Dinosaurussen die niet kapot te krijgen zijn Dinosaurussen die niet kapot te krijgen zijn

Blue Cheer in de Effenaar op 8 april

, Tekst: Guido Segers ,

Dinosaurussen die niet kapot te krijgen zijn

Blue Cheer in de Effenaar op 8 april

Tekst: Guido Segers , ,

“Ga jij ook de dinosaurussen bekijken?”, hoor ik iemand zeggen bij de ticketbox van de Effenaar. Blue Cheer is niet de jongste band in hun soort. Sterker nog, ze zijn meer de opa’s van de stonerrock. Ook wel betiteld als de papa van Metal gaat Blue Cheer al iets meer dan veertig jaar mee.

Blue Cheer in de Effenaar op 8 april

Dat is dan wel weer anders bij het voorprogramma INFA (Inharmonic Noises From Above) die nog geen drie jaar bestaan. Toch klinken ze alsof ze ook een jaar of dertig bezig zijn. Duidelijk is dat ze er zin in hebben. Misschien zijn ze even vergeten dat ze slechts het voorprogramma verzorgen, want het gaat wel een beetje ver. Maar dan is het toch tijd voor de ‘dinosaurussen’ van vanavond. En inderdaad; de jongste zijn ze niet meer. Geen gegooi met gitaren of rare sprongen meer voor deze krasse oudjes. Zanger/bassist Dickie Peterson ziet er een beetje uit alsof hij net uit een tijdmachine gestapt is vanuit de jaren zeventig. Dat wil niet zeggen dat hij en zijn makkers geen snoeiharde rock ’n roll kunnen produceren. Oordopjes zijn bij Blue Cheer een must. Met een aantal nummers van de nieuwe plaat, ironisch getiteld ‘What doesn’t kill you…’ met drie skeletten op de hoes, en natuurlijk wat klassiekers zoals ‘Summertime Blues’, blaast de band vrolijk door. Tussen wat nummers door kondigt zanger Dickie nog even aan dat de band in de prijzen gevallen is bij High Time magazine. Een prijs voor de gehele carrière en een tweede voor het beste wiet-lied van het jaar. De band is trots. Ze houden namelijk wel van wiet. Vervolgens dreunen ze onverstoord verder met moddervette rock die voor mij de inspiratie zou zijn om het woord stonerrock te gaan gebruiken, want je hoeft niets te gebruiken om je stoned te voelen op deze muziek. Na een carrière die langer duurt dan de meeste huwelijken, voelen de bandleden elkaar erg goed aan. Dat blijkt ook tijdens het laatste nummer, wat een met solo’s lang uitgerekte versie is van ‘Doctor Please’, wanneer gitarist Duck McDonald en drummer Paul Whaley zich even flink uitleven. Een dokter komt er bij deze band echter niet aan te pas. Dan is het niet al te laat gedaan en de bandleden delen handjes uit en lopen het publiek in. Er zullen genoeg oude bekenden te vinden zijn onder de fans.
Tags

nu op 3voor12