buiten, gewapend met een Zoom-opnameapparaat, en komt ze uit op plekken waar weinigen muziek bij associëren. De bouwvakkers moeten weleens verwonderd op hebben gekeken wat die donkerharige jongedame allemaal aan het uitspoken is op hun terrein. upsammy in haar studio op de NDSM-werf: ‘Ik heb een nummer gemaakt dat helemaal uit bergafval is opgebouwd. Dat lag op straat naast een huis dat werd verbouwd. Daar ben ik op gaan slaan, ik heb er een nummer mee gemaakt dat later uit zal komen. Het bergafval werd een instrument. Ik zie er de schoonheid van in.’ De klanken die ze vangt zijn geen invulling van haar muziek, maar een startpunt. ‘Ik ben heel erg vanuit de vorm gaan werken. Niet van: ik voel me verdrietig, dus ik ga een verdrietig lied maken. Al gebeurt dat ook nog wel. Maar wat ik doe komt meer vanuit ideeën over hoe we de wereld inrichten. Hoe we dingen afbreken en opbouwen, zoals huizen, parken en wegen. Dat wil ik omzetten in muziek.’ Dus blijft ze lopen, kijken, luisteren. upsammy: ‘Het is als een archeoloog de omgeving verkennen en opnemen. En soms ook iets provoceren. Door iets aan te raken. Tegenwoordig neem ik ook meer geluiden van mezelf op. Lichaamsgeluiden. Het is interessant hoe je als persoon je omgeving kunt dirigeren. En ik houd altijd van borrelgeluiden. Zoals bij water.’

Eigenlijk staat de nieuwe EP Bend voor een overgangsfase. Niet eens als een bewust statement, het zijn simpelweg tracks die ze nog wilde delen. Maar de transformatie die ze doormaakt van haar vorig jaar op Dekmantel verschenen album Zoom naar het toekomstige album, is wel degelijk op deze 4-track EP te horen. In opener ‘Flutter’ zit nog wel de melodie en de melancholie die ook op het warme Zoom had gepast, een album dat goed gedijt bij deze tijd van gesloten dansvloeren en juist vraagt om aandachtige beluistering van alle details. Het is niet toevallig dat de video’s van de tracks ‘Extra Warm’ en ‘It Drips’  bestaan uit één close-up shot van een oever. upsammy: ‘Dan ga je vanzelf op zoek naar dingen die je niet meteen ziet. Je blijft scannen. Wat zit daar precies? Dat heb ik tenminste. Ik vond het bij de muziek passen. Die was vrij simpel. Dingen herhaalden zich, maar toch was er ruimte om iets nieuws te ontdekken.’ Haar instagram is nooit gevuld geweest met decks, publiek, en uitzinnige festivaltenten. Wel met natuur die op onverwachte momenten van zich laat horen. Zo ook op de cover van Bend waar onkruid tevoorschijn komt bij asfalt en steen. upsammy: ‘Ik vond het een bijzonder contrast. Dat er iets tussendoor groeit en z’n gang gaat, terwijl het niet zo is ingericht.’

De EP bevalt ook de nieuwe afslag van de altijd zoekende dj en producer. Dat is te horen op ‘Spat’ en ‘Worm’  upsammy: ‘Die zijn meer op de vorm, op het materiaal, op de textuur. Er zit chaos in en onheil en geen kern die zegt: dit ga je voelen bij deze muziek. Sommige nummers hebben bijna geen toonsoort meer. Die kant ga ik nu op. Ik probeer de harmonieuze melodieën wel terug te laten komen, maar minder overduidelijk en minder repetitief.’ upsammy formuleert doordacht en precies. Ze is niet bang om een stilte te laten vallen op zoek naar het juiste woord. Eigenlijk is de dj in haar taal net zo zorgvuldig als in haar muziek. Thorsing heeft nooit veel interviews gegeven, liever liet ze haar muziek spreken. Zoals met Zoom, waarmee ze zich vooral richtte op het hoofd van de luisteraar, als een geluidsinstallatie om de zintuigen op los te laten. ‘De muziek die ik nu maak gaat weer meer naar het lichaam toe. Met meer aandacht voor basfrequentie en ritmes. Maar het houdt altijd de prikkeling voor het hoofd.’

Thessa Torsing groeit op in Naarden, waar ze al op jonge leeftijd een viool in handen krijgt. Ze heeft niets met alle partituren die voorschijven hoe je iets moet spelen. upsammy: ‘Ik kan niet zo goed tegen mensen die me iets proberen te leren. Ik wil het zelf ontdekken, ook al gaat het langzamer. Maar dan vind ik wel m’n eigen manier.’ Gitaarspelen krijgt ze op de middelbare school onder de knie door Youtube-filmpjes te kijken. Torsing komt in een indierockbandje terecht dat ze samenvat als ‘verschrikkelijk slecht’. upsammy: ‘Ik kreeg de hele tijd het verwijt dat ik hetzelfde speelde. Toen al aan de loopjes.’ Het Willem de Zwijger College in Bussum is zo’n ‘ontzettende kakschool’ waarvan wegvluchten het allerbeste is, en dat kan ze als drie vrienden op het idee komen om illegale raves te organiseren. Ze haakt aan en wil ook wel draaien, wat ze nog nooit heeft gedaan. upsammy: ‘Ik sloeg aan op de feesten, niet eens op de muziek. Ik ben gaan draaien met alles wat ik kon vinden. New York house, ook trance, dubtechno, echt alles. Dan gingen mensen dansen. We begonnen op een geheime locatie in Hilversum met een partytent, een soundsystreem, wat lichten en een aggregaat om stroom op te wekken. Voor iets van 40 mensen. We gingen ook een keer naar Nederhorst den Berg, een ontzettend cool plekje in een bunker, en uiteindelijk in het Science Park in Amsterdam, langs het spoor voor 400 mensen. Sicke feesten.’ Haar voorkeur groeit naar muziek die niet echt in een genre te vatten is. Maar ja, wie op een rave komt wil knallen. Bij de laatste rave vindt ze back to back met Job Oberman alias Oceanic een gaatje. ‘We hebben heel snelle experimentele drum-’n-bass gedraaid. Dat ging heel goed. Het heeft wel de snelheid die bij een rave past, veel energie en bas. Dus daar zit een mooie tussenweg in.'

upsammy

Er komt een herkenbaarheid in de muziek van upsammy, met haar liefde voor late 90’s early 00’s idm met die glitchy geluiden, haar eigenzinnige ambient, de complexe struikelritmes. Ze leert Sjoerd Oberman kennen en komt op de roemruchte Paerels-verzamelaar van zijn label Nous’Klaer terecht. Vrij emotioneel, noemt ze die twee tracks. upsammy: ‘Die periode in m’n leven was heel tumultueus. Ik was best jong. Ik zat volop in de fase van mijn leven waarin je niet weet wie je bent en wat je precies doet. Het was vrij chaotisch. Ik was net begonnen aan de kunstacademie. Ik had een vriendinnetje waarmee het aan en uit ging, dat was ook nieuw voor me. Dat resulteerde in die nummers.’ Niet alleen het maken van muziek, maar ook de scene wordt haar uitlaatklep. ‘Ik was all over the place. Ik moest er achterkomen hoe interactie met mensen werkte. Dat klinkt raar, maar… ik ben altijd een beetje verlegen geweest. In deze periode gooide ik me juist in het diepe. Ik ging met heel veel mensen om. De structuur van school was weg, nu kon ik het zelf doen. Ik ging de vrijheid benutten. Ik werd een onrustiger persoon dan daarvoor. Het is relatief, hoor. Voor anderen zou het nog steeds heel braaf zijn.’

upsammy: ‘Ik ben door die wereld beter met mensen geworden. En minder introvert. Al zijn er nog steeds momenten dat ik moet opladen als ik veel interactie heb gehad. Ik ben niet zo van de smalltalk. Dat kost me veel energie. Maar het zijn dingen die je leert als je veel contact hebt. Ik ben een dj, ik word opgehaald van het vliegveld. Dan zeg ik wel: ja, mooi weer is het hè. Dan vind ik het ook oprecht leuk om het over het weer te hebben.’ Ze grijnst. ‘Al ga ik er dan ook net te lang op door. Want die wolk, dat is toch zo’n soort wolk. En hoe ontstaat die eigenlijk? Enzovoort, enzovoort.’   

Het internationale leven van de dj krijgt een opkontje door Ben UFO die meteen voor de muziek van upsammy valt. Hij nodigt haar uit een show voor zijn rinse.fm-uitzending te maken. upsammy: ‘Toen was er veel interesse vanuit de UK. Ik weet niet of het ermee samenhing, maar ik denk het wel. Want Britse dj’s steken elkaar aan. Dat is iets moois in Engeland. Het is echt een community. In Nederland zit elektronische muziek ook in de basis, maar in Engeland zijn er altijd innovatieve stromingen geweest. Constant op zoek naar iets nieuws. Sommige sets van mij landen daar beter dan bijvoorbeeld in Berlijn.’ Maar staat Berlijn ook niet bekend om honger naar het nieuwe? ‘Ja, maar sommige pinnacle venues kunnen best traditioneel in hun opvattingen zijn. Willen ze toch een house-set horen. Zo’n plek als de Panoramabar in de Berghain heeft van zichzelf al een mood. Een fijne mood, maar je moet wel concessies doen. Dat is niet erg. De kracht van de dj is flexibel kunnen zijn. Dat is soms lastig. Want je bent ook artiest. En als artiest wil je geen enkele concessie doen.’

Aanvankelijk had ze naar eigen zeggen een bord voor haar kop. ‘Dan draaide ik een zaal leeg en dacht ik: het maakt me niet uit, want ik vind het vette muziek.’ Daar is ze anders over gaan denken. ‘Een upsammy-set is geslaagd als ik allemaal mensen heel raar heb zien dansen. En niet allemaal hetzelfde. Dat je mensen een beetje ziet denken: wat voor lijpe plaat is dit? En dan gaan bewegen.’ Het is iets waarvoor een dj sterk in de schoenen moet staan. Het gros van de platendraaiers wil bij voorkeur een non-stop dansende menigte voor de neus, met misschien wat afwisselingen in intensiteit. upsammy laat haar set afhangen van het publiek en de plek waar ze draait, maar als het allemaal klopt, is trekt ze haar ideale wereld open. ‘Het heeft iets raars om een dansvloer te benaderen van: "Ik ga jullie iets bijbrengen." Dat is een vervelende houding. Maar soms gebeurt het toch. Dan is er een vette track waar ikzelf op een bepaalde manier op beweeg. Soms merk ik: shit, niemand weet wat hij ermee moet, het idee van dit nummer zat in mijn hoofd. Maar je moet het wel doen. Zo ben ik als dj gegroeid. Je moet heel erg je moment kiezen.’

Ze mist hem, de dansvloer. Omdat er iets moois zit in de gemeenschappelijke frequentie. Het samen bewegen. Het is een plek die voor haar lijkt gemaakt: ‘Je bent heel erg op jezelf maar tegelijkertijd met iedereen.’ Dat haar album Zoom zo goed werd opgepikt heeft ze nu thuis beleefd, dus ook dat Lena Willikens, Four Tet en natuurlijk Ben UFO haar track ‘It Drips’ zo goed hebben opgepikt. Live heeft ze dit niet mogen meemaken. ‘Dat is iets wat ik een beetje heb weggestopt. Waar ik niet aan wil denken. Het gaat nu via de digitale wereld. Van: oh, ik sta in een Spotify-playlist of een mix. Ik leef er niet voor, maar ben er wel blij mee. Ik heb Ben UFO heel hoog zitten. Hij kan alles draaien. Alles. Hij draait weleens minimal-platen waarvan ik denk: ja, het is heel vet als hij het doet.’

Het is wachten op het moment dat de zalen weer opengaan en upsammy weer gesprekjes kan voeren over het weer, maar nu biedt het leven vooral orde. De gemiddelde dag? ’s Ochtends drinkt ze koffie, het fijnste moment van de dag. Ze leest om haar brein wakker te maken, zoals momenteel in het boek Sonic Warfare van kode9 over hoe geluid als oorlogsmiddel ingezet kan worden. Als ze naar de studio hier op de NDSM-werf gaat zit ze er tot vroeg in de avond. Een burgerlijk ritme, geeft ze toe. Hier maakt ze ook de geprezen NTS-sessies waar ze conceptueel en artistiek zoveel in kwijt kan. Ze laat op haar computer de muziek zien die ze op één dag vindt: een archief waar de ferventste bibliothecaris nog van onder de indruk is  ’s Avonds kookt ze zelf, ze is begonnen aan typische corona-hobby’s als inleggen en broodbakken. En niet onbelangrijk, het hardlopen. Het idee van een marathon was een beetje te ambitieus, maar een afstand van 26 kilometer is gewoon al afgevinkt.

Bovenal heeft deze periode haar meer rust en hederheid gegeven naar haar omgeving toe. upsammy: ‘Het is een soort bewustwording van de wereld om me heen. Op mijn vorige album zat nog een romantisch gevoel. Nu ben ik in lelijke dingen schoonheid aan het vinden en ze bloot te leggen.’ Dus blijft ze luisteren en luisteren. En luisteren. Ook nog altijd naar Björk. ‘Als ik in een bepaalde stemming ben, zet ik Vespertine op. Dan doe ik alle lichten uit en lig ik in het donker met een koptelefoon op en draai ik het hele album. Niemand doet dat meer, volgens mij, een album waar je de tijd voor neemt. Het is iets wat ik mezelf steeds meer aanleer. Echt luisteren.’